De Friezen komen: voor het eerst een Friese boekenstand op Buchmesse

De Friese dichter Foto Liza de Rijk

Niet alleen Nederlandstalige auteurs presenteren zich deze week op de Buchmesse in Frankfurt in de Nederlands-Vlaamse gastlandstand. Ook het Fries, Nederlands tweede officiële taal, klinkt er.

Voor het eerst heeft de Friese uitgeversorganisatie Boeken fan Fryslân (BFF) een eigen stand op de internationale boekenbeurs. En vier Friese auteurs treden er vrijdag op, om internationale uitgevers te interesseren voor Friestalige literatuur.

Het initiatief voor de Friese aanwezigheid komt van BFF, zegt voorzitter van die Friese uitgeversorganisatie Ernst Bruinsma. „In 1993, toen Nederland en Vlaanderen ook gastland op de Buchmesse waren, trad de Friese dichter Tsjêbbe Hettinga daar op. Dat maakte toen veel indruk, en betekende veel voor de Friese literatuur. Daarom wilden we nu weer aanwezig zijn. Omdat we van de organisatie, het Letterenfonds, niets hoorden, hebben we als uitgevers samen het initiatief genomen voor een stand.”

Met steun van de provincie Friesland en het Letterenfonds is er nu een uitgeversstand, een Engelstalige brochure over tien Friese auteurs (10 Books from Friesland) en staan vrijdag 21 oktober vier optredens van Friese schrijvers en dichters op het programma. Ze zullen in zowel het Fries, Engels als Duits voordragen.

Het gaat om dichter Tsead Bruinja, die onder andere uit zijn bundel Stofzuigerzangers/Stofsûgersjongers leest (met onder meer saxofoonmuziek van Femke IJlstra). Dan is er, ook met muziek, Willem Schoorstra die over de heidense Friese koning Redbad uit de zevende eeuw vertelt in Redbad, kronyk fan in kening. Dichter Eeltsje Hettinga toont videopoëziefilms, die hij met videokunstenaar Lotte Middendorp maakte, onder de titel It Font.

Anne Feddema gaat een in het Duits vertaald verhaal voorlezen Geburt eines Clowns, uit zijn bundel De triennen fan Cheetah. Het titelverhaal gaat over de dood van Tarzans filmaap. Feddema: „Ik vind het geweldig dat we ook het Friese literaire geluid op de Buchmesse kunnen laten horen. Dat doen we op vrijdag. Ik ga zaterdag terug, al was ik al graag op dinsdag met alle andere Nederlandse schrijvers meegegaan naar Frankfurt met de Buchmessetrein.”