Stevig rondbenen op de tv-beurs, om de zender te vullen

Mipcom

Hoe gaat de handel in tv-programma’s in zijn werk? Op de tv-beurs in Cannes liep NRC achter twee Nederlandse inkopers aan.

Foto REUTERS/Eric Gaillard ©

Mignon Huisman komt aangesneld. Zwarte hakken, een sjaal wappert achter haar aan. Het gesprek bij de BBC, zegt ze verontschuldigend. Het liep uit. Huisman, aankoper buitenlandse series voor de publieke omroep, zat zojuist in de laatste fase van een deal. Ze wilde er zo graag een klap op geven. Maar nu liep het toch nog bijna mis. De BBC wilde meer geld zien. Wat dan? Je poot stijf houden. Niet te eager zijn. Het hele pakket is binnen, zegt ze. Twaalf titels, veel drama, detectives. En nu? Doorlopen natuurlijk. De planken zijn leeg. We moeten kopen, lacht ze. Kopen!

Wie 24 uur televisie per dag uitzendt, kan dat onmogelijk allemaal zelf maken. Dat is te duur. De publieke omroep koopt daarom, net als andere zenders, kant en klare programma’s en series van buitenlandse producenten. Want ook Nederlanders willen Planet Earth 2 zien, een kostbare serie, die de omroepen zo voor een fractie van de werkelijke waarde kunnen uitzenden. Tien procent van al het drama, de speelfilms, documentaires en jeugdprogramma’s die door de publieke omroep uitgezonden worden, is aangekocht.

Dé plek daarvoor is tv-beurs Mipcom, afgelopen week in Cannes. In het Palais des Festivals, een congresgebouw met uitzicht op zee, bouwen tweeduizend tv-bedrijven ieder najaar hun stands op. Een eindeloze slinger marktkramen met posters, goodiebags, flatscreens en zithoekjes waar driftig onderhandeld wordt. Vier dagen lang trekken zo’n vijfduizend inkopers – vaker man dan vrouw, grijs pak, overhemd en laptoptas – op snelheid langs de kramen. De één komt hier om enkele schaarse uren in een uitzendschema op te vullen. Of zoekt naar die ene parel, een onverwachte kijkcijferhit. Andere kopers tikken in één keer spotgoedkoop 600 uur oud materiaal op de kop.

Hoe gaat die handel in zijn werk? Wat zijn de belangen? Wie en wat bepaalt eigenlijk wat u straks op televisie ziet?

Het was toch hier? Mignon Huisman draalt voor een balie heen en weer. Ze zoekt Sky Vision – twee jaar geleden hadden die nog één dramaserie te verkopen, nu een heel boekwerk. Binnen – een gangetje verder – vertelt de verkoper over zijn schema (half acht begonnen, geen lunch) en drukt dan na een supersnelle aanprijzing – „kleurrijk, meeslepend, de eerste twintig minuten full action” – op play voor de trailer. Huisman beweegt haar hoofd ritmisch op de maat van de muziek. „Interessant”, knikt ze. „Wanneer beschikbaar?”. Hij: „Herfst.” En dan grijzend: „Maar we accepteren vandaag al bestellingen.” Zij: „Eerst meer zien.”

Verwaarloos nóóit iemand in Cannes. Een partij die zich vorig jaar nog in de krochten van het Palais bevond, kan dit jaar zomaar een stand betrekken met uitzicht op zee en een catalogus aanbieden die uitpuilt van de monsterproducties. Weinig markten die zo schommelen als deze, leerde Huisman. Met de komst van partijen als Netflix is de concurrentie bovendien moordend. Dat zijn partijen mét geld, en zonder zenderbaas, of dwingend uitzendschema.

Want dat is wat inkopen voor de NPO óók is: puzzelen. Behalve inhoudelijk de moeite waard, moet een serie qua lengte en genre in het uitzendschema van een zender passen: in een ‘slot’. Huisman koopt sinds tien jaar series voor alle publieke omroepen. Daarvoor deed ze dat voor de KRO alleen. Deze week zoekt ze detectives voor de jaarlijkse detectivemaand in juni. Ze heeft in een laat avondslot plek voor een ‘gelaagde crimi’ van 90 minuten en ze zoekt nog dringend naar een kostuumdrama – een echte, dus niet die vermomde actieserie waar ze vanmiddag een stukje van zag. Verder wil ze nog iets moois voor de kerstvakantie. Denk aan dansshow Riverdance, of Cirque du Soleil – „iets vrolijks voor als je op een glas champagne wacht”.

In de weken voorafgaand aan de beurs krijgt Huisman honderden verzoeken voor een afspraak. Samen met collega’s puzzelt ze een strak schema in elkaar – ieder tv-bedrijf krijgt een half uur. Dat gesprek is een snelkookpan: dan moet het gebeuren, zegt ze. „Je moet je relatie verstevigen, informatie verkrijgen, beslissen, onderhandelen. Hier moet je de he-le dag up zijn.”

