Hoe een Chinees gezin moet vluchten voor ‘verwoestijning’

De interactieve reeks van The New York Times vertelt het verhaal van duizenden mensen over de hele wereld die gedwongen zijn hun leven op te geven als gevolg van klimaatverandering.

Openingsfragment "Living in China's Expanding Deserts". New York Times

Liu Jiali is vier jaar oud en woont met haar ouders in de Chinese Tengger-woestijn. Haar familie bezit een kudde dieren en runt daarnaast een eigen toeristenpark aan de rand van de zandvlakte. Het leven in de woestijn is momenteel drastisch aan het veranderen voor de inwoners van Tengger. De woestijn groeit elk jaar met zo’n 3.300 vierkante kilometer waardoor het gezin gedwongen wordt te vertrekken.

The New York Times maakte een bijzondere interactieve reeks over klimaatverandering, waarin onder andere het verhaal van het gezin van Liu centraal staat. Met tekst, fotografie en film vertelt elke aflevering het verhaal van een inheemse gemeenschap die noodgedwongen huis en haard moet verlaten als het gevolg van het klimaatprobleem en hoe dit hun levens verandert. Inmiddels zijn er vier afleveringen gemaakt, bekijk hier de laatste aflevering: Living in China’s Expanding Deserts”.

Eco-vluchtelingen

De serie maakt duidelijk hoe klimaatverandering levensbedreigende situaties creëert op plekken in de wereld waar mensen nauw samenleven met de natuur. De gevolgen zijn een realiteit voor veel mensen. De grootschalige ontheemding die plaatsvindt leidt tot een steeds groter wordende groep van zogenoemde eco-vluchtelingen.

Hetzelfde geldt ook voor andere bevolkingsgroepen in en rondom de snel groeiende Chinese Tengger-woestijn. De Tengger breidt zich zowel naar twee andere grote woestijnen in het noorden als naar dichtbevolkte steden als Peking uit. De bewoners van Tengger profiteerden jarenlang van een florerende agricultuur aan de randen van de woestijn. Inmiddels is de vruchtbare bodem dorre grond geworden en zijn er steeds meer en grotere zandstormen.

Ruim dertigduizend mensen zijn verhuisd met hulp van de overheid. Nu biedt de overheid ook de familie Jiali een huis aan, ver weg van waar ze nu wonen. Dit betekent dat ze hun kudde moeten verkopen en het toeristenpark moeten sluiten. Ter compensatie betaalt de Chinese overheid de familie Jiali jaarlijks 1.500 dollar (1.380 euro) per ouder en 1.200 dollar (1.100 euro) voor de grootmoeder die bij ze inwoont.

Een ander voorbeeld is de Uru-Murato-gemeenschap in Bolivia die al generaties lang is gevestigd aan het Poopómeer, dat nu zo goed als verdwenen is. Niet alleen wordt op deze manier hun geschiedenis en identiteit als volksstam bedreigd, ook zijn ze minder goed in staat om zichzelf te redden.

Druppel op de gloeiende plaat

De overheid verhuist de ene na de andere bevolkingsgroep. Wie ervoor kiest om te blijven, ontvangt een vergoeding ter compensatie van de slechter wordende oogst. Zulke maatregelen lijken dus met name gericht zijn op symptoombestrijding, in tegenstelling tot het aanpakken van de wortels van het klimaatprobleem.