Regel even een visum of een bruid voor me

Immigratie Het vluchtelingendebat is totaal gepolariseerd: iedereen heeft z’n eigen feiten en onderzoeken. Van Houtum en Lucassen voegen daar met het manifest Voorbij Fort Europa hun versie aan toe, een geluid dat nu weinig weerklank vindt.

Migranten op 17 kilometer van de Libische kunst wachten om te worden gered door de ngo Foto AFP

Deze week wapperde mijn Syrische vrouw vrolijk met een brief, afkomstig van de Immigratie en Naturalisatiedienst (IND). Het had Zijne Majesteit de Koning behaagd om akkoord te gaan met haar verzoek tot naturalisatie. Na vier jaar mag zij zich Nederlander noemen.

Het was geen sinecure. Het is haast onmogelijk om je met een vrouw van buiten de EU in Nederland te vestigen door allerlei financiële en inburgeringsvoorwaarden. Zo kwamen we terecht in Oostenrijk, waar we inwoonden bij een oudere dame. Daar bouwden we zogenaamde Europese rechten op waarmee we na zes maanden opeens wél in Nederland mochten wonen.

Terwijl wij gebruik maakten van de mazen in de immigratie-wetgeving, brak in het geboorteland van mijn vrouw een burgeroorlog uit. Ruim vier miljoen Syriërs ontvluchtten hun land en zochten een veilig heenkomen in de buurlanden en de EU. Zo’n 50.000 van haar landgenoten wonen nu in Nederland.

‘Immigratie’ en ‘vluchtelingen’ en ‘integratie’ zijn ingewikkelde thema’s die het publieke debat bepalen. Tenminste, voor zover je nog van een debat kunt spreken. Voor- en tegenstanders van migratie maken elkaar uit voor domme racisten, dan wel collaborateurs die verantwoordelijk zijn voor de uitverkoop van de Nederlandse cultuur. Daarbij wordt ieder statistisch feitje, onderzoekje en nieuwsbericht ingezet om het eigen gelijk aan te tonen. Een Syriër die het eten niet lekker vindt in een asielzoekerscentrum: het bewijs dat het nooit wat wordt met die vluchtelingen. Een groepje Syriërs dat gaat eten met Nederlanders: het succes van de multiculturele samenleving.

Immigratie-experts

Niet lang na de brief van de IND wapperde mijn vrouw met een boek dat per post was gekomen: Voorbij Fort Europa. Een nieuwe kijk op migratie. Hierin kraken ‘immigratie-experts’ Henk van Houtum en Leo Lucassen het huidige Europese immigratiebeleid dat erop gericht is om immigranten uit ontwikkelingslanden zo veel mogelijk buiten de deur te houden. Door middel van fysieke grenzen (het plaatsen van hekken en strenge controles aan de buitengrenzen), maar vooral door een papieren muur (het niet-verstrekken van visa aan inwoners van landen die op een zwarte lijst staan, het vertragen van procedures voor asiel en gezinshereniging en het illegaliseren van migranten). Zie hier het Fort Europa.

Het huidige EU-beleid is volgens de auteurs in strijd met de eigen beginselen. Waar de EU vrij verkeer van personen binnen het eigen grondgebied stimuleert, ontmoedigt ze hetzelfde principe aan de buitengrenzen. Daarbij heeft ze lak aan haar eigen waarden van gelijkheid, democratie en mensenrechten.

Naast het morele bezwaar stellen ze dat het beleid ook nog eens niet effectief is. Hoe hoog je de hekken ook maakt, mensen komen toch wel. Fort Europa zorgt er alleen voor dat vluchtelingen op gammele bootjes de Middellandse Zee oversteken, soms met dodelijke afloop. De hartverscheurende foto van het aangespoelde kindje Aylan staat nog op ieders netvlies. Het maakt migranten bovendien kwetsbaar voor uitbuiting door smokkelaars, mensenhandelaars en andere maffiosi.

De huidige ‘vluchtelingencrisis’ heeft ervoor gezorgd dat het voortbestaan van de EU serieus ter discussie staat. Hoe nu verder?

Als oplossing presenteren de auteurs een politiek manifest waarin wordt gepleit voor een open en proactief immigratiebeleid alsook een ongelimiteerde opvang van vluchtelingen. Dat is volgens de auteurs niet alleen rechtvaardiger en effectiever, maar het biedt ook voordelen voor de ingezetenen zelf. Immigratie is immers noodzakelijk om de vergrijzing tegen te gaan, het voorziet in onze behoefte aan arbeidskrachten voor werk waar we zelf de neus voor ophalen, en het stimuleert de economische groei. De auteurs leunen sterk op neo-liberale arbeidsmarkttheorieën, maar vergeten daarbij het binnenlandse werkloosheidscijfer te vermelden.

