Recensie

Agnes Obel verrast zonder succesformule

In het nummer ‘Familiar’, op haar nieuwe album Citizen Of Glass, duikt een buitenissig mannenkoor op dat de lieflijke zangstem van Agnes Obel lijkt te beklagen en bespotten. Dit onverwacht ironische commentaar is een van de verrassingen op Obels derde plaat. Want de Deense sirene houdt niet vast aan haar succesformule van ijle liedjes met pianobegeleiding.

Op Citizen Of Glass is de piano juist minder prominent. Haar zang wordt nu omkleed door pizzicato bespeelde cello’s en zacht galmende strijkers. Er is getokkel op de harp en een assortiment aan efemere klanken die als waterdamp tussen zang en strijkers hangen. De liedjes zijn gevoelig maar krachtig, met ijle cello’s die hun stoere strijkkracht hervinden, een prachtig mozaïek van percussie en marimba in bijvoorbeeld ‘Golden Green’, en een vanouds kwinkelerende piano in ‘Mary’.