IJslanders vestigen hun hoop op de Piratenpartij

Verkiezingen

Na de financële crisis en politieke schandalen maakt de Piratenpartij zaterdag goede kans de tweede partij van IJsland te worden.

Foto Frank Augstein/AP

De IJslanders, met vikingen als voorouders, die piraten als machthebbers kiezen. Het klinkt bijna als een grap. Maar deze zaterdag, wanneer de verkiezingen plaatsvinden in het Scandinavische land, zou dat zo maar werkelijkheid kunnen worden.

De relatief jonge Piratenpartij – bestaande uit hackers en privacyactivisten – is actief in tientallen landen, en op landelijk niveau alleen vertegenwoordigd in IJsland. Ze hebben nu 3 van de 63 zetels, maar volgens de peilingen zouden ze zaterdag de grootste, of de tweede partij kunnen worden in het parlement, de Althingi genaamd.

En dat betekent dat het land radicale veranderingen kan ondergaan. De piraten willen directere vormen van democratie invoeren, de natuurlijke hulpbronnen nationaliseren, de Amerikaanse klokkenluider Edward Snowden asiel verlenen en volledige transparantie van alle overheidsdiensten.

Vertrouwen herwinnen

De Piratenpartij wil vooral het politiek vertrouwen dat de afgelopen jaren is beschadigd terugwinnen van de IJslandse kiezers. Afgelopen april bleek uit de Panama Papers dat de vrouw van de toenmalige IJslandse premier Sigmundur David Gunnlaugsson een offshorebedrijf beheerde op de Britse Maagdeneilanden. Dat beheerde obligaties van drie IJslandse banken die in 2008 omvielen als gevolg van speculatie. In het land dat iets meer dan 330.000 inwoners telt, gingen uit protest hiertegen meer dan twintigduizend mensen de straat op. Met aanhangers van de Piratenpartij voorop eisten ze het aftreden van de centrumrechtste premier.

Sinds de bankencrisis van 2008 gelden er voor IJslanders nog steeds financiële beperkingen, ze mogen bijvoorbeeld niet altijd kapitaal aanhouden in andere valuta.

„Door de gebeurtenissen van de afgelopen jaren is het niet zo gek dat er ruimte is voor de opkomst van een nieuwe partij die zich buiten het establishment plaatst”, zegt Eva Önnudottir, politieke wetenschapper aan de Universiteit van IJsland in de hoofdstad Reykjavik. „Het vertrouwen in de politiek was door de bankencrisis in 2008 al laag. De regering die daarna kwam, moest bezuinigingen doorvoeren, waar de bevolking ook niet op zat te wachten. Toen het nieuws over de Panama Papers bekend werd, werd wederom het vertrouwen in het establishment geschonden.”

Wat de inhoud betreft, verschilt de IJslandse Piratenpartij niet veel van de partij in andere landen. Ze vecht voor privacyrechten en internetvrijheid en heeft een jonge achterban. Maar in IJsland heeft de partij een stokpaardje dat de partij in andere landen niet heeft, zegt Guðjón Idir, die de fractie ondersteunt in het parlement.

„We willen een nieuwe grondwet invoeren.”

Die grondwet is een paar jaar terug samengesteld door een constitutionele raad. De meerderheid van de kiezers stemde, in een niet-bindend referendum, voor die nieuwe grondwet. „Maar deze regering heeft die nog steeds niet ingevoerd. Ze zien het gewoon niet als prioriteit”, zegt Idir.

„De huidige grondwet kregen we toen we in 1944 onafhankelijk werden van Denemarken. Het is echt tijd voor een nieuwe.”

Kiezers krijgen volgens de mogelijk nieuwe grondwet onder meer de kans om middels petities nieuwe wetten te initiëren.

Hoe reëel is de kans dat de piraten zaterdag de grootste worden? „Ik denk dat de drie parlementsleden die ze nu hebben zichzelf de afgelopen tijd hebben bewezen”, zegt politieke wetenschapper Önnudottir. Hoewel de Piratenpartij relatief jong is, heeft ze volgens Önnudottir veel vertrouwen opgebouwd. Daardoor zal ze de tweede partij van het land worden, verwacht ze. De kans dat de huidige linkse oppositie na zaterdag samen met de Piratenpartij de regering gaat vormen, schat ze op vijftig procent.

Klaar om te regeren

Moet de Piratenpartij niet bang zijn dat de groei te snel gaat? „Misschien voldoen ze wel niet aan de verwachtingen die mensen nu hebben en verdwijnen ze straks langzaam uit de IJslandse politiek”, zegt Önnudottir.

Binnen de partij leeft die angst volgens fractiemedewerker Idir niet. „Nee, we zijn klaar om te regeren. Het is een luxe om te denken dat we nog vier jaar kunnen wachten op een nieuwe grondwet. De kiezers moeten meer zeggenschap krijgen, vooral na alle corruptie die hier heeft plaatsgevonden”, zegt hij.

„Er zijn IJslandse kandidaat-politici die genoemd worden in de Panama Papers en die nu nog steeds proberen de politiek in te gaan.”