In Bulgarije doen kindmigranten alles om te overleven

Balkanroute Bulgarije blijkt een gevaarlijk doorreisland voor jonge migranten. Tijdens hun tocht staan ze bloot aan levensbedreigende omstandigheden en eenmaal in een vluchtelingencentrum zijn ze vaak op zichzelf aangewezen.

Massoud (13, rechts) uit Logar, Afghanistan en Shingol (10, geel shirt) krijgen te eten in een vluchtelingenopvang in Sofia. Foto Jodi Hilton

„We zijn niet bang”, zeggen Ahmad (15) en Muhammad (14) op de stoep voor een vluchtelingenopvang in de Bulgaarse hoofdstad Sofia. Wat kunnen ze zeggen? De twee Koerden uit het Syrische Kamishli hebben de donssnorretjes, tengere lichaamsbouw en onzekere glimlach van jonge pubers. Terwijl ze gulzig een stuk pizza naar binnen werken, houden ze hun gezicht vergeefs in een stoere plooi.

Foto Jodi Hilton

De Syrische Ahmad (15) en Muhammad (14) op de stoep voor een vluchtelingenopvang in de Bulgaarse hoofdstad Sofia. Foto Jodi Hilton

In deze vluchtelingenopvang in Sofia worden de twee permanent omgeven door mannen die twee keer zo oud zijn: op hun kamer, in de rij voor voedsel en hier op straat. Ook elders voelt het niet veilig, vertellen de bewoners van de opvang: lokale criminelen persen migranten af en slaan hen. Zelfs van de politie kregen ze al klappen, vertellen Muhammad en Ahmad. Als om hun punt kracht bij te zetten, verschijnt een pantserwagen vol anti-oproer-agenten. Met machtsvertoon jagen ze ons weg van het trottoir. De jongens vertellen hoe een mensensmokkelaar ze achterliet bij de opvang en niets meer van zich liet horen. Hoe moeten ze verder richting eindbestemming Duitsland? Muhammad haalt de schouders op.

Lees ook dit verslag van Roeland Termote uit Belgrado: Hier is het voor de vluchtelingen niet veilig

Alleen reizen

In 2015 telde de wereld 31 miljoen kindmigranten, stelt een recent verschenen rapport van het VN-kinderfonds Unicef. Van hen komen 11 miljoen in aanmerking voor bescherming onder de VN-vluchtelingenconventie: twee keer zoveel als tien jaar geleden. Bijna de helft komt uit Syrië en Afghanistan. Zij overspoelen nog altijd de vluchtelingenroute door Turkije en de Balkan. Een groot aantal reist alleen.

Soms gaat het om wezen. Maar, zo stellen veel ngo’s langs de migratieroute vast: vooral Afghaanse families zenden massaal hun oudste zonen uit, ook als die nog heel jong zijn. Ze hopen in Europa meer kansen te hebben dan in het zieltogende Afghanistan. Meer dan een decennium oorlog, algemene onveiligheid en „lage menselijke ontwikkelings-indicatoren” zijn volgens Unicef belangrijke drijfveren. „Veel families sturen hun kinderen liever naar Europa dan hen te laten rekruteren door Talibaan of milities”, zegt Linda Awanis, directeur van de Raad voor Vluchtelingenvrouwen, een ngo die hulp biedt in Bulgaarse vluchtelingenkampen.

Tijdens hun tocht staan ze bloot aan levensbedreigende omstandigheden, ook in de EU-landen. Zowel bij de oversteek over de onherbergzame Turks-Bulgaarse grens als op de overzeese route naar Griekenland lopen ze gevaar, waaronder geweld door smokkelaars of ordediensten. Veel vluchtelingen stierven afgelopen jaar door onder meer verdrinking, onderkoeling en schietincidenten.

„Op de route worden kinderen vaak blootgesteld aan uitbuiting, mensenhandel en seksueel misbruik,” schreef de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR in 2015 in een rapport. UNHCR-medewerkers rapporteerden gevallen van kinderen die ‘overlevingsseks’ hadden met mensensmokkelaars als wisselgeld om hun reis te kunnen voortzetten.

Tekst gaat verder na de video:

Wantoestanden

Niet alleen bij mensensmokkelaars of op straat zijn kindmigranten kwetsbaar. In vluchtelingencentra van de Europese overheden zijn ze vaak net zo goed op zichzelf aangewezen. Dat toont ook de praktijk in Bulgarije, voor velen de eerste kennismaking met de EU. Net begeleide minderjarigen worden opgevangen in aparte afdelingen „in het belang van de kinderen, schrijft de Bulgaarse asielautoriteit in een e-mail.

In werkelijkheid hokken talloze kinderen samen met volwassenen die ze niet kennen, stelde NRC vast tijdens een bezoek aan het asielcentrum van de provinciestad Charmanli en bij gesprekken in opvangcentra in Sofia.

Dat leidt tot allerhande wantoestanden, zegt Awanis van het Centrum voor Vluchtelingenvrouwen, inclusief seksueel misbruik.

„Kinderen zeggen dat ze tegen hun wil worden aangeraakt door volwassenen. Ze nemen hun geld en voedsel af, laten hen de kamers schoonmaken. In plaats van de volwassenen te laten zorgen voor de kinderen, moeten de kinderen voor hen zorgen.”

In Charmanli is een handvol personeelsleden aanwezig om orde te houden in een centrum met tweeduizend bewoners. Veel foute praktijken gebeuren na kantooruren, zegt Awanis. „De veiligheidsmensen doen niets.

