Geranium

De geranium, een plant waar je vroeger nog niet dood, laat staan levend, achter gevonden wilde worden, kan weer. Hetzelfde geldt voor de sanseveria, de clivia, en verschillende vetplantjes. Maar het ging mij om de geranium. Ik vond dat ik eraan toe was een geraniumbezitter te zijn. Okee, onder mijn bewind is in vroeger tijden zelfs een lidcactus afgestorven, maar inmiddels ben ik ouder en wijzer en kan ik een gezin verzorgen. Dan zou één geranium toch ook moeten lukken? Een geranium kan, als je het bejaardentehuis erachter even wegdenkt, iets heel elegants hebben. Japans, haast.

Ik dus naar het tuincentrum. En ik laat het werkwoord hier even weg, zodat alvast duidelijk is dat alles anders verliep dan de bedoeling was.

Daar aangekomen de hele winkel doorgekard met zo’n grote kar. Nergens een geranium. Nog een keer gezocht. Niets. Gelukkig was er een benaderbare medewerkster. „Pardon, mag ik een vraag stellen?” stelde ik de vraag eigenlijk al. „Maar natuurlijk!” zei de vrouw. „Ik zoek een geranium, weet u waar die staan?” Nou, die waren er helemaal niet, want het was daar helemaal de tijd van het jaar niet voor. „Wanneer dan wel?” vroeg ik. „Maart misschien!” zei de vrouw, „maar reken maar liever op april”. Ze had al te vaak klanten gehad die een half jaar op een plant gingen zitten wachten om zich uiteindelijk nog steeds te vroeg bij haar te melden. „April”, zei ze nog een keer.

Nou, prima, ik ben niet iemand die als ze een geranium in haar hoofd heeft, ook per se nú een geranium moet. Misschien ben ik in april ook wel weer over die hele geranium heen. Dat zien we dan wel weer.

Wat ik wel opmerkelijk/vreemd/maatschappelijk relevant vond was dit: in een tijd dat ik in november frambozen kan kopen in een willekeurige supermarkt, kan ik dus geen geranium kopen in een plantenspeciaalzaak. Waarom is dit? Moeten die uit Kenia komen? En zijn we daar in de tuincentrumbranche tegen? Is er een handelsverbod, of concurrentiebedervende subsidie op de Nederlandse geraniumteelt? En dan nog: het is toch in eerste instantie een binnenplant? Die dus niet per se aan seizoenen doet?

Ik wilde mezelf niet nog meer voor gek zetten en wierp deze punten dus maar niet op. „Okee, bedankt!” zei ik opgeruimd en pakte een zak potgrond, met een air alsof ik die toch ook al nodig had gehad. Hoewel het er bij nader inzien misschien juist nog tragischer uitzag: alvast potgrond kopen voor de plant die ik nog maandenlang niet in bezit zal hebben.

Paulien Cornelisse is cabaretier en schrijver.