Jan Wolkers Prijs naar ‘De grutto’

‘De grutto’ wint dit jaar de Jan Wolkers Prijs, de jaarlijkse prijs voor het beste natuurboek.

Beintema, direct na de bekendmaking Foto Saskia van Loenen/ NRC

De Jan Wolkers Prijs 2016, de jaarlijkse prijs voor het beste Nederlandse natuurboek, gaat dit jaar naar het boek De grutto, geschreven door Albert Beintema.
Het werk, uitgegeven bij Atlas Contact, is onderdeel van een serie boeken waarin telkens één vogel centraal staat (eerder verschenen o.a. De spreeuw, De kauw, De slechtvalk en De gierzwaluw – de laatste, van Remco Daalder, won de Jan Wolkers Prijs in 2014).

De jury repte over de “betreurenswaardige eigenschap” van de grutto: hij “vliegt achteruit, en rap ook”

In het winnende boek over de grutto, sinds dit voorjaar officieel onze Nationale Vogel, beschrijft Beintema hoe grutto’s hun jongen grootbrengen, hoe ze “op spectaculaire wijze” naar Afrika trekken en laat de auteur zien hoe belangrijk de grutto is als symbool voor de natuur en het cultureel erfgoed. En dus moet deze vogel, die het in Nederland steeds moeilijker krijgt, behouden blijven – “al was het alleen maar omdat er niets mooiers te bedenken is dan een groepje baltsende grutto’s die luid schreeuwend door een mooie voorjaarslucht boven een bloemrijke weide achter elkaar aan jakkeren”, lezen we op de achterflap.

Ook de jury repte over de “betreurenswaardige eigenschap” van de grutto: hij “vliegt achteruit, en rap ook”. Toch is het boek van bioloog Albert Beintema (1944) geen requiem, benadrukt zij. “De auteur beschrijft de afname, maar houdt oog voor de mogelijkheden. In toegankelijke bewoordingen en een prettig verhalende trant.” Dankzij reservaten en enthousiastelingen zal de grutto volgens de auteur overleven, “mits die verrekte landbouwpolitiek met die ‘verdraaide melkproductie’ een beetje meewerken.” En zo, aldus het juryrapport, schreef Beintema “niet alleen een liefdevolle en gedetailleerde biografie van ’s lands bekendste weidevogel; met zijn optimistische kijk heeft hij de hoop vleugels gegeven, en daarmee de lezer een beetje opgetild. Daar mogen we hem wel dankbaar voor zijn.”

De andere vier genomineerden waren In krabbengang door kreeftenboeken door Alex Amselgeest en Charles Fransen, Botanische Revolutie door Norbert Peeters, Dit is mijn hof van Chris de Stoop en Zoektocht naar het paradijs van Arita Baaijens.

Uitgereikt in Vroege Vogels

De jury van de Jan Wolkers Prijs, bestaande uit Karina Wolkers, weduwe van de naamgever, Allard Stapel van het Wereld Natuur Fonds, Vroege Vogels-eindredacteur Anneke Naafs en Volkskrant-columnist en juryvoorzitter Jean-Pierre Geelen, selecteerde de shortlist van vijf uit een longlist van 16 natuurboeken, die eerder was samengesteld uit de in totaal 80 inzendingen.

Karina Wolkers reikte de prijs vanochtend live uit in het radioprogramma Vroege Vogels, uitgezonden vanuit