Ook Griekenland, het andere toegangspunt tot de Balkanroute, kampt met een gebrek aan controle in de officiële vluchtelingenkampen. The Observer berichtte onlangs dat er kinderen niet ouder dan zeven jaar seksueel misbruikt werden.

De Bulgaarse ombudsman neemt de meldingen van Awanis’ ngo serieus, aldus tweede ombudsvrouw Diana Kovatsjeva. Zij verwacht dat de Bulgaarse overheid eind 2016 zo’n 4.000 gevallen van alleenreizende kinderen heeft geregistreerd. „Het gaat om kinderen in gevaar”, zegt ze in haar kantoor in het centrum van Sofia. Haar organisatie dringt bij de regering aan om eindelijk werk te maken van speciale afdelingen voor kinderen.

Volgens de Bulgaarse wet moet elk kind bovendien begeleid worden door een juridische vertegenwoordiger; dat systeem werkt niet. „Sinds eind 2015 behandel ik 150 zaken,” zegt een anonieme vertegenwoordigster in Sofia. Doordat de regels onduidelijk zijn en er weinig tijd is, komt ze nauwelijks toe aan het behartigen van de belangen van de kinderen. In een andere gemeente werd de lokale postbode aangewezen als juridische vertegenwoordiger voor tientallen kinderen.

Foto Jodi Hilton

Kinderen in een vluchtelingenkamp in Sofia. Van Links naar rechts: Atlel (10) uit Afghanistan, De Syrisch-Koerdische Ahmed (15, in het rood) en Mohammed (14, in het zwart) zeggen alledrie alleen te reizen. Foto Jodi Hilton

Kinderen-met-een-missie

Medische testen om na te gaan hoe oud migranten zijn, worden nauwelijks toegepast. De autoriteiten nemen de zelf gerapporteerde leeftijd over, als die enigszins geloofwaardig is. En als een kind en een volwassene zeggen dat ze samen reizen, is dat vaak genoeg de minderjarige niet langer als onbegeleid te beschouwen. Of dat ook klopt, is vaak onduidelijk. Voor volwassenen kan het handig zijn: met een kind aan de hand behandelen asielautoriteiten je doorgaans beter dan als alleenstaande. De capaciteit ontbreekt om grondig te verifiëren of minderjarigen en hun begeleiders echt familie zijn. Kovatsjeva:

„De ene dag zijn ze nog hier, de volgende dag zijn ze alweer vertrokken.”

„Kinderen-met-een-missie noemen we hen”, zegt Tatjana Ristic, medewerker van ngo Save The Children in Miksaliste, een dagcentrum voor vluchtelingen in de Servische hoofdstad Belgrado. „Ze hebben vaak het gevoel dat het lot van hun familie van hen afhangt en doen er alles aan hun bestemming te bereiken.”

Foto Roeland Termote

Correspondent Roeland Termote bezocht het Mikaliste-gebouw in Belgrado. Foto Roeland Termote

Belgrado is een knooppunt op de vluchtelingenroutes door zowel Griekenland en Macedonië als Bulgarije. Ook hier slapen ze in vluchtelingencentra, parkeergarages of op straat. In het Miksaliste-gebouw zijn aparte ruimtes waar kinderen spelletjes kunnen spelen en hun reisverhalen samenvatten in tekeningen. De muren zijn behangen met bonte collages met Arabische namen, Afghaanse vlaggen en taferelen uit routeplaatsen.

„Ze tekenen agressieve honden, prikkeldraad: alles wat ze onderweg tegenkwamen”, zegt Ristic. De hulpverleenster was erg onder de indruk van een recente ontmoeting met twee 13-jarige Afghanen die hier in het park sliepen. Beiden waren nog nooit buiten hun dorp geweest, maar al twee maanden onderweg door Iran en Turkije. „In Hongarije liepen ze tegen de grenspolitie aan. Ze werden gebeten door de honden, een van de twee bracht twintig dagen in het ziekenhuis door”, zegt Ristic.

„De tocht had hem voor de eerste keer in zijn leven doen nadenken over zijn eigen sterfelijkheid. Hij moest „een leeuwenhart” tonen voor zijn familie en zwakkere reisgenootje.”

De ngo verwees de kinderen naar de lokale sociale dienst. Die besliste volgens Ristic dat hun beste optie was om gewoon verder te reizen.

Een 12-jarige op pad

Dat is ook wat de Afghaanse Rahman van plan is. Hij zit achter een computer in de kinderhoek op Facebook. „Vannacht vertrek ik naar Hongarije”, zegt de 17-jarige Rahman. Op zijn telefoon toont hij foto’s van vrienden die verwondingen opliepen door de Hongaarse politie. Hij wijst naar een reisgezel in geel T-shirt.

„Dat is Amin. Hij is twaalf jaar, kun je dat geloven? Wat voor ouders sturen een 12-jarige op pad?”

Amin heeft er een lange tocht op zitten, met een maand oponthoud in Turkije. De Bulgaarse politie stal zijn geld en stuurde hem terug naar Turkije. „Soms moet ik huilen.

Gaat Amin straks met Rahman mee? Misschien, misschien niet.

De volgende dag zijn ze beiden nergens te bespeuren. Rond de tafel zijn de stoelen ingenomen door nieuwe migranten met jonge, vastberaden gezichten.