Foto Reuters/ Eric Gaillard

Foto Reuters/ Eric Gaillard

Een mooi probeerprijsje

Deals komen zelden in Cannes alleen tot stand. Vaker duurt een aankoop maanden. In de tussentijd moet je als geïnteresseerde partij voortdurend in beeld proberen te blijven. Behalve geld speelt namelijk ook de gunfactor mee. Huisman: „Als distributeurs je kennen, kunnen ze jou de aankoop gunnen. Of laten ze je op zijn minst weten dat er een ander bod ligt.”

Ondertussen doen verkopers er alles aan om Huisman en haar collega’s tot meer aankopen te verleiden: „You can see the money on screen” roepen ze bij een trailer. Een dure serie, bedoelen ze. „In België doet dit het ge-wel-dig!” Soms beloven ze een „mooi probeerprijsje”, of voeren ze de druk handig op. „Ze snuffelen eraan” betekent: – de concurrent heeft het script opgevraagd. En als Huisman dan concludeert dat een serie ‘te glossy’, ‘te commercieel’ is voor de NPO, beginnen ze aan de andere kant van de tafel gerust over gelaagdheid. „De karakters worden prachtig uitgediept.”

Jean-Loeck Van Kollenburg - aankoper jeugdseries voor de NPO - hangt zijn colbert losjes over de rugleuning van een stoel in de kelder van het Palais. De verkoper van animatiestudio Aardman krijgt twee zoenen – op z’n ‘beurs’. „Bing doet het heel erg goed bij ons”, zegt Van Kollenburg. Hij doelt op de animatieserie over een driejarig konijn die hij vorig jaar aankocht. Hij heeft er zelf inmiddels al zestig afleveringen van gezien. „De gezichten zijn geweldig expressief.” Alleen Flop, zucht Van Kollenburg – het figuurtje dat in de serie voor Bing zorgt. „Flop is veel te bezorgd”, vindt hij. Blijft dat zo? „Laat ik het zo zeggen: voor Bings toekomst zou het beter zijn als-ie zelf zijn problemen leerde op te lossen.”

Televisie is cultuurgoed, daarvan zijn de twee NPO-inkopers overtuigd. Je komt iedere dag bij de mensen thuis. Dat schept verplichtingen, vinden ze. Het drama dat zij kopen, moet goed zijn, verantwoord, de investering waard. Maar ook divers. Van Kollenburg wil geen gezwollen heroïek, geen platte actie, en mag er alsjeblieft ook een figuur met een brilletje in? Niet voor niets tikt en verstuurt hij zijn biedingen zelf. Voor animatieseries rekent hij vaste tarieven – een minuutprijs. Stop motion is bijvoorbeeld duurder dan het relatief eenvoudige flash.

Maar een bod is nog geen deal. Om allerlei redenen kan een aankoop mislukken. Je relatie met een verkoper kan nog zo stevig zijn, als Disney een zogenaamde global deal wil – wereldwijde rechten voor een serie – dan moet je als publieke omroep alle zeilen bijzetten om Nederland uit dat contract te krijgen. Natuurlijk kiezen distributeurs graag voor de partij met het meeste geld, als je in één keer wereldwijd wordt uitgezonden, is dat aantrekkelijk. Maar omdat behalve een programma uitzenden ook het aantal kijkers van belang is (voor adverteerders bijvoorbeeld) ligt daar soms wat onderhandelingsruimte voor de NPO. Van Kollenburg heeft zijn argumenten klaar: „Wij zenden al járen Barbapapa uit. Komt er een remake uit, dan is het logisch om die ook bij ons uit te zenden. De kijkers zitten al bij ons.”

Nog een dealbreker: de strenge regels waaraan de publieke omroep zich moet houden, in tegenstelling tot bijvoorbeeld commerciële zenders. Verkopende partijen willen aankopers nog wel eens proberen te verplichten om behalve de gewilde serie, nóg een heel pakket films en series af te nemen. Huisman noemt dat gedwongen nering. „Dat doen wij niet. Dus grijp je wel eens mis.”

Foto Mipcom

Het Congrespaleis in Cannes. Foto Mipcom

De markt wordt harder

Of distributeurs stellen uitzendvoorwaarden. Ze eisen dat hun serie primetime wordt uitgezonden, en liefst ook rond de feestdagen. Dat levert – zeker bij kinderseries – namelijk gunstige merchandise- en advertentiecijfers op. Zulke uitzendeisen zijn bij de NPO verboden. Van Kollenburg en Huisman moeten onafhankelijk inkopen, zonder bij te dragen aan de winst van derden. Huisman: „Maar verkopers proberen het natuurlijk wel.”

Inmiddels draaien onderhandelingen allang niet meer om televisierechten alleen. Soms krijgt Van Kollenburg de uitzendrechten, maar sleept Netflix de online rechten binnen voor het betaalplatform. „Wil je een serie dan nog wel hebben?” vraagt hij zich hardop af.

Huisman zegt dat de markt zakelijker is geworden. Zij moet harder werken om een deal binnen te halen en zoveel mogelijk rechten te krijgen voor de omroepsites. Distributiebedrijven worden ondertussen door overnames groter en machtiger: „Het is eten en gegeten worden.” Tegelijk is er ook steeds meer om uit te kiezen: „Programma’s met een script, cast en budget op een niveau dat wij lokaal niet kunnen maken.”