Overlopen mag, maar doe het snel

Pers en politiek Haagse journalisten die voorlichter worden? Volstrekt aanvaardbaar, vinden ze zelf. Maar niet iedereen vindt het kunnen.

Politiek verslaggever Frits Wester van RTL Nieuws werkte eerder als campagneleider van het CDA. Foto Martijn Beekman/ANP

Ja, Pieter Klein was wel verbaasd toen hij het nieuws vernam. Natuurlijk had de adjunct-hoofdredacteur van RTL Nieuws wel verwacht dat de chef van zijn Haagse redactie op een dag iets anders zou willen. „Het zou een keer ophouden.” Maar toen Kees Berghuis hem in maart 2015 kwam vertellen dat hij een nieuwe baan had, was de verrassing bij Klein toch groot.

Wát die nieuwe baan van Berghuis was, verbaasde Klein dan weer iets minder: hoofd voorlichting van de VVD-Tweede Kamerfractie. „Ik wist waar Kees vandaan kwam, en hoe hij persoonlijk in het leven stond.” Voordat Berghuis in 2006 in dienst trad van RTL, werkte hij als politiek assistent van VVD-vicepremier Gerrit Zalm.

Kees Berghuis was één van de opvallendste ‘overstappers’ van de afgelopen tijd op het Binnenhof. Het is een bekend fenomeen: Haagse verslaggevers die de journalistiek verruilen voor een baan als voorlichter, meestal bij een ministerie. Het betaalt goed en de werktijden zijn minder onvoorspelbaar. Na jarenlang van buitenaf verslag te hebben gedaan, willen ze wel eens zien hoe het werkt in de ‘binnenkamer’ van de macht. En ze zijn zeer gewild: met een oud-journalist haal je iemand binnen die weet hoe de media werken – een grote pre in de wereld van de overheidscommunicatie.

Niet naar een koekjesfabriek

Eén van de eerste journalisten die voorlichter werd, was Hans Hillen: in 1983 ging hij van de NOS naar het ministerie van Financiën. Later werd hij Kamerlid en minister voor het CDA. Recente overstappers zijn Karen Zandbergen, de Haagse chef van Trouw die naar Sociale Zaken vertrok en Radio 1-verslaggever Marcel Bril, die voor het ministerie van Onderwijs ging werken. Die twee ministeries zijn de afgelopen jaren ook de gretigste afnemers geweest van oud-journalisten. De Haagse redactie van de NOS geldt als hofleverancier voor Haagse departementen.

Soms keren voorlichters ook weer terug naar de journalistiek. Pieter Klein onderbrak bijvoorbeeld zijn dienstverband bij RTL Nieuws om een paar jaar bij Financiën te werken. Stephan Koole was chef politiek bij het AD en daarna hoofd woordvoering bij drie departementen. Nu is hij chef politiek bij RTL Nieuws – als opvolger van Kees Berghuis.

Als je voorlichter wordt, vinden sommige oud-collega’s je nog wel eens een overloper: je wordt onderdeel van de macht die je eerst controleerde. Toch is zo’n overstap moreel aanvaardbaar, vindt Job Frieszo. Hij was jarenlang het Haagse gezicht van het NOS Journaal, tot hij in 2004 directeur communicatie werd bij het ministerie van Economische Zaken. Frieszo: „Journalistiek is een ambacht, voorlichter ook. Het gaat erom dat je in je hoofd onafhankelijk bent.” Bovendien bleef hij als voorlichter de publieke zaak dienen. „Ik ben niet voor een koekjesfabriek gaan werken.”

Maar, zeggen overstappers, er bestaat wel een verschil tussen overstappen naar een departement of naar een partij. „Als je naar een partij gaat, word je echt deel van een politieke familie”, zegt Peter Blok, die deze zomer de NOS verruilde voor het ministerie van Sociale Zaken. „Alles is natuurlijk politiek in Den Haag, maar zo’n overstap doet meer wenkbrauwen fronsen dan de mijne.” Job Frieszo: „Hoe gekleurder de functie, hoe moeilijker de overstap.”

Haagse journalisten die fractievoorlichter of zelfs Kamerlid worden, doen dat vrijwel altijd via een tussenstap. Er is maar een handjevol Haagse verslaggevers dat ooit rechtstreeks is overgestapt naar de politiek. Het laatste spraakmakende geval dateert uit 1997, toen de journalisten Marleen Barth (Trouw) en José Smits (Volkskrant) een verkiesbare plek kregen op de PvdA-lijst. Dat leidde tot gemor bij hun voormalige collega’s: waren de redacteuren niet maandenlang ‘stiekem politicus’ geweest? „Mijn betrokkenheid voor de PvdA zat in mijn hart, en de manier waarop ik als journalist mijn werk heb gedaan, zat in mijn hoofd”, zei Barth er destijds over in de Volkskrant.

Niet meteen op de kieslijst

Wanneer vertel je het je baas? De meeste journalisten doen dat pas als alles rond is, want een chef kan op dat moment maar één ding doen: je per direct op non-actief stellen. Het is dus zaak dat een sollicitatie zo kort mogelijk duurt, zeggen overstappers. „Hoe korter hoe beter”, zegt Peter Blok. „Bij mij duurde het maar enkele weken.”

Bij Kees Berghuis duurde dat langer. Hij had zijn eerste gesprek over een eventueel Kamerlidmaatschap, met VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra, vier maanden voordat hij vertrok bij RTL. Dat was op uitnodiging van Zijlstra, die al zeker een half jaar wist dat Berghuis mogelijk geïnteresseerd was. Later sprak Berghuis ook met de Permanente Scoutingscommissie van de VVD, die op dit moment de laatste hand legt aan de kandidatenlijst. Pieter Klein, zijn baas bij RTL, was niet op de hoogte van die gesprekken, zo bevestigt hij.

VVD wil grenzen dicht? Boeiend!

Het liep anders. In maart 2015 werd besloten dat het hoofd woordvoering van de VVD-fractie zou stoppen. Binnen een paar dagen was de VVD rond met Berghuis als diens opvolger. Pieter Klein van RTL Nieuws zegt dat Berghuis in zijn beleving „op geen enkele manier geprobeerd heeft de berichtgeving te sturen.” In de columns die Berghuis in de maanden voor zijn overstap schreef op de site van RTL, is hij geregeld kritisch over de VVD.

Er is één uitzondering: zijn laatste column, die verscheen op de dag voordat zijn overstap bekend werd. Daarin schreef Berghuis over een asielplan van de VVD: alle Europese grenzen dicht voor asielzoekers. „Boeiend”, noemde hij het voorstel.

Huub Evers, media-ethicus en lid van de Raad voor de Journalistiek, is kritisch over Berghuis’ handelswijze. „Als je de ambitie hebt om voor de VVD in de Kamer te gaan, kun je dat niet onder de pet houden, terwijl je ondertussen die partij kritisch volgt. Zelfs als het je verslaggeving voor de buitenwereld niet beïnvloedt.”

Berghuis wil niet reageren, behalve met het volgende statement: „Ik sta niet op de kandidatenlijst voor de volgende Tweede Kamerverkiezingen.”