Bij acht technische studies komt een stop

Numerus fixus Hoger onderwijs

Werkgevers snappen het niet: ze hebben technici hard nodig, maar nu krijgen acht technische opleidingen in 2017 een studentenstop.

Volgend jaar hebben acht technische studies een numerus fixus, schreef minister Bussemaker (OCW, PvdA) afgelopen week aan de Tweede Kamer. Dat is twee keer zo veel als dit jaar. En dat terwijl de vraag naar afgestudeerden groot is. Werkgevers zijn ontevreden, omdat ze schreeuwen om technici.

1. Om welke opleidingen gaat het?

Het gaat om vier opleidingen in Delft (industrieel ontwerpen, lucht- en ruimtevaarttechniek, klinische technologie en nanobiologie) drie opleidingen in Wageningen (biotechnologie, voeding en gezondheid, moleculaire wetenschappen) en één opleiding in Twente (klinische technologie). TU Eindhoven overweegt het instellen van een numerus fixus voor bepaalde studies vanaf 2018.

2. Vanwaar die studentenstop?

Het aantal opleidingsplaatsen is niet meegegroeid met het aantal toestromende studenten. Techniek is populair, gezien de goede perspectieven op de arbeidsmarkt vergeleken bij matige vooruitzichten elders. De afgelopen tien jaar is het aantal ingeschreven studenten aan de vier technische universiteiten met meer dan 50 procent gegroeid tot ruim 50.000 in 2015. Bij hogescholen kiest nu 22 procent en bij universiteiten 36 procent van de studenten een technische opleiding. Deze groei was in 2013 als doel gesteld in het techniekpact tussen overheid, onderwijs en bedrijven.

3. Waarom zijn de werkgevers toch ontevreden?

Er is ondanks de groeiende belangstelling nog steeds een tekort aan hoogopgeleide technici. De uitstroom van oudere arbeidskrachten is groter dan de instroom van jongeren, meldde de Monitor Technische Arbeidsmarkt 2013. Werkgevers proberen met minder geschikt personeel, bijscholing en het langer in dienst houden van ouderen de gaten te vullen. Ze zouden zich ook kunnen afvragen waarom 42 procent van de afgestudeerden in de technische vakken niet in de techniek gaat werken.

4. Waarom blijft het aantal opleidingsplaatsen achter?

De numerus fixus, goedgekeurd door de minister, zou tijdelijk zijn – tot er genoeg ruimte is. Volgens de minister worden jaarlijks minder dan 150 studenten door een stop tegengehouden. Sommigen halen het eindexamen niet, anderen gaan iets anders doen.

Opleidingen in de Technische Universiteit Delft puilen uit. Overal wordt extra ruimte gezocht: in bioscoopzalen, in het voormalige Legermuseum, waar studenten zonder schrijftafeltje college moeten volgen. Als het te vol is, kunnen studenten in een belendend zaaltje op video naar het college kijken.

Volgens een onderzoek van de Delftse Studentenvakbond van mei dit jaar moest een kwart van de studenten één of meer keren weer vertrekken omdat ze van de brandweer niet in de overvolle collegezaal mochten zitten. Het personeel in Delft is de afgelopen vijf jaar nauwelijks gegroeid, terwijl het aantal studenten met bijna eenvijfde steeg. Delftse studenten zijn tevreden over de docenten. Volgens een woordvoerder zou er bij groeistudies wel meer personeel zijn.

5. Maar het ministerie geeft toch extra geld aan TU’s?

Het ministerie gaf in drie jaar 33 miljoen euro extra en daarna nog eens 7 miljoen voor technische opleidingen. De federatie van de vier technische universiteiten (inclusief Wageningen) stelt dat niettemin de financiering daalt en in 2015 bijna 4,5 procent lager is dan tien jaar daarvoor. Technische studies zijn – met alle benodigde attributen – veel duurder dan gemiddeld. Er zijn nu 20 studenten per staflid in TU’s, vergeleken bij 15 tien jaar geleden. Bij gelijkblijvende financiering zou de ratio stijgen naar 1 docent op elke 25 studenten. 20 procent van alle studenten studeert nu aan TU’s maar het financieringsaandeel ervan daalde van 28 naar 25 procent. TU’s voorzien dat ze om rond te kunnen komen nog meer studentenstops moeten invoeren.