Zwarte Piet: voor wie aandacht wil

Tentoonstelling

De discussie over Zwarte Piet woedt al decennialang, blijkt uit een expositie in het Persmuseum in Amsterdam die donderdag opende. „Tradities veranderen. Misschien willen we straks wel van Sinterklaas af.” 

Sinterklaas wordt geflankeerd door witte en zwarte knechten tijdens de intocht in Amsterdam op 20 november 1965. Foto Joop van Bilsen / Nationaal Archief / Anefo
x

Playboycover uit november 1982.

„Het meest controversiële stuk uit de collectie?” Jop Euwijk, historicus en samensteller van de expositie ‘Zwarte Piet in de media’, loopt naar een ingelijste cover van een Playboy-proefnummer uit 1982. Daarop poseert een halfnaakt blank pin-upmodel, geschminkt als Zwarte Piet. „Die spanning tussen seks en het kinderfeest van Sinterklaas. Ja, daar slaan veel mensen op aan.” Het toont volgens hem maar weer dat je Zwarte Piet „voor alles kan gebruiken als je aandacht wil”.

We staan in het Persmuseum tussen de wanden met spotprenten, reclamefolders, tv-schermen en vitrines met negentiende-eeuwse boeken. Het is nog een paar uur tot de officiële opening. De tentoonstelling moet een beeld geven van de rol van Zwarte Piet door de jaren heen en de discussie daarover in de media.

Boeman wordt kindervriend

Als iets duidelijk wordt, dan is het dat het sinterklaasfeest voortdurend in beweging is. En dat de Zwarte Piet-discussie niet nieuw is, maar van alle tijden. Zo ontwikkelde Sint-Nicolaas zich van een rooms-katholieke beschermheilige tot een fictieve figuur die cadeautjes uitdeelt aan kinderen. En maakte Zwarte Piet de ontwikkeling door van een duistere, zwarte knecht die kinderen in de zak stopt tot goedaardige kindervriend die snoepgoed verspreidt.

In een glazen vitrine ligt een eerste druk van het prentenboekje van de Amsterdamse onderwijzer Jan Schenkman uit 1850, waarin voor het eerst een zwarte knecht wordt afgebeeld. „Hier zien we een Piet die er al lang niet meer zo uitziet”, zegt Euwijk. „In die tijd was het nog een boeman die kinderen schrik aanjaagde.” Het boekje gold destijds als handboek voor de nieuwe Nederlandse sinterklaasviering. Sindsdien komen Sinterklaas en Zwarte Piet met een stoomboot uit Spanje en worden ze onthaald met een intocht.

Collectie Persmuseum

Het prentenboek ‘Sint Nikolaas en zijn knecht’ uit 1850 van Jan Schenkman. Onder: prent uit de uitgave van 1907. Collectie Persmuseum

„Tradities staan niet vast, vroeger ook niet”, zegt Euwijk. Hij wijst naar een zwart-witfoto van koningin Juliana tijdens een sinterklaasfeest in Amsterdam op 21 november 1953. Ze wordt geflankeerd door zowel een witte als een zwarte knecht. Ook een foto van een intocht in de hoofdstad in 1965 toont Zwarte en witte Pieten door elkaar. „Nu hebben we regenboogpieten en stroopwafelpieten. Maar in 1940 zag je ook al witte knechten en blanke Spaanse soldaten naast het paard van Sinterklaas lopen.”

Permanente discussie

De protesten tegen Zwarte Piet ontstaan in de jaren zestig. Hij zou racistisch zijn, stereotyperend en beledigend. Op een cover van weekblad Panorama uit begin jaren zeventig staat een van de eerste Surinaamse migranten in Nederland, verkleed als Sint, die een Panorama-cover met een witte Sint verscheurt. In de jaren tachtig neemt de kritiek verder toe, met name in de landelijke dagbladen. In 1990 zei de Amsterdamse PvdA-politicus Henri Dors in NRC Handelsblad over de zwartepietendiscussie: „Die tackelen we wel, dat is een kwestie van een paar jaar, dan houdt het op.”

Die discussie houdt nooit op, denkt Euwijk. Net zoals er altijd wel redenen te bedenken zijn om een traditie aan te passen. „Misschien krijgen we op een gegeven moment wel discussie over Sinterklaas. Weg met die rare man. Als je bedenkt wat de bisschoppen hebben uitgevreten binnen de Rooms-Katholieke Kerk. Of misschien wordt het snoepgoed een probleem. Al die suikers. Daar was in de jaren zeventig al discussie over.”

Het feest verandert dus altijd. „Een traditie wordt vormgegeven door de mensen die ’m beleven. Het voelt misschien alsof het nu snel gaat, maar dat lijkt maar zo. Vroeger vierden we Pasen en Kerst ook nog een stuk religieuzer. Die paashaas komt heus niet uit de Bijbel en de Kerstman zien we ook niet terug in het evangelie. Vroeger vierde iedereen het sinterklaasfeest lokaal anders. Nu is ineens het Sinterklaasjournaal leidend. Dat is een groot verschil.”

Foto Nationaal Archief / Anefo

Zwartepietpop met fez, witte handschoenen en oorbellen bij de opening van het Haagse Westeinde ziekenhuis door koningin Juliana in Den Haag op 16 november in 1979. Foto Nationaal Archief / Anefo

Ongeregeldheden

Wat ook nieuw is, zegt Euwijk, is het volume van mensen die er iets van vinden, de instituties die zich mengen in het debat (van burgemeesters tot VN-comités), een grotere groep mondige niet-westerse Nederlanders en de opkomst van de sociale media. „Wie vroeger kritiek had op Zwarte Piet, die belde naar een redactie of stuurde een ingezonden brief. Nu zijn er ontelbaar veel sites, blogs en sociale media waar je je mening kan uiten.”

Daar komt bij dat media graag op controverse duiken, zegt Euwijk. „De media hebben er belang bij om de discussie verhit te houden. Dat verkoopt. Wij kregen als museum ook meteen de vraag of we nog ongeregeldheden verwachten naar aanleiding van deze expositie. Protest. Maar je denkt toch niet dat mensen hier met een hooivork naartoe komen? Mensen zouden hier juist moeten komen voor bezinning.”

Sinterklaasintocht in Amsterdam in 1935 met witte pieten: