Machtsgreep van de Alt Right

Republikeinse partij

‘Alt Right’ was een online beweging die weinig voorstelde. Sinds Donald Trump is de racistische en extreme ideologie mainstream.

Donald Trump op campagne in Grand Junction, Colorado. Foto AFP / George Frey

Op zijn Twitterprofiel noemt Richard Spencer (38) zichzelf ‘de Karl Marx van de alt-right-beweging’. Zo had de conservatieve voorman Glenn Beck hem ooit genoemd, en hij neemt het graag over. Tot voor kort stelde die eretitel niet veel voor. Spencer leidt een onbekende denktank in Washington, met de neutrale naam National Policy Institute. Hij schreef op obscure sites, en hield spreekbeurten in kleine zaaltjes over ‘de superioriteit van het witte ras’, of ‘de teloorgang van westerse waarden’.

Dat was voor Donald Trump president wilde worden. Deze presidentsverkiezingen, en met name de kandidatuur van Trump, hebben Spencers beweging en extreme ideologie in het middelpunt van de aandacht gebracht. „Donald Trump heeft alles voor ons veranderd”, zegt Spencer. „We hebben een invloedrijke positie verworven, en we zijn bezig rechts Amerika grondig te veranderen. Ons moment is aangebroken.”

‘Alt right’ is een losjes georganiseerde gemeenschap die vooral online actief is. Er zijn geen leden, de meeste aanhangers ontmoeten elkaar nooit in het echt. Niemand weet daarom precies hoe groot de beweging is. Maar in een paar maanden tijd kon alt right uitgroeien tot een dominante stem in deze presidentsverkiezingen, met name dankzij een leger aan jonge volgers dat zich, meestal anoniem, achter Trump schaart.

Dat gebeurt op een manier die de beweging totaal anders maakt dan andere extremistische groepen in het verleden. Ze gebruiken de mores die bij anonieme websites als 4chan horen: ironie, memes (vaste grappen), en vaak hard racisme.

Reactie op Obama’s opkomst

Spencer zegt dat hij de term ‘alt right’ heeft bedacht in 2008, het jaar dat Amerika voor het eerst een zwarte president koos. Deels is de beweging het product van Obama’s opkomst. Maar de echte vijand is niet Obama, maar het conservatisme. Spencer: „Obama is als politiek figuur niet zo interessant. George W. Bush was een veel slechtere president. Hij veroorzaakte oorlogen, wilde de wereld naar zijn hand zetten. Mijn beweging is vooral een reactie op de tijd van de neoconservatieven.”

Aanhangers van alt right stemmen meestal Republikeins, maar staan ver af van de conservatieven die de laatste jaren de partij domineerden. Zij zijn in het buitenland te interventionistisch, vinden ze, en te veel bezig met God en de Grondwet. Ze voelen zich vaak meer verwant met de libertaire stroming in de partij, die pleit voor maximale individuele vrijheid, en grote bedrijven, partijen en instituties wantrouwt.

Je kunt je afvragen in hoeverre alt right echt nieuw is, schreef de Nederlandse politicoloog Cas Mudde, werkzaam aan de Universiteit van Georgia. Hij noemde alt right onlangs op The Huffington Post „een slimme marketingtruc”, waarmee racisten verbloemen dat ze aloude ideeën over witte superioriteit verspreiden. Spencer „heeft een naam bedacht die acceptabel genoeg klinkt voor de conservatieve mainstream.”

Overigens gelooft de beweging niet alleen in witte superioriteit, maar richt ze zich ook tegen andere vormen van ‘egalitair denken’, zoals feminisme. De traditionele familie moet in ere worden gehouden, ook om het witte ras te beschermen. Rusland wordt gezien als een natuurlijke bondgenoot van de VS. Ideeën worden gevormd op verwante nieuwssites, zoals Breitbart en Infowars.

Door de losse organisatie zijn alt-right-aanhangers het vaak oneens, zegt Jared Taylor, een belangrijke ideoloog voor de beweging. Taylor (65) geeft in de staat Virginia een blad uit, American Renaissance, dat pleit voor raszuiverheid en campagne voert tegen Afro-Amerikanen, latino’s en ‘de politiek correcte elite’. Hij zegt: „Er is veel onderlinge discussie. Over Joden bijvoorbeeld. Sommigen zien hen als de grote vijand van binnenuit, ik beschouw ze als bondgenoten in de strijd voor behoud van ons ras.”