Culturele eigenheid

Door zich te concentreren op de financiële voordelen van migratie, gaan ze bovendien wel erg makkelijk voorbij aan de impact die migratie heeft op de culturele eigenheid van een land. De afgelopen decennia zijn bepaalde wijken in onze grote steden veranderd in eilanden die weinig meer met de Nederlandse samenleving van doen hebben.

Botsende normen en waarden hebben geleid tot spanningen tussen bevolkingsgroepen, en terreuraanslagen zorgen voor angst en onzekerheid.

Hoewel ze opmerken dat deze stemmen serieus dienen te worden genomen, doen ze die vervolgens wel af als ‘slecht geïnformeerd’ en ‘ingegeven door populisme’. Het restrictieve beleid van de overheid en suggestieve media-berichtgeving zou primair verantwoordelijk zijn voor angst en verzet onder de bevolking.

Tegenstanders van immigratie beweren vaak dat met een open-grenzen beleid ‘de hele Derde Wereld’ naar Nederland zal komen. De auteurs doen deze voorspellingen af als een ‘hardnekkige mythe’ en ‘apocalyptische’ onderbuikgevoelens ‘die niet gestaafd worden door de feiten’. Ze laten zien dat de werkelijke aantallen migranten vanuit Afrika en Azië gering zijn en stellen dat die door een open visumbeleid niet verder zullen toenemen. Toen het visumvrij reizen voor Roemenen en Polen werd ingevoerd is er immers ook geen sprake geweest van een exodus uit Oost-Europa.

Misschien hebben de auteurs gelijk, maar uiteindelijk kan niemand de effecten van een open visumbeleid echt voorspellen. De vergelijking van Oost-Europa met derde wereldlanden lijkt er een van appels met peren. Het blijft een soort gok om de Europese grenzen volledig open te stellen. Als Merkels ‘Wir schaffen das’ iets heeft aangetoond, dan is het dat wel. Wat ik me kan herinneren van mijn tijd in Egypte en Syrië is dat bijna iedere jongeman mij op een gegeven moment vroeg of ik niet een visum voor Nederland kon regelen (of een Nederlandse bruid). Eén keer heb ik dat ook daadwerkelijk geprobeerd (het visum wel te verstaan), zonder succes.

Opnieuw bleek hoezeer voor- en tegenstanders van migratie in verschillende werelden leven.

Het boek biedt dus genoeg voer voor discussie. Op de dag voor de verschijning ging Leo Lucassen op NPO Radio 1 in debat met VVD-politicus Han ten Broeke. Ten Broeke opteert juist voor een strenger asielbeleid omdat het huidige Fort Europa ‘zo lek is als een mandje’. Opnieuw bleek hoezeer voor- en tegenstanders van migratie in verschillende werelden leven. Terwijl Lucassen het vluchtelingenverdrag met Turkije in zijn boek ‘dubieus’ noemt, sprak Ten Broeke van ‘een spectaculair succes’. Openlijk trokken de debattanten elkaars deskundigheid in twijfel en beriepen ze zich op onderzoeken met diametraal andere uitkomsten. Het debat is inmiddels zo gepolitiseerd dat de gewone burger geen flauw benul meer heeft wat er nu werkelijk van klopt.

Voor de denkrichting van Van Houtum en Lucassen bestaat nu politiek in ieder geval weinig draagvlak. Hoe dan ook geeft het boek inzicht in de complexe thematiek van migratie en biedt het genoeg stof tot nadenken over ons huidige en toekomstige migratie- en asielbeleid.

Ten slotte staat in het boek nog het cliché dat er altijd óver migranten wordt gesproken, maar nooit mét hen. Dat lijkt een stropopargument: de kranten staat vol met interviews met vluchtelingen die zich terecht beklagen over hun situatie.

Dat neemt niet weg dat het nuttig kan zijn om ook mijn vrouw – zelf migrant – de nieuwe kijk op migratie voor te leggen. Ze vond de hele kwestie maar ingewikkeld. Natuurlijk verdienen oorlogsvluchtelingen onze onvoorwaardelijke bescherming. En natuurlijk heeft iedereen die in armoede geboren is, recht op een betere toekomst. Tegelijkertijd maakt ze zich zorgen, omdat ze door de komst van veel van haar landgenoten in Nederland dezelfde cultuur tegenkomt die zij juist probeerde te ontvluchten. ‘Het was altijd mijn droom om in Europa te wonen, omdat ze daar een vrije levenswijze hebben waar het recht van iedereen gewaarborgd is. Ik vraag me alleen af of Europa daar met open grenzen voor kan blijven zorgen.’

Ze begreep ook niet waarom immigranten na een paar jaar in aanmerking komen voor de Nederlandse nationaliteit. ‘De Nederlandse nationaliteit heeft veel voordelen, maar het lost het probleem van botsende identiteiten niet op’, antwoordde ze. ‘Ik heb er geen probleem mee als ik de nationaliteit niet zou krijgen. Uiteindelijk ben ik liever Syriër dan allochtoon.