Column

Klassieker

De Klassieker is gedevalueerd door het midweekse gehannes voor de Europa League. Feyenoord-Ajax past niet in de Europese overkill. Het boet in aan monumentalisme. Het zou een wedstrijd moeten zijn waar volksstammen vanuit een hongerig celibaat geconcentreerd naartoe kunnen leven. Of toch op zijn minst in periodieke onthouding.

Ik herinner me oude Klassiekers. Weken van tevoren werd op en rond het trainingsveld over niets anders gepraat. Je proefde bij spelers de angst voor blessures waardoor ze de Grote Dag zouden missen. De aanhang die zich bij het trainingsveld verzamelde, speelde de wedstrijd wel tien keer onder elkaar. Zowel in Rotterdam als Amsterdam. Een oefening in psychologie en verlangen.

Drie dagen voor de Klassieker zwierf Ajax nog rond in Galicië. Feyenoord speelde tegen een stelletje tweederangs Oekraïeners. Europa met zijn geeuwhonger nam hoe dan ook de charme van de focus op de Wedstrijd van het Jaar weg. Traditie verstikt in commercieel stapelvoetbal.

De clubs bagatelliseren mee. Met doordeweekse praatjes en rekenkunde. Als Feyenoord wint, vergroot het de voorsprong op Ajax tot acht punten. Alsof de wedstrijd op zich geen autonome kracht heeft. Alsof de heroïek van de confrontatie niet op zichzelf staat.

De Klassieker blijft voor mij drama in zwart-wit. Beelden zonder kleur, ook van de tribunes. Je wil de gezichten van de spelers zien, het clair-obscur van emoties. Uiteraard moet gespeeld worden met zwart schoeisel – de fluorescerende voetenkermis moet verboden worden. Er mag best in oude shirts worden gevoetbald, want ook eeuwigheid heeft een verleden.

Voor een keer zouden de coaches van beide teams elkaar mogen bestoken met Trumpiaanse teksten. Of toch met de vocabulaire van José Mourinho. Niemand deugt, leve het volk! Oorlogszucht zit er echter niet in bij Giovanni van Bronckhorst en Peter Bosz. De Ajaxcoach heeft een verleden bij Feyenoord dat hem censureert. Hij heeft De Kuip vele jaren aanbeden en kan ook daarom zondag niet te ostentatief voor zijn dug-out staan te flaneren. Ik raad Bosz aan zittend te coachen.

Het voetbal van Ajax houdt niet over, maar ze winnen wel. Feyenoord is de trotse competitieleider zonder verlies en met meer kwaliteit in het spel. Het is de schoonheid van de omkering: Feyenoord slalomt met de bal, Ajax vecht met de bal. Maar in een Klassieker kan dat zo weer kantelen. Onberekenbaarheid maakt deel uit van de spanning.

Onder Van Bronckhorst heeft Feyenoord ook een culturele revolutie ondergaan. Minder controversieel en spectaculair dan die van Ajax onder Johan Cruijff, maar zeker zo efficiënt. Feyenoord is een familieclub geworden. De saamhorigheid van de spelers gaat verder dan de ruige camaraderie van vroeger. Met dank aan Gio die gevoelig is voor familiale sfeer en vijandigheid weert als instrumentele moraal. De Kuip als oord van beschaving is nog niet helemaal voltooid, maar het gaat de goede kant op. Alleen die onzin van opblaasbananen achter het doel moet meteen hardhandig geruimd worden. Feyenoord is minder afhankelijk geworden van de genade van Dirk Kuijt. Belangrijker is nu Bilal Basaçikoglu als brein van het elftal. Rustbrenger in de regie van Gio.

Ajax moet het hebben van Hakim Ziyech. Hij is op weg de enige echte vedette te worden van de eredivisie. Zo’n speler voor wie ook de tegenpartij graag naar het stadion komt. Totale gekte in de wreef. De vraag is hoe lang Nederland nog van zijn kunsten zal genieten.

Het mooiste van de Klassieker is hoe de massa naar De Kuip strompelt. Duwtjes in de rug en alleen maar gespannen gezichten. Oud en jong, man en vrouw.

In klasseloze vervoering.

Hugo Camps is journalist, columnist en schrijver.