De opkomst van Trump heeft de beweging gekanaliseerd. Er is, zegt Taylor, eindelijk een politicus om enthousiast over te zijn. „Ik hoorde hem een paar jaar geleden voor het eerst, op CPAC [een conservatief congres, red.]. Hij pleitte voor de migratie van Europeanen naar Amerika, omdat we overklast worden door migranten uit andere continenten. Toen dacht ik: die man is interessant.”

Taylor steunt Trump, en gaat voor het eerst sinds de radicale kandidaat Pat Buchanan in de jaren negentig weer met plezier stemmen. „Hij wil illegale migranten wegsturen, een eind maken aan migratie van moslims. Hij is de enige politicus van wie ik me kan voorstellen dat hij zegt: wat is er mis met een witte meerderheid?”

Dit zijn de kopstukken van ‘Alt Right’:

De Democratische kandidaat Hillary Clinton wijdde een toespraak aan alt right. Volgens haar is Trump „de megafoon voor een paranoïde margeclub”, en heeft hij zijn ziel verkocht aan de beweging. „Een man met een lange historie van rassendiscriminatie, die duistere complottheorieën haalt uit pulpblaadjes en de krochten van internet, mag nooit leiding geven aan onze regering of ons leger.”

Maar volgens Spencer is Trump geen echte alt-right-man. „Hij is voor vele aanhangers een icoon, maar hij hoort er niet echt bij. Hij heeft zich niet echt ingelezen, hij zegt soms tegenstrijdige dingen. Het gaat vooral om zijn stijl.” Trump bewijst volgens Spencer dat zijn ideeën breder leven dat iemand ooit had voorzien. Anders gezegd: hij is geen voorman van alt right, hij is het product ervan.

Online vallen alt-right-aanhangers op door hun felle racisme en antisemitisme. Journalisten die kritisch over Trump schrijven, worden ernstig bedreigd, vooral als vermoed wordt dat ze joods zijn. Joods klinkende namen worden geschreven met drie haakjes, ((( ))). De Joodse journalist Julia Ioffe krijgt dagelijks bedreigingen van alt-right-aanhangers, nadat ze een profiel over Melania Trump schreef. Ze krijgt iedere dag collages waarin ze een Jodenster draagt of een gaskamer in wordt gegooid.

Pepe the Frog

Die aanhangers herkennen elkaar vaak door het gebruik van de Pepe the Frog-meme. Dit stripfiguurtje, dat niets met racisme te maken heeft, wordt gebruikt in profielfoto’s en in dreigementen. Het semi-ironische gebruik van Pepe is een middel om elkaar te vinden en te begrijpen. De beweging heeft ook zijn eigen taaltje. Conservatieven worden ‘cuckservatives’ genoemd, een samentrekking van cuckold (partner van een vreemdgaande vrouw), en conservative.

Trump staat niet los van alt right. Hij gebruikte in 2015 een plaatje van Pepe the Frog op Twitter. Ook retweette hij onlangs een plaatje dat al langer rondging onder alt-righters en dat alle schijn van antisemitisme heeft: een foto van Hillary Clinton, daaronder een stapel bankbiljetten, en een ster met zes punten waarop stond: „Corruptste kandidaat ooit.” De tweet werd verwijderd na een storm van kritiek, maar Trump bleef er wel achter staan.

Trumps campagneleider Steve Bannon gaf jarenlang leiding aan Breitbart. Bannon noemde Breitbart ooit „een platform voor alt right”. Trumps teksten lijken soms regelrecht uit die hoek te komen. Zo zei hij onlangs: „Clinton praat in het geheim met internationale banken, om samen te spannen in de vernietiging van de Amerikaanse soevereiniteit.”

Ook als Trump verliest, waren deze maanden bepalend voor alt right, zegt Spencer. „Er is geen weg terug. Wij gaan de conservatieven verdrijven uit de Republikeinse Partij. Het conservatisme is dood, hun aanhangers zijn idioten. Ik ben superieur aan 99 procent van hen. Na de verkiezingen nemen wij de partij over.”