Recensie

Zo klein had Beethoven het voor ogen gehad

Is het mogelijk dichter bij de wereldpremière van Beethovens Derde symfonie ‘Eroica’ te komen? Met het orkest van de Wiener Akademie nam dirigent Martin Haselböck de symfonie op in het Paleis Lobkowitz, in de zaal waar de muziek in 1804 voor het allereerst klonk. Die ‘authentieke akoestiek’ wordt gekoppeld aan een naar huidige begrippen klein formaat orkest, zoals Beethoven dat kennelijk voor ogen had: onder meer acht violen en twee cello’s. Het creëert een sensationeel kamermuziekgevoel in deze symfonie, met veel individueel speelplezier en een lenig dansante treurmars. De soms onreine samenklanken zullen vast ook authentiek zijn. Voelt de oerzaal voor deze symfonie eigenlijk een maat te klein, Beethovens wiebelig uitgevoerde Septet krijgt een gulle galm.