Rutte pessimistisch over impasse rond referendum

Oekraïne-referendum

Premier Rutte praat nog niet over een oplossing voor het Nederlandse ‘nee' tegen het associatieverdrag, bleek donderdag op een EU-top.

Foto Bart Maat/ ANP

Wat zou het toch fijn zijn voor premier Rutte om ‘Brussel’ de schuld te kunnen geven van de politieke impasse in Nederland rondom het Oekraïne-referendum. Tegen de EU schoppen als het intern-politiek tegenzit? Een beproefd recept waar menig EU-leider geregeld op teruggrijpt. Maar dit keer kan dat echt niet.

Rutte weet dat zelf ook. Tijdens een top donderdag in Brussel hoorden zijn collega-leiders hem welwillend aan. Ze willen Rutte best helpen bij het vinden van een oplossing die recht doet aan het Nederlandse ‘nee’ tegen het associatieverdrag met Oekraïne, maar ook tegemoetkomt aan de wens van 27 lidstaten om er wél mee door te gaan.

Het probleem is: elk mogelijk compromis wordt tot dusverre afgewezen door de Tweede Kamer. „Ik kan in Brussel niet veel meer doen dan informeel informeren”, zei Rutte vooraf. Over een concrete oplossing praten heeft volgens hem weinig zin „als ik niet zeker weet dat dit in Nederland zal landen en ook acceptabel is voor Kiev”.

Rutte was donderdag niet de enige die met zijn binnenlandse problemen onder de arm liep, en de zijne vallen eigenlijk nog wel mee. De Belgische premier Charles Michel mocht op de top uitleggen hoe hij CETA, het handelsverdrag met Canada, denkt te gaan redden. EU-leiders, inclusief Michel, willen dat volgende week ondertekenen, maar op de valreep is het regioparlement van Wallonië in opstand gekomen.

Hier lijkt, kortom, sprake van een trend. Met wie kan de EU straks nog wel internationaal afspraken maken, als er op nationaal niveau steeds meer spaken in het wiel lijken te komen en de consensus verdampt? Europees ‘president’ Donald Tusk sprak donderdag de hoop uit dat het met de Canadezen nog wel goed komt, maar daarna is de rek er wel uit. „Ik ben bang dat CETA weleens het laatste handelsakkoord zou kunnen worden dat we sluiten.”

Over de toekomst van het Oekraïne-verdrag moet van de Tweede Kamer vóór 1 november duidelijkheid komen. Rutte toonde zich „pessimistischer dan ooit” dat dit lukt, maar is duidelijk niet van plan om de schuld voor het nakende debacle op zich te nemen. Gewoon nee zeggen, waar een deel van de oppositie op aandringt, „is niet zo gemakkelijk”, zei hij. „Nederland is geen eiland, we zijn onderdeel van een geopolitieke context.” De oplopende spanningen tussen de EU en Rusland. De door Moskou gevoede onrust in het oosten van Oekraïne. Syrië. Er is wel wat aan de hand.

Rutte waarschuwde dat de onbuigzame opstelling van de Kamer tot „grote, regionale, politieke en geopolitieke schade” zal leiden. En hij sprak de verwachting uit dat veel zaken uit het Oekraïne-verdrag „op termijn toch toegepast zullen worden”. Ook als Nederland niet ratificeert kan het verdrag op voorlopige basis waarschijnlijk van kracht blijven.

Behalve Rutte en Michel had ook de Britse premier Theresa May, die haar eerste EU-top beleefde, iets uit te leggen. Het geplande vertrek van haar land uit de EU (Brexit) en haar harde retoriek daarover vallen volstrekt verkeerd. „Als mevrouw Theresa May een harde Brexit wil, dan zullen de onderhandelingen ook hard worden”, zei de Franse president Hollande. Ook in die kwestie is het compromis ver te zoeken.