‘Maak Google-algoritmes transparant’

Technologie

Internetbedrijven worden te machtig, vindt hoogleraar Ariel Ezrachi. Zijn oplossing: meer openheid. En strengere straffen voor overtreders.

Foto Samsung/Facebook

„De concurrentie is slechts één klik weg.” Dat is telkens het verweer van Google als het bedrijf het verwijt krijgt dat het te veel macht heeft. Googles hoofdeconoom Hal Varian herhaalde dat mantra eerder deze maand nog eens in een opiniestuk in de Financial Times. Zijn bedrijf ligt al maanden onder vuur door verschillende onderzoeken van de Europese Commissie naar vermeend misbruik van de marktmacht van Google.

De Commissie werkt ook nog aan nieuwe aanklachten tegen Android, het mobiele besturingssysteem van het bedrijf. Die aanklachten komen mogelijk binnen een paar weken naar buiten. Ook Facebook, Apple, Amazon, Microsoft, Booking.com en Uber liggen onder het vergrootglas van Europese reguleringsinstanties en concurrentiewaakhonden.

De internetindustrie mag een imago hebben van snelle verandering en hippe start-ups die het bestaande bedrijven moeilijk maken, het wordt steeds duidelijker dat de werkelijkheid toch anders is. Juist online ontstaan enorme bedrijven die in hun niches zeer machtig zijn en blijven, en bovendien veel kleinere concurrenten overnemen. De concurrentie is vaak al overgenomen of weggeconcurreerd voordat die met één klik bereikt is door de klant.

Volgens Ariel Ezrachi, hoogleraar mededingingsrecht aan Oxford University is er een grote kans dat de marktmacht van internetbedrijven tot problemen gaat leiden: te grote machtsconcentratie kan nadelen voor consumenten opleveren, en ertoe leiden dat de bedrijven minder vernieuwen dan ze zouden doen als de concurrentie heviger was.

Volgens Ezrachi zouden overheden de aanpak van deze bedrijven daarom drastisch moeten bijstellen. Nu kunnen autoriteiten pas ingrijpen als er aantoonbaar machtsmisbruik is geweest. Ezrachi vindt dat de mogelijkheden om vooraf al in te grijpen verruimd moeten worden.

Hoe kan het dat juist internetbedrijven uitgroeien tot machtige bedrijven?

„Dat komt vooral door zogeheten netwerkeffecten. Hoe meer andere mensen een onlinedienst gebruiken, hoe nuttiger die wordt voor de gebruikers. Neem Facebook: hoe meer mensen op Facebook zitten, hoe makkelijker het wordt om met iemand in contact te komen.

„Zoekmachines worden bovendien beter naarmate ze meer hebben kunnen oefenen met het aanbieden van zoekresultaten: hoe meer zoekopdrachten een zoekmachine heeft verwerkt, hoe beter het bedrijf erachter weet hoe het de resultaten zo relevant mogelijk maakt. Met een enorme achterstand in het aantal oefeningen qua resultaten, hebben nieuwe toetreders een groot nadeel om gebruikers en adverteerders aan te trekken.”

Ook in andere bedrijfstakken moeten nieuwkomers soms met grotere machthebbers concurreren; waarom is dat op internet moeilijker?

„Juist onlinediensten zijn enorm afhankelijk van de hoeveelheid en kwaliteit van reeds verzamelde data. Zoekresultaten worden beter aan de hand van meer persoonlijke gegevens over de gebruiker. Als mensen behalve de zoekmachine ook e-mail, een browser en een kaartendienst van hetzelfde bedrijf gebruiken, kan dat bedrijf zeer nauwkeurige profielen opbouwen om de resultaten nog relevanter te maken. Ook voor nieuwe technologieën als kunstmatige intelligentie zijn data zeer belangrijk. Nieuwkomers kunnen daarmee lastig concurreren.”

De grote databedrijven lopen nu ook voorop in kunstmatige intelligentie, voor bijvoorbeeld digitale assistenten. Is er reden tot zorg over voldoende concurrentie op dit gebied?

