Cultuur

Interview

Interview

Foto Stephen Voss/Redux

‘Ik draag geen hoge hakken voor mannen’

Interview Chimamanda Ngozi Adichie (39) beschouwt zichzelf niet als een doorsnee feministe. ‘Ik wil vooral kleine veranderingen bereiken in het gezinsleven van mensen.’

Chimamanda Ngozi Adichie bestelt een hot chocolate met een licht accent. De Nigeriaanse schrijfster van drie romans en een verhalenbundel, die al tijden in de Verenigde Staten woont, draagt haar Afrikaanse identiteit graag uit in haar kleurrijke kleding, een strakke blouse met een geel-groene Afrikaanse print.

Adichie (39) omschrijft zichzelf gekscherend als ‘een Gelukkige Afrikaanse Feministe Die Mannen Niet Haat En Die Graag Lipgloss Opdoet En Hoge Hakken Draagt Voor Zichzelf En Niet Voor Mannen.’ „Ik hou ervan me vrouwelijk te kleden, al was het maar om tegen het stereotype beeld van de feminist in te gaan. Veel mensen denken dat feministen ongeschoren, bh-verbrandende vrouwen zijn,” vertelt ze in het Conservatorium Hotel in Amsterdam.

We moeten allemaal feminist zijn is de titel van haar essay dat nu vertaald in de boekwinkel ligt. Daarin is de TED-lezing opgenomen die ze in 2012 hield. Die lezing ging viral – zangeres Beyoncé gebruikte tekstfragmenten in haar nummer ‘Flawless’, modehuis Dior drukte de essaytitel af op T-shirts die tijdens de Parijse Fashion Week op de catwalk te zien waren, en in Zweden werd het essay door de Zweedse Vrouwen Lobby verspreid onder middelbare scholieren.

Wanneer kwam u uit de kast als feminist?

„Ik herinner me goed de eerste keer dat een vriend tegen me zei dat ik een feminist was. Ik moest het woord opzoeken in het woordenboek, want ik had geen idee wat het betekende. Veertien jaar oud was ik toen. Maar ik kan me niet herinneren dat er een moment was waarop ik besloot mezelf feminist te noemen. Ik heb altijd al gevonden dat mannen en vrouwen gelijkwaardig zijn en dat mijn vrouwelijkheid geen handicap is. Maar als er iets is wat je dan toch als een coming-out zou kunnen bestempelen, dan is het mijn TED-lezing. Eerder had ik wel eens in het openbaar gezegd dat gender belangrijk is, maar ik had nog nooit de weloverwogen beslissing genomen mensen op te roepen zichzelf ook feminist te noemen.”

Wist u meteen waar het over moest gaan, toen u voor de TED-lezing werd gevraagd?

„Nee, helemaal niet. Een vriend en mijn broer organiseerden de reeks en toen vroegen ze mij voor een lezing, maar ik had geen onderwerp. Toen zei die vriend dat er wel degelijk iets was waarover ik mijn vrienden en familie altijd de les las. ‘Wat dan?’ vroeg ik. En toen zei hij: ‘Je weet wel, jij en je vrouwending.’ Blijkbaar sta ik zo bekend onder vrienden en familie. Ik ging akkoord, maar ik verwachtte er weinig van. Het kan toch niemand wat schelen, dacht ik. Bovendien zou ik praten tegen een zaal vol mensen van het Afrikaanse continent – dé plek op de wereld waar feminisme als een slecht idee wordt gezien.”

Waarom wordt feminisme in Afrika gezien als iets on-Afrikaans?

„Het woord feminisme wordt door Afrikanen gezien als uitheems en westers. In West-Europa en Amerika wordt het idee feminisme ook betwist, maar het wordt ten minste niet beschouwd als iets buitenlands. Veel Nigerianen en Afrikanen associëren het met de westerse beweging die opkwam in jaren vijftig en zestig, met luidruchtige witte vrouwen. Hoewel er toch heel veel Afrikaanse tradities zijn die je ook feministisch kunt noemen. Er zijn gemeenschappen in Ghana waar het erfrecht via de moeder loopt. In delen van Oeganda gaat de vrouwelijke seksualiteit niet over schaamte. En er zijn natuurlijk in heel Afrika ook veel individuele vrouwen die zijn opgestaan tegen culturele tradities en ideeën. Zij zijn ook feminist, maar ze noemen zichzelf alleen niet al zo.”

Kunt u ook een voorbeeld noemen van feminisme in Nigeria?

„Jazeker, mijn overgrootmoeder was een feminist. Ik ben dol op de verhalen die ik over haar heb gehoord. Er wordt gezegd dat ze koppig was en een lastpost, omdat ze voor zichzelf opkwam. Toen haar man jong stierf, voedde ze bijvoorbeeld haar zoon alleen op. De familie van haar man wilde de nalatenschap van haar man afpakken – in de Igbo-cultuur behoren vrouwen namelijk geen eigendom te erven. Maar dat accepteerde ze niet. Uiteindelijk behield mijn oma haar bezit.”

