Cultuur

Interview

Interview

Roman Anin

Foto Amnesty International

Van sportverslaggever tot jager op corrupte Russen

Interview Roman Anin

De jonge journalist legde Poetins offshore vermogen bloot en beschreef corruptieschandalen. De Rus verkeert door zijn werk continu in gevaar. „Als ze je willen vermoorden, dan doen ze dat zonder waarschuwing.”

Roman Anin zag vorig jaar maar weinig daglicht. Met twee collega’s zat hij regelmatig twaalf uur aaneen op de redactie van Novaja Gazeta, een van de laatste onafhankelijke kranten in Rusland. Anin werkt als onderzoeksjournalist voor de krant waarvan de afgelopen jaren zes journalisten werden vermoord. Tien jaar geleden stierf de bekendste medewerker, Anna Politkovskaja. Op 7 oktober sprak Roman Anin (29), op uitnodiging van Amnesty International, in Den Haag over de persvrijheid in Rusland.

Anin kwam weinig buiten, omdat hij werkte aan de Panama Papers. Maandenlang spitte hij documenten door, speurend naar slinkse constructies waarmee vermogende Russen hun geld offshore parkeerden. De ‘papers’ kwamen uit een lek bij de in Panama gevestigde advocatenfirma Mossack Fonseca. Het miljardenspoor voerde Anin via cellist Sergej Roldoegin, een jeugdvriend van Poetin, langs de Bank van Rusland, recht naar de Russische president.

Wereldwijd brachten de Panama Papers celebrity’s en functionarissen in verlegenheid, maar in Rusland bleef het stil.

Welke gevolgen heeft uw onderzoek gehad in Rusland?

„Geen. Tenminste, als je doelt op rechtszaken of ontslagen. Veel Russen geloven in een westers complot, zoals de staatspropaganda hun vertelt. Maar de artikelen op onze site zijn door zo’n 1,5 miljoen mensen gelezen, een prima resultaat.”

Teleurgesteld in het magere resultaat van zijn speurwerk is Anin niet. „Ik ben het gewend.” Hij is ook gewend in eigen land te worden afgeschilderd als spion. Anin en zijn collega’s werden bedreigd, gevolgd, en vlak voor publicatie van de Panama Papers dreigde het Kremlin Novaja Gazeta te sluiten. Een extreem zware periode, erkent de journalist.

Het toeval bracht Roman Anin in 2006 bij Novaja Gazeta. Hij droomde van een carrière als sportverslaggever en de krant zocht een stagiair voor het sportkatern. Anin kende de krant niet en van sterverslaggeefster Anna Politkovskaja – bekend van haar onthullingen over de smerige oorlog in Tsjetsjenië – had hij nog nooit gehoord. Eenmaal op de redactie begon hij haar artikelen te lezen „Het leek onmogelijk dat de dingen die zij beschreef echt gebeurden.” Acht maanden later werd Politkovskaja in haar huis doodgeschoten. De opdrachtgevers zijn nooit gevonden.

Hoe heeft haar gewelddadige dood uw werk beïnvloed?

„Ik kreeg het telefoontje tijdens een potje biljart. Toen besefte ik dat er in Rusland belangrijker zaken spelen dan misstanden in de sport.” Dat besef werd versterkt toen Anin in 2008 naar Georgië werd gestuurd om verslag te doen van de korte, maar hevige oorlog met Rusland. Daarna werd hij lid – later chef – van de onderzoeksredactie. Sindsdien wijdt hij zijn leven aan het doorlichten van de kring rond Poetin.

Hoe kun je onderzoek doen in een land als Rusland?

„Rusland wás verrassend transparant, maar dat begint te veranderen. Naar aanleiding van een verhaal dat ik schreef over twintig generaals van de geheime dienst FSB, die een speeltuin onteigenden en de grond voor veel geld doorverkochten, bedacht de FSB een wet om registers te sluiten. Tegenwoordig kun je als journalist zelfs worden aangeklaagd voor het publiceren van openbare informatie. Het is onmogelijk je aan de wet te houden.”

Hoewel zijn leven en dat van zijn familie wordt beheerst door veiligheidsmaatregelen, vertelt Anin niet graag over de persoonlijke consequenties van zijn werk. „Je wordt nooit direct bedreigd, meestal gaat het via via. Rond de Panama Papers zeiden veel mensen dat ik een doelwit was geworden. Niet dat ik vermoord zou worden – als ze dat willen doen ze dat zonder waarschuwing – maar wel om me gevangen te zetten.” Desondanks is hij productiever dan ooit.

Zijn gedrevenheid maakt Anin tot veelgevraagd journalist. Ook na de crash van de MH17 in 2014 werd hij benaderd met verzoeken om mee te werken aan onderzoek. De zaak is hem te heikel. „Je moet enorme expertise in huis halen en je kunt niet afgaan op wat de autoriteiten beweren.” Het onlangs door het Joint Investigative Team (JIT) gepresenteerde rapport over de toedracht vindt hij deugdelijk. „Het bewijs is veelzijdig en zit logisch in elkaar. De Russische autoriteiten daarentegen kwamen met tegenstrijdige verklaringen. Ik schaam me voor hun stupiditeit.”

Dankzij de ontluisterende onthullingen van Anin en zijn collega’s doet de in 1993 door Gorbatsjov opgerichte Novaja Gazeta het in Rusland verrassend goed. Anin: „Onze trouwste lezers zijn ouderen en de rijke bovenlaag. De crooks lezen onze krant om te checken of hun namen erin voorkomen.”