Column

Tussenbesluit

iljapfeiffer0

Met een zogenaamd tussenbesluit heeft het kabinet afgelopen vrijdag een einde gemaakt aan de zelfstandigheid van ProRail. De spoorwegbeheerder is door die beslissing geen bedrijf meer, dat achter de ruggen van een Raad van Commissarissen moet trachten winst te maken, maar een overheidsinstantie, die verantwoording verschuldigd is aan de minister. De details zijn nog best ingewikkeld. ProRail wordt omgevormd tot een zogeheten zelfstandig bestuursorgaan met rechtspositie en er zijn verschillende experts die daar kritiek op hebben. Ik ben geen expert en het gaat mij niet om de details maar om het principe. En in principe is dit, ondanks de suggestie die uitgaat van het voorzichtige en rommelige woord ‘tussenbesluit’, een spectaculaire ontwikkeling. Ik had bijna ‘revolutionair’ gezegd.

Door de nationalisering is de democratische controle over een fundamentele infrastructuur hersteld.

Want in het goede oude jargon dat door het kabinet angstvallig wordt vermeden, zou je dit nationalisering noemen. Particulier eigendom wordt collectief. Productiemiddelen vallen in de hand van het volk. Karl Marx had volmondig kunnen instemmen met dit tussenbesluit van het kabinet. Het is bijna niet te geloven dat het VVD-smaldeel in het kabinet het hiermee eens is. Margaret Thatcher draait zich om in haar graf. Deze onteigening en nationalisering van de spoorwegbeheerder is een symbolisch omslagpunt, dat recht ingaat tegen het blinde geloof in privatisering en marktwerking dat wordt beleden door de neoliberalen die denken dat ze daarmee de Koude Oorlog hebben gewonnen.

Ook de vraag of we opgetogen of neerslachtig moeten zijn over dit revolutionaire tussenbesluit, kunnen we principieel of praktisch benaderen. Vanuit een principieel oogpunt betekent de nationalisering dat ProRail onder de verantwoordelijkheid van de minister komt te vallen. Dat was ook de belangrijkste motivering van de minister voor haar besluit: ze wil zelf meer controle uitoefenen op het spoorbeheer. Daar kunnen we alleen maar vóór zijn, want de minister kunnen we erop aanspreken als het misgaat. De oude Raad van Commissarissen konden we niet wegstemmen als we onze twijfels hadden over effectieve omgang met vallende herfstblaadjes en vastgevroren wissels, de minister wel. Door de nationalisering is de democratische controle over een fundamentele infrastructuur hersteld. Dat kunnen we alleen maar toejuichen.

Maar de spoorpartijen, de vervoerders en de reizigersorganisatie denken praktisch en zij zijn tegen. Hun belangrijkste bezwaar is dat de meeste problemen op het spoor voortkomen uit het feit dat er geen goede samenwerking is tussen de NS en ProRail en dat de afstand tussen beide door dit besluit alleen maar wordt vergroot.

Maar dit betekent dus dat de meeste problemen op het spoor voortkomen uit de privatisering en splitsing van de Nederlandse Spoorwegen in het verleden. Dit was klaarblijkelijk een verkeerd besluit. En de fout die er nu wordt gemaakt, is niet dat het verkeerde besluit uit het verleden wordt teruggedraaid, maar dat het maar voor de helft wordt teruggedraaid. Als de afstand tussen de NS en ProRail het probleem is, is de oplossing om niet alleen ProRail, maar ook de NS te nationaliseren en beide samen onder de hoede te brengen van de staat en vatbaar te maken voor democratische controle. Dat is, zeg maar, precies zoals het was voordat het in de mode kwam om nutsvoorzieningen en staatsbedrijven in de uitverkoop te gooien.

Want we moeten niet net gaan doen alsof de privatisering van de NS wel een succes was. Van concurrentie op het spoor is nauwelijks iets terechtgekomen. Van angst voor concurrentie wel. Het onrealistisch hoge bod dat de NS uitbracht op de HSL is daar een desastreus voorbeeld van.

Het spoor is te belangrijk om te onttrekken aan democratische controle.