U bent inmiddels een beroemdheid in Nigeria. Wordt u als vrouw beter behandeld nu u succesvol bent?

„Soms wel, ja, maar ik krijg nog steeds foute opmerkingen te horen. Zoals dit: ik zit met mijn chauffeur in mijn auto en we rijden door de stad als we ineens worden aangehouden door een agent. Hij wil papieren zien en zegt dan en passant tegen mij: ‘wie heeft deze auto voor jou gekocht?’ Dat soort respectloze aannamen en opmerkingen die mensen maken omdat je een vrouw bent, verdwijnen niet als je bekend bent. Dat gebeurt overigens overal op de wereld; ik denk dat veel vrouwen dit herkennen.”

Was het een bewuste keuze om in uw essay beeldende voorbeelden van misogynie te gebruiken en niet te kiezen voor een academische aanpak?

Grinnikt: „De volgende keer zal ik Bell Hooks en Simone de Beauvoir citeren. In mijn essay heb ik juist met opzet gekozen voor uiteenlopende voorbeelden, want dat is mijn stijl nu eenmaal. Ik wil met mensen communiceren. En verhalen vertellen is een fundamentele manier van communiceren. Via verhalen en anekdotes kun je een connectie tot stand brengen met de lezer.

„Het academisch feminisme is belangrijk, maar dat is niet waarin ik geïnteresseerd ben. Er zijn verschillende soorten feminisme. Het doel is hetzelfde: gelijkwaardigheid tussen mannen en vrouwen, maar er zijn verschillende benaderingen en brandpunten. Ik wil kleine veranderingen bereiken in het gezinsleven van mensen. Mijn droom is dat ik iemand inspireer en dat die persoon zich dan voorneemt het anders te gaan doen of anders te denken. De manier omdat te bereiken is het geven van concrete voorbeelden.”

U zei in een interview met ‘de Volkskrant’ dat Beyoncé’s feminisme ook niet uw stijl is.

Adichie rolt met haar ogen: „Dat fragment in het interview ergerde me. Ik had het gevoel dat het wel erg clickbait-achtig was van die krant, alsof het alleen maar te doen was om het aantal klikken op internet. Daar raakte ik door van streek. De kop boven het interview belandde overal, terwijl ik een punt probeerde te maken over verschillende soorten feminisme. Ik denk dat Beyoncés feminisme oprecht is, dat het haar ook te doen is om de gelijkwaardigheid tussen man en vrouw, maar haar aanpak is niet de mijne. En dat is prima, omdat mensen verschillende benaderingen hebben. Ik voelde dat dat niet overkwam, daarom ben ik heel voorzichtig met wat ik nu zeg, want voor je het weet staat er weer een vreemde kop in de krant. Wat me ook tegenstond, is dat mensen in mijn opmerking over Beyoncé een catfight, ruziënde vrouwen, zagen. Zo zit ik niet in elkaar; als ik ruzie wil maken, doe ik dat niet via de pers. Ik vind dat Beyoncé haar kracht ten goede gebruikt. Ze doet haar ding.”

U woont afwisselend in Nigeria en in de VS. Wat vindt u ervan dat Donald Trump misschien de nieuwe president wordt?

„Ik ben zo bijgelovig dat ik het er eigenlijk niet eens over wil hebben. Hoe dan ook, het zou verschrikkelijk zijn. We hebben het over een man die niet leest en die niet alleen ongeïnteresseerd is, maar zelfs trots is op zijn onwetendheid. Hij is een megalomaan persoon, een narcist die denkt dat hij God is. Hij houdt zo veel van zichzelf dat er geen ruimte is voor andere mensen. Dat verklaart misschien zijn racisme en vrouwenhaat. Het is angstaanjagend.

„Dat hij een achterban heeft, vind ik nog het meest problematisch. Daar maak ik me zorgen over. Ik probeer mezelf gerust te stellen met de gedachte dat de meeste mensen die hem steunen vol witte woede zitten. Zij voelen zich buitenstaanders en economisch achtergesteld. Die gevoelens zijn begrijpelijk. En Trump heeft die gevoelens uitgebuit.”

U denkt dus niet dat het grootste deel van de Amerikanen misogyn is?

„Ik ben zo bang dat dat wél zo is, dat ik er niet over wil nadenken. Toen die videotape van Trump [over pussy grabbing] naar buiten kwam, was ik gechoqueerd. Vreselijk. Ik dacht: dit was het dan, zijn kandidatuur ligt in duigen. Maar nee, mensen proberen het zelfs goed te praten door te zeggen dat het alleen maar kleedkamerpraat was, terwijl het toch echt over het plegen van een delict ging. Trump is een goed voorbeeld van white male privilege. Ik bedoel: kun je je voorstellen dat Barack Obama het zou hebben over het aanranden van een vrouw en dat mensen het hem zouden vergeven?”

Chimamanda Ngozi Adichie: We moeten allemaal feminist zijn. Vert. Hien Montijn. De Bezige Bij, 64 blz. € 4,99