„De sleutel bij dit soort nieuwe apps op basis van kunstmatige intelligentie is de kwaliteit van de data. Slechts een paar bedrijven hebben het vereiste volume en de vereiste variatie in gegevens die nodig zijn om hun algoritmes in voldoende mate te ‘trainen’ in het aanbieden van relevante informatie.

„Door de netwerkeffecten worden de sterken alleen maar sterker omdat de kwaliteit van hun diensten steeds meer gebruikers aantrekken, waardoor hun diensten nóg meer data kunnen benutten en nóg beter worden. We worden zo ingesloten in één omgeving. Nieuwe concurrenten zullen het blijvend zwaar hebben om in de buurt te komen van de hoeveelheden data van de huidige superplatforms.”

Waarom is dat erg ?

„Internetbedrijven kunnen hun macht misbruiken. Eén manier is door hun algoritmes stiekem op elkaar af te stemmen. Neem het voorbeeld van algoritmes die de prijs van bepaalde diensten bepalen. Die zouden zo ingesteld kunnen zijn dat ze concurrentie op prijzen minimaliseren door die prijzen afhankelijk te maken van de prijzen van concurrenten.

„Ook zouden de superplatforms op andere manieren de markt kunnen verdelen of gezamenlijk data kunnen verzamelen zodat ze hun macht uitbreiden ten koste van potentiële concurrenten.

„Het risico is enorm: als er te grote concentratie van macht is, ondervinden we niet alleen schade in onze portemonnee, maar potentieel ook aan onze democratische idealen.”

Wat zouden overheden kunnen doen om dit te voorkomen?

„Mededingingsregels zijn hierop in hun huidige vorm heel moeilijk toe te passen. Het mededingingsrecht kan vrijwel alleen worden gebruikt nádat misbruik is aangetoond. Daarom zouden we veel meer moeten kijken naar het preventief in de gaten houden van deze bedrijven, bijvoorbeeld door algoritmes te monitoren.

Bedrijven als Facebook en Google zouden belangrijke algoritmes transparanter moeten maken zodat reguleringsinstanties beter kunnen beoordelen of ze diensten bijvoorbeeld op elkaar afstemmen en zo onderlinge concurrentie verminderen. Nu heeft niemand zicht op hoe die algoritmes werken, terwijl via die algoritmes allerlei manieren denkbaar zijn om hun marktmacht misbruiken.”

Die algoritmes bevatten zeer concurrentiegevoelige informatie: waarom zouden de bedrijven die willen delen?

„Om het intellectuele eigendom te beschermen zou je toegang tot algoritmes strikt kunnen beperken tot een reguleringsinstantie. Ook zouden ze strikt vertrouwelijk behandeld moeten worden.”

Hebben gebruikers hier niet ook een eigen verantwoordelijkheid? De meeste mensen klikken gebruiks- en privacyvoorwaarden ongelezen weg en kiezen telkens weer voor dezelfde internetbedrijven.

„Het huidige systeem waarmee gebruikers toestemming geven is kapot. We klikken te vaak uit gewoonte aan dat we akkoord gaan met voorwaarden die we nooit hebben gelezen. Uit een recente studie blijkt dat maar twee op de duizend gebruikers de voorwaarden lezen, en dat zelfs diegenen ze slechts oppervlakkig lezen.”

Hoe kan dat worden opgelost?

„Eén manier is om individuen meer controle te geven over hun persoonlijke data, en om ze een mogelijkheid te geven om niet gevolgd te worden, zowel offline als online. We zouden ook bepaalde privacystandaarden kunnen opleggen die in het algemene belang van gebruikers zijn.

„Beleidsmakers zouden bovendien nieuwe manieren kunnen bedenken om klanten meer macht te geven, door bedrijven te verplichten om data overdraagbaar te maken naar andere bedrijven. Daarnaast zouden ze misbruik van macht harder kunnen afschrikken door strengere straffen op te leggen aan bedrijven die de fout in gaan.”