We maken zo veel meer foto’s dan vroeger - hebben ze nog waarde?

Iedereen heeft wel één album vol vergeelde foto’s uit zijn jeugd. maakte al 3.000 foto’s van haar baby. Hebben die nog waarde?

Foto fotodienst NRC

18 foto’s in de metro, waarvan 9 vrijwel identiek omdat Ezra’s kleine vingers de fotoknop op het schermpje hadden gevonden. 2 foto’s bij het Nederlandse consulaat waar we zijn paspoort aanvroegen en hij, geboren in Amerika, voor het eerst in zijn leven een Nederlandse vlag zag (fotomomentje!). En nog 4 foto’s van ons op straat.

Dat was maandag. De dag ervoor tel ik 10 babyhoofdjes met donshaar in het fotoalbum op mijn telefoon. En zaterdag zat hij voor het eerst met zijn vader achter het stuur van een auto. Ik heb 10 foto’s waarop hij het stuur probeert op te eten.

Sinds Ezra op 1 april werd geboren, heb ik bijna 1.500 foto’s genomen. Ik denk dat er nog geen honderd zijn waar hij niet op staat. Dat zijn 1.400 foto’s in zo’n 200 dagen. Gemiddeld 7 per dag. Tel daar de foto’s die zijn vader in zijn telefoon heeft staan bij op, de gigabites die zijn grootouders en tantes volschoten toen ze op bezoek waren en de plaatjes die onze vrienden maakten en we gaan waarschijnlijk richting de 3.000. Ezra is nog geen 7 maanden.

Mijn eigen babyfoto’s

Ik kan me de fotoboeken die bij mijn eigen ouders op zolder liggen, goed voor de geest halen. Een babyalbum, met lichtbruine kaft, bevat enkele tientallen foto’s. Als kind vond ik vooral de foto’s uit het ziekenhuis – ik lag een tijd in de couveuse – enorm intrigerend. Ik als klein hommeltje achter het glas. De witte plakkertjes op mijn lichaam bijna net zo groot als mijn hele buik. Ik zie de foto’s nog steeds voor me.

„Ik had nooit gedacht dat mijn telefoongeheugen nog eens vol zou raken.”

Net als de foto van mij en mijn oudere zus op de bank in bij elkaar passende jaren tachtig-outfitjes een paar jaar later. En de foto van mij en onze katten. Die van mij met een enorme bos haar bij de kerstboom. En die van mij en mijn zus op bezoek bij ons pasgeboren buurmeisje, de baby onhandig op onze kinderknieën balancerend.

De foto’s uit mijn kindertijd zijn, in mijn hoofd in ieder geval, vrijwel allemaal iconisch. Omdat ik er graag naar keek en er, toen ik eenmaal een eigen, roze fototoestelletje had, graag aan bijdroeg met mijn foto’s van ons gezin, de katten en mijn teddybeer Bob.

Maar zelfs met die eigen bijdrage, ben ik in mijn volledige kindertijd nooit aan meer dan enkele honderden foto’s gekomen. Laat staan 3.000. Gaat Ezra alle foto’s die momenteel mijn telefoongeheugen opslokken, überhaupt ooit zien? Of heb ik, met mijn constante neiging om bij ieder glimlachje mijn telefoon te pakken, mijn zoon zijn eigen iconische kinderfoto’s, zijn fotoherinneringen, ontnomen?

Een boel favorieten

Als ik mijn zorgen in mijn ‘moedergroep’ gooi met moeders die ook in april een kind kregen, blijk ik niet de enige die bij ieder ‘momentje’ naar haar telefoon grijpt. „Ik had nooit gedacht dat mijn telefoongeheugen nog eens vol zou raken”, zegt Jen, moeder van Anderson.

Het beperkte telefoongeheugen dwingt haar om alle foto’s behalve haar absolute favorieten van haar telefoon te wissen. Jen: „En dan blijven er nog steeds veel over. Ik heb een boel favorieten.”

Omdat Jen zich zorgen maakt dat deze foto’s in de toekomst nooit meer dan een vluchtige blik tijdens het scrollen gaan krijgen, is ze van plan haar favorieten in een album te bundelen. „Ik heb echt het idee dat scrollen door digitale foto’s minder gevoel oproept dan foto’s in een boek bekijken”, zegt ze.

Foto Fotodienst NRC

Foto Fotodienst NRC

Elke maand een fotoboekje

Ook Erin, moeder van Elise, doet haar best haar dochters foto’s uit de ‘digitale vergetelheid’ te houden. Zij heeft een app waarmee ze maandelijks een boekje samenstelt waar haar dochter straks doorheen kan bladeren. Laura en haar man plaatsen dagelijks hun beste foto’s van Benjamin op een Tumblr-pagina voor de familie. En Jeizel en haar man maakten een gmail-account aan voor zoontje Asher waarnaar ze regelmatig hun favoriete beelden met een korte omschrijving van het moment sturen. „We zijn van plan hem het wachtwoord te geven als hij oud genoeg is om het op prijs te stellen”, zegt ze.

