Column

Nationaal-socialisten als grensbewakers

De Latijns-Amerikaanse reportages van Stef Biemans worden steeds beter. Zijn meesterwerk tot nu toe is de serie Americanos.

Harry en Thora, nationaal-socialisten in Arizona, in 'Americanos' (VPRO).

Op de avond dat Humberto Tan de Sonja Barend Award won voor het beste tv-interview van 2015/16 heb ik een nieuw schrift geopend, met aantekeningen over kandidaten voor 2016/17. En kon meteen al een onverwachte naam noteren.

De Latijns-Amerikaanse reportages van de in Nicaragua wonende Stef Biemans worden steeds beter, vooral omdat hij zichzelf minder op de voorgrond is gaan plaatsen en optimaal de absurditeit van situaties weet uit te vergroten. Eerder maakte hij een programma over het alledaagse machismo in Latijns-Amerika. En met leermeester Frans Bromet had hij een videocorrespondentie waarin ze een vergelijking maakten tussen leven daar en hier. Maar zijn meesterwerk tot nu toe is de serie Americanos (VPRO). Biemans volgt daarin de mannen en soms vrouwen die Donald Trump bad hombres noemt: illegale migranten naar de Verenigde Staten. Hij begon uit te leggen waarom je Guatemala zou willen ontvluchten en voerde ons verder langs bordelen en grensrivieren, drugsbaronnen en corrupte douaniers.

Nadat hij aan het einde van de grensmuur tussen Mexico en Arizona gewoon onder het prikkeldraad is doorgekropen, laat hij zien wie je in de woestijn zoal riskeert tegen te komen. Biemans ontmoet een kunstenares die achtergelaten voorwerpen verzamelt en van commentaar voorziet. Een beha in een boom betekent meestal dat er verkracht is.

Ook zijn er De Adelaars van de Woestijn, vrijwilligers in gele hesjes, die stoffelijke overschotten zoeken en naar het mortuarium van Tucson brengen. Gemiddeld komen er 176 per jaar uit de woestijn, grotendeels van gestrande immigranten.

Het best zijn de interviews, quasi informele gesprekjes waarin Biemans blijft doorvragen. Fantastisch verloopt de conversatie met Harry en Thora, een stel van middelbare leeftijd in camouflage-uniform met een mank hondje. Ze zoeken naar illegale migranten, die ze niet zelf mogen aanhouden, maar wel aan de grenswacht kunnen overdragen.

Tekst gaat verder onder de video

Ze koken chili con carne in de woestijn. Dat is toch Mexicaans eten? Ja, dat kan het zijn, maar niet altijd. Niks mis met tortillas. Of met Mexicanen, hoor. Als ze maar wit zijn.

Het stel is lid van de National Socialist Movement (Nationaal Socialistische Beweging), waarvan ze trots de vlag met swastika ontvouwen. Geen nazi’s, dat is een Europees ding. Ze zijn Amerikaanse nationaal-socialisten. Zou Biemans’ Nicaraguaanse vrouw lid kunnen worden? Alleen als ze blank is. Maar dat is ze niet. En zou haar witte echtgenoot wel lid kunnen worden? Nee, dat zou Harry ontmoedigen.

Na nog wat gemopper over de rotzooi die die lui in de natuur achterlaten, vindt de man in het camouflagepak een zwarte veldfles. Hij neemt de fles mee voor de Duitse herder, die thuis op hem wacht. Die heet Blondie. Net als de herder van Adolf Hitler? Nou, bijna, want die spelde het als Blondi. Je kunt niet precies genoeg zijn in die dingen.

Er zijn wel meer van dit soort Amerikanen. Maar volgens de laatste opiniepeilingen dreigt de traditioneel Republikeinse staat Arizona bij de verkiezingen in november niet door Trump te worden gewonnen.