‘Soms denk ik: ik moet nu vier dagen spaghetti eten’

Verdienen en uitgeven

Lauren van Halderen (28) is juf op een basisschool in Delft, de school waar ze als kind zelf op zat. In haar vrije tijd gaat ze graag naar het museum. „Kunst bij mij thuis hoeft niet duur te zijn, het gaat om wat het met me doet.”

Foto Bob van der Vlist

IN

‘Op mijn 21ste was ik klaar met de Pabo en dacht: ‘Help! Ik wil niet nu al fulltime werken.’ Ik ben toen nog kunstgeschiedenis gaan studeren. Niet omdat er heel veel banen zijn in dat vak, maar omdat ik het leuk vond. Nu werk ik op een basisschool in Delft, de basisschool waar ik vroeger zelf ook op zat. Twee dagen heb ik een eigen onderbouwgroep, een dag werk ik in de klas van mijn oude kleuterjuf en een dag ben ik multi-inzetbaar. Het allerleukste vind ik het om de kinderen te zien groeien.

„Op woensdagen ben ik vrij en daar ben ik heel blij mee. Het onderwijs is veel vermoeiender dan ik had verwacht. Fysiek, omdat je veel moet hurken, tillen en sjouwen met die jonge kinderen, maar ook de administratie en de cursussen vragen veel. Het salaris is prima, ik ben niet ontevreden en er valt ook niet te onderhandelen want het is cao-gebonden. Maar in verhouding tot andere beroepsgroepen vind ik het niet veel. Er zijn weinig groeimogelijkheden in het salaris en de werkdruk is hoog.

„Ik werk sinds mijn zestiende. Ik vind het heel belangrijk dat jongeren beseffen dat geld niet zomaar uit de zakken van hun ouders komt rollen en dat ze ervoor moeten werken. Ik wilde bovendien graag wat meer te besteden te hebben. Mijn eerste baan was in de horeca, maar ik heb ook gewerkt in de kinderopvang, in een winkel, als office-manager en nog in allerlei andere tijdelijke functies.”

UIT

‘Er is niets waarop ik kan of hoef te besparen, maar alles bij elkaar geef ik toch veel geld uit. Soms begint het wel te jeuken aan het eind van de maand, dan denk ik: ik moet nu vier dagen spaghetti gaan eten met dezelfde saus om rond te komen.

„Volgende week ga ik op vakantie naar Ibiza met vriendinnen. Ruim tweehonderd euro voor de vliegtickets, ook nog honderd voor het huisje. Dat is een nadeel van het onderwijs: ik heb veel vrije dagen maar kan alleen op vakantie in het hoogseizoen. In de zomervakantie ga ik meestal niet omdat ik het dan niet kan betalen, in de herfst- en meivakantie is het net iets goedkoper.

„Misschien klinkt het een beetje truttig, maar ik koop regelmatig wol omdat ik ’s avonds vaak brei. Dat heb ik van m’n moeder geleerd, al toen ik acht jaar was. Het is heel ontspannend om Netflix op te zetten en tegelijkertijd te breien. Nu ben ik bezig met een pannenlap; iets makkelijks, want het moet natuurlijk geen extra druk opleveren.

„In mijn vrije tijd ga ik graag naar het museum. Ik zou meer geld willen uitgeven aan kunst en cultuur, maar het kost toch weer geld om daar te komen. Als ik nu ga, zo’n vijf tot tien keer per jaar, is het echt een uitje. Kunst bij mij thuis hoeft niet duur te zijn, het gaat niet om de waarde, maar of het wat met me doet. Er hangen nu drie schilderijtjes die m’n oma heeft gemaakt en een tweedehands kunstwerkje dat ik voor vijf euro op de kop heb getikt.”

Lees ook de verdienen en uitgeven van vorige week: ‘Een rijk leven heeft niet per se te maken met geld’