‘Ik sprak met minder meel in de mond dan Asscher’

Uitdager PvdA

Miep van Diggelen nam het in 2005 op tegen Lodewijk Asscher en verloor ruim. Het was het begin van Asschers politieke opmars.

©

Hij geldt als een politiek zondagskind, maar niet alles in zijn carrière heeft Lodewijk Asscher cadeau gekregen. Eén keer eerder, in 2005, moest hij aantreden in een strijd om het lijsttrekkerschap.

Asscher was 31 en de veelbelovende PvdA-fractieleider in de Amsterdamse gemeenteraad. Iedereen ging ervan uit dat hij bij acclamatie gekozen zou worden tot lijsttrekker. Tot een kwartier voor de deadline, toen zich plots Miep van Diggelen meldde, oud-voorzitter van stadsdeel Geuzenveld en directeur van het Amsterdams Centrum Buitenlanders.

„Ik vond dat de Amsterdamse PvdA te veel geloofde in één kandidaat”, vertelt Van Diggelen elf jaar later in haar appartement in Amsterdam Nieuw West, terwijl ze een shaggie draait. Grinnikend: ,,Het bestuur was niet verheugd over mijn kandidatuur.”

Toch deed Van Diggelen niet alleen mee omdat ze vond dat de leden wat te kiezen moesten hebben. Ze geloofde dat ze een kans maakte tegen Asscher. „Anders was ik er natuurlijk niet aan begonnen.”

Er waren drie debatten tussen Asscher en Van Diggelen, met 80 à 100 honderd man publiek. „Qua debattechniek waren we elkaars gelijken”, zegt Van Diggelen. „Ik praatte alleen met een beetje minder meel in de mond. Wel was hij beter op de hoogte van actuele zaken, omdat hij fractievoorzitter was in de gemeenteraad. Al die details kende ik natuurlijk niet.”

De debatten verliepen „hoffelijk”, herinnert Van Diggelen zich. „En na afloop werd er flink ingenomen”. Asscher kon „goed luisteren”. „We begonnen altijd om beurten. Als ik eerst was geweest, hoorde ik bij hem altijd wel een paar dingen terug die ik zelf gezegd had. Slim van hem, zou ik zelf ook gedaan hebben.”

Als Van Diggelen een tip heeft voor Asschers huidige opponenten Diederik Samsom en Jacques Monasch, is het deze: „Luister goed naar wat hij zegt. Hij wil in zijn zinnen nog wel eens haakjes en kommaatjes plaatsen, daar moet je tussen zien te komen. Hij is een handige prater.”

Over één onderwerp verschilden Asscher en Van Diggelen duidelijk van mening: integratie. Daar ging het in 2005, een jaar na de moord op Theo van Gogh, ook al continu over. „Ik vond dat hij te veel de nadruk legde op afkomst, en niet op je toekomst hier.”

Inmiddels is Asscher minister van Integratie. Maar toen, zegt Van Diggelen, wist zij „gewoon meer van het onderwerp af”’ dan hij. „Hij zei steeds: Marokkaanse Nederlanders zijn niet goed geïntegreerd, want ze zitten veel in de criminaliteit. Met de Turkse Nederlanders ging het veel beter, vond hij. Nou, daar is hij als minister duidelijk op teruggekomen.”

Op 16 oktober 2005 werd de uitslag van de Amsterdamse verkiezing bekendgemaakt in een café bij Artis. Asscher bleek van Diggelen te hebben verslagen met bijna 80 procent van de stemmen. In een interview met Het Parool toonde de nieuwe lijsttrekker zich bescheiden: „Ik had niet verwacht met zo’n Albanese uitslag te worden gekozen”. Vijf maanden later veroverde hij als PvdA-lijsttrekker bijna de helft van de zetels in de Amsterdamse gemeenteraad.

Asschers gestage opmars in de politiek nadien – wethouder, vicepremier, kandidaat-PvdA-leider – heeft Van Diggelen niet verbaasd. ,,Hij is een heel slimme jongen.” Maar mocht hij landelijk PvdA-lijsttrekker worden, dan is ze niet optimistisch over zijn kansen. Ze ziet om zich heen dat veel Marokkaanse en Turkse Nederlanders zich door Asscher ,,in de steek gelaten” voelen. ,,Ik denk dat veel van hen op Denk gaan stemmen.”

Wat het gaat worden bij de verkiezingen in maart? ,,Ik denk maximaal twintig zetels, of het nou met Samsom is of met Asscher. Met Aboutaleb als lijsttrekker zouden het er meer zijn geworden.”

Van Diggelen zelf is sinds dit jaar geen lid meer van de PvdA. De reden: ,,onheuse bejegening” door partijvoorzitter Hans Spekman – de scheidsrechter bij de komende lijsttrekkersverkiezing.