Vooral voor de ouders

Evangelos Niforatos van de Università della Svizzera Italiana doet onderzoek naar het effect dat technologie heeft op het maken van herinneringen. Hij wijst me er meteen op dat onze kinderen zich later niks zullen herinneren van de momenten die we nu, in overvloed, vastleggen. „Babyfoto’s hebben vooral een sentimentele waarde voor de ouders. Maar het is best mogelijk dat het kind er niet veel om zal geven.”

„Het is lastig om in te schatten hoe onze kinderen met al deze informatie zullen omgaan in de toekomst”

Onze zorgen hierover zullen vanzelf verdwijnen, meent Judith Myers-Walls, hoogleraar Human Development and Family Studies van Purdue University. Want iets dat mijn generatie bijzonder vond, is niet direct speciaal voor de generatie die nu geboren wordt, . „Alles verandert zo snel. Mijn ouders wisten ook niet hoe ze met een tv moesten omgaan toen wij er een in huis kregen. En mijn man en ik hadden geen idee wat we met computers aanmoesten toen de kinderen klein waren. Jonge kinderen zullen hier straks beter mee omgaan dan jullie. Zij groeien op met een computer in hun zak.”

Heus, zegt Myer-Walls, ook jullie kinderen hebben straks hun iconische kinderfoto’s. Alleen dan misschien in een andere vorm dan we nu gewend zijn.

Clifford Lynch van de Coalition for Networked Information vermoedt dat dit in ieder geval niet in geprinte vorm zal zijn. Hij voorziet dat fysieke fotoalbums alleen bij speciale gelegenheden nog gemaakt worden en dat de bulk aan familiefoto’s, digitaal bewaard zal worden. „In plaats van een schoenendoos vol foto’s, wordt in de toekomst wellicht een harddrive of cloud vol met afbeeldingen doorgegeven van generatie op generatie.” En dat zal waarschijnlijk een ongeorganiseerde ‘schoenendoos’ zijn, aangezien het niet waarschijnlijk is dat mensen die enorme hoeveelheid foto’s die ze nu maken, daadwerkelijk gaan uitzoeken. „In ieder geval niet een substantiële hoeveelheid.”

Lynch waarschuwt er wel voor voorzichtig om te gaan met cloud-diensten. „Ga er niet vanuit dat ze altijd blijven bestaan. En vergeet niet je data mee te nemen als je van dienst verandert.”

Kans op iconische foto’s vergroten

„Het is lastig om in te schatten hoe onze kinderen met al deze informatie zullen omgaan in de toekomst”, zegt Kiti, moeder van Aria. „Maar ik zie voor me hoe Aria straks in haar tienerjaren een virtuele tour neemt door alle data aan foto’s en video’s die wij nu van haar maken.”

„Soms vrees ik dat de lachjes die ik vang net zozeer op de telefoon gericht zijn als op mij.”

Om de kans op ‘iconische foto’s’ te vergroten, kun je best een selectie maken, zegt Niforatos. En bekijk die dan samen met je kind. „Als jij later met je zoon naar zijn babyfoto’s kijkt, haal jij herinneringen op aan de tijd dat hij een baby was. Hij zal zich de momenten herinneren dat jullie samen naar zijn foto’s keken. In beide gevallen krijgen de beelden zo een emotionele waarde.”

Foto’s horen bij deze tijd

Stoppen met foto’s nemen, hoeft in ieder geval niet. Foto’s horen, zeker met een fototoestel in je broekzak, nou eenmaal bij onze huidige cultuur en bij de tijd waarin kinderen nu opgroeien, zegt Myers-Walls. Maar, zegt ze, help je kind bij het navigeren van deze digitale tijd. „Leer je kind dat het niet nodig is om altijd foto’s te maken.” Ze wijst op onderzoek waaruit blijkt dat mensen die tijdens een vakantie foto’s nemen van hun omgeving zich hier later minder van herinneren dan mensen die om zich heen keken. „Waak er voor dat je de ervaring vangt en niet alleen de foto. En laat je telefoon eens thuis als je naar het park gaat.”

Maar het allerbelangrijkst, zegt ze, is dat de greep naar de camera niet de interactie met het kind in de weg zit. „Het is belangrijk om terug te lachen als hij lacht, hem te imiteren, en niet alleen maar een foto te nemen.” Of, zoals Andersons moeder, Jen, het verwoordt: „Soms vrees ik dat de lachjes die ik vang net zozeer op de telefoon gericht zijn als op mij. Ik zweer je, Apple test hun producten op baby’s, want hij is er door geobsedeerd.”