Van der Dussen vs. Nederland

verkrachtingszaak Romano van der Dussen bleek na 12,5 jaar cel niet schuldig aan verkrachting en wil Nederland aanklagen voor nalatigheid. Buitenlandse Zaken ontkent. Wie heeft gelijk?

Romano van der Dussen in de oude gevangenis van Mallorca. Foto Edwin Winkels

„Er wordt me nu verweten dat ik met een schadeclaim tegen de Nederlandse Staat om aandacht schreeuw. Maar wat zou jij doen als je 12,5 jaar onschuldig hebt gezeten? Dan zou je toch ook mensen op hun fouten wijzen? Als ik beter zou zijn bijgestaan, dan was dit nooit gebeurt. Nederland is gewoon nalatig geweest”, zegt Romano van der Dussen in een telefonisch gesprek vanaf Mallorca.

Het Ministerie van Buitenlandse Zaken spreekt de kritiek van de 43-jarige Nederlander tegen en stelt dat sinds zijn arrestatie in 2003 alles in het werk is gesteld om hem zo goed mogelijk te begeleiden. Er zou niets te verwijten zijn. Sterker nog; BuZa vindt dat Nederland „een cruciale en actieve rol” heeft gespeeld waardoor „belangrijke feiten” naar boven zijn gekomen. Wie heeft er gelijk? Van der Dussen vs. Nederland

Ik welk opzicht zou Nederland nalatig zijn geweest?

Van der Dussen:

„Ik heb direct aangegeven dat ik geen vertrouwen had in een Spaanse pro-deoadvocaat. Daar werd niet naar geluisterd. Tijdens mijn eerste ontmoeting met een Nederlandse diplomaat werd me verteld dat ik beter alles kon bekennen. Dat viel verkeerd bij mij. Ik heb Nederland talloze malen zowel mondeling als schriftelijk gewezen op de fouten in het politie-onderzoek. Zo waren de gevonden DNA-sporen en vingerafdrukken niet van mij. Maar ook getuigen die mij een alibi konden geven zijn nooit gehoord. Die mensen hebben voor het proces ook brieven naar de Nederlandse ambassade geschreven. Camerabeelden van de bewuste nacht waren opeens verdwenen. Er is allemaal niets mee gedaan door Buitenlandse Zaken. Ze hebben me laten veroordelen terwijl ik onschuldig was.”

Buitenlandse Zaken:

„De heer Van der Dussen heeft vanaf het begin van zijn detentie consulaire hulp ontvangen van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Wij mogen ons echter niet mengen in de rechtsgang. Net als in Nederland beslist in Spanje alleen de rechter over schuld en onschuld. En een verdachte wordt verdedigd door een advocaat, niet door een ambassade. Wij kunnen ook niet voor een verdachte beslissen welke advocaat hij moet nemen. Al toen de strafzaak tegen de heer Van der Dussen in Spanje nog liep, was duidelijk dat het gevonden DNA-bewijs en vingerafdrukken niet van hem waren. Desalniettemin werd de heer Van der Dussen in 2005 veroordeeld door de Spaanse rechter op grond van ander bewijs waaronder getuigenverklaringen. Het gevonden DNA kon niet toegeschreven worden aan een ander persoon. Dat dit met de kennis van nu achteraf een fout besluit van de rechter was, is op geen enkele wijze aan het ministerie van Buitenlandse Zaken te wijten.”

In 2007 blijkt dat het DNA wél kan worden toegeschreven aan een ander persoon. De Brit Mark Dixie. Wat is er sindsdien gebeurd?

Van der Dussen:

„Dat kreeg ik pas in april 2010 te horen nadat BuZa een vertrouwensrapport had laten opstellen. Toen was niet alleen duidelijk geworden dat ik onschuldig was, maar ook wie het wél had gedaan. Ik kreeg het advies een goede advocaat in de arm te nemen. Maar daar had ik simpelweg geen geld voor. Dat zou zo’n 12.000 euro hebben gekost. Waar moest ik dat geld vandaan halen? Daarna bleef het stil vanuit BuZa.”

Buitenlandse Zaken:

„BZ was vóór 2010 niet op de hoogte van de arrestatie van Mark Dixie in het Verenigd Koninkrijk en het mogelijke bewijs tegen hem als dader. Pas het vertrouwensrapport gaf in 2010 informatie over een mogelijke DNA-match met de in het VK gearresteerde Mark Dixie. Zonder de opdracht en de financiering van dit vertrouwensrapport door BuZa zouden belangrijke feiten pas later, of wellicht zelfs nog steeds niet, boven tafel zijn gekomen. Buitenlandse Zaken heeft voor de zaak van Romano van der Dussen dus een cruciale en actieve rol gespeeld. Helaas werden de bevindingen niet snel en goed opgepakt door zijn advocaat.”

In mei 2015 komt er dan toch een contra-expertise waaruit blijkt dat Dixie inderdaad de dader is. Hoe is dat tot stand gekomen?

Van der Dussen:

„Ik heb uiteindelijk zelf een Spaanse advocaat gevonden die bereid was me te helpen. Silverio García Sierra. Die heb ik een dossier van 52 pagina’s gestuurd. Ik stelde hem 20 procent van het bedrag van een mogelijke claim in het vooruitzicht. Hij ging akkoord met 10 procent. Een jaar later kreeg hij hulp van de Nederlandse stichting Prison LAW. Het duurde al met al nog vijf jaar voordat het bewijs op tafel kwam. Om gek van te worden natuurlijk.”

Buitenlandse Zaken:

„Toen in 2012 duidelijk werd dat Van der Dussen en zijn lokale advocaat niet in staat bleken een goede opvolging te geven aan zaken heeft het ministerie de stichting PrisonLAW gevraagd zich in de zaak te verdiepen. Buitenlandse Zaken subsidieert sinds 2012 dergelijk juridisch advies en de stichting PrisonLAW is toen ingezet. Daarna is essentiële vooruitgang geboekt, cruciaal voor de vrijlating van Van der Dussen. In mei 2015 is BuZa op de hoogte gebracht dat er op basis van nader onderzoek 100 procent zekerheid was over de DNA-match.”

Op 11 februari 2016 komt Van der Dussen op vrije voeten. Hoe is het verder verlopen?

Van der Dussen:

„Ik ben de huidige ambassadeur van Nederland zeer dankbaar. Die heeft veel voor me gedaan. Hij stuurde bloemen naar mijn vriendin toen ik nog vast zat. Er werd geld op mijn rekening overgemaakt. Ik ben door de ambassade opgevangen toen ik vrij kwam. Ze hadden het beste met me voor. Maar uiteindelijk maakt BZ de dienst uit. De politiek bepaalt. De uitkomst is slecht voor mij. Ik ben weliswaar vrij, maar een aantal andere zaken bleef toch staan. Ik zal vechten voor mijn volledige onschuld. Dit had allemaal voorkomen kunnen worden als ik de juiste begeleiding had gehad. Ik heb deze week mijn paspoort gekregen. Verder mag ik het zelf uitzoeken.

Buitenlandse Zaken:

„We kunnen ons goed voorstellen dat de heer Van der Dussen gefrustreerd is over de gang van zaken. Wij hebben hem daarom uitgenodigd op het ministerie om met hem in gesprek te gaan. Het voeren van eventuele verdere procedures is een zaak van Van der Dussen en zijn advocaat, desgewenst in samenwerking met PrisonLAW.”