Schooluitval op mbo afgelopen tien jaar gehalveerd

In Noord- en Zuid-Holland vallen de meeste mbo’ers uit, in Friesland is het percentage het laagst.

Koen Suyk/ANP

De afgelopen tien jaar is de voortijdige schooluitval op het mbo afgenomen van 10,8 procent in het schooljaar 2004-2005 naar 5,4 procent in 2014-2015. Dat blijkt uit cijfers die het CBS donderdag heeft gepubliceerd.

Van de 389.000 leerlingen die er in 2014 waren, zaten een jaar later 21.000 daarvan niet meer op school. Zij vertrokken zonder startkwalificatie: een diploma op mbo-niveau 2 of een havo- of vwo-diploma.

In het voortgezet onderwijs verlieten in het schooljaar 2014-2015 ruim vijfduizend leerlingen (0,5 procent) hun school zonder startkwalificatie. Tien jaar geleden bedroeg dit percentage nog meer dan 2 procent.

De dalende trend in de schooluitval van de afgelopen tien jaar wordt daarmee voortgezet. De doelstelling van het vorige kabinet om het aantal voortijdige schoolverlaters in 2016 terug te dringen tot maximaal 25 duizend, is vorig jaar al gehaald, bleek uit cijfers van het ministerie van Onderwijs.

Minister Jet Bussemaker liet vorig jaar weten wel flink in te zetten op het voorkomen van uitval. Scholen die het aantal uitvallers weten terug te dringen, zou ze financieel blijven belonen.

Friesland onderaan

Het CBS constateert dat er regionaal grote verschillen zijn tussen het aantal schoolverlaters op het mbo. Onderaan staan Friesland (3,4 procent), Drenthe en Overijssel (beide 4 procent). In de regio Zuidwest-Friesland was de schooluitval zelfs minder dan 3 procent.

Aan de andere kant van de lijst staan Noord- en Zuid-Holland, met ruim 6 procent. Vooral in de grote steden is de voortijdige schooluitval hoog. In de regio Haaglanden gaat het om 7,2 procent van de mbo’ers, in Amsterdam om 7 procent en in de regio Rijnmond om 6,8 procent.

Ook tussen jongens en meisjes zijn verschillen te zien: 6,6 procent van de jongens verliet het mbo, tegen 4,1 procent van de meisjes. Gekeken naar herkomstgroepen, is het percentage jongeren met een niet-westerse achtergrond onder de uitvallers het hoogst. Ook in die groep is een daling te zien.