Nooit slapen om de machtigste in kunstwereld te zijn

Art Power 100

Om bij de machtigen in de kunstwereld te horen is dit jaar politiek activisme en digitale experimenteerdrift een grote pré.

Hans Ulrich Obrist Foto Astrid Stawiarz/ Getty

‘De curator die nooit slaapt’ is de machtigste man in de internationale kunstwereld. De Zwitser Hans-Ulrich Obrist – zijn officiële functie is artistiek directeur van de Serpentine Gallery in Londen – is dit jaar de nummer één in de jaarlijkse Art Power 100 van het Britse kunstblad Art Review.

Supernetwerker

Dat is hij niet zozeer vanwege zijn tentoonstellingen in de kunsthal bij Kensington Gardens, maar om zijn alomtegenwoordigheid in de kunstwereld. Obrist vliegt voortdurend de wereld rond voor kunstbeurzen, conferenties en tentoonstellingen, post zijn ideeën en indrukken continu op Instagram, Twitter en Periscope en archiveert sinds 2009 opvattingen over hedendaagse kunst en samenleving van kunstenaars, politici en activisten via marathoninterviews die hij over de hele globe organiseert.

De supernetwerker, die als hij in Londen is al om half zeven ’s ochtends zijn dag begint met ontbijt-discussiesessies, laat volgens de jury kunstenaars floreren door niet hun werk te verkopen, maar hun ideeën te verspreiden.

Meer dan in andere jaren – ieder jaar is er een nieuwe jury – scoren tentoonstellingsmakers en kunstenaars hoog. Nummer twee in de Power 100 is Adam Szymczyk, curator van Documenta 14, die volgend jaar in Kassel te zien zal zijn. De jury prijst de Pool om de politieke inslag die hij deze aflevering van de vijfjaarlijkse kunstmanifestatie geeft.

Politiek activisme

Politiek activisme en voorkeur voor digitale kunstvormen lijken ook bij de keuze van de 25 kunstenaars in de Power 100 een rol gespeeld te hebben. Alleen al bij het drietal kunstenaars dat de toptien heeft gehaald: Hito Steyerl (7), Wolfgang Tillmans (8) en Ai Weiwei. Hoge nieuwkomer, op 50, is Ed Atkins, de Britse digitale kunstenaar die vorig jaar nog in het Stedelijk in Amsterdam exposeerde. Iets hoger (47) staat Isa Genzken, van wie het Stedelijk ook vorig jaar een grote overzichtstentoonstelling samenstelde en toonde.

Dat zegt veel over het netwerk onder internationale kunstenaars, waarvoor Beatrix Ruf – sinds eind 2014 directeur van het Stedelijk – uitdrukkelijk door de jury wordt geprezen. Met haar elfde plek stijgt zij weer richting de toptien, waarin ze al eerder heeft gestaan toen ze nog directeur van de Kunsthalle in Zürich was.

Nederlanders staan er niet in de Power 100, maar naast Ruf is wel een andere niet-Nederlandse museumdirecteur in de lijst opgenomen. Na zijn entree vorig jaar is Charles Esche, de Britse directeur van het Van Abbe in Eindhoven, doorgestegen naar de 63e plek. Ook vooral vanwege zijn internationale alomtegenwoordigheid, met onder meer zijn curatorschap van de Jakarta Biennale in het afgelopen jaar.

De jury heeft een mondiale lijst samengesteld, waarin 37 nationaliteiten voorkomen. 22 daarvan zijn niet-westers. Dat uit zich onder meer in nieuwkomers als het Indiase Raqs Media Collective (86), de Zuid-Afrikaanse kunstenaar Zanele Muholi (95) en de Chinese curator Hou Hanru, die nu artistiek directeur van het Maxxi museum in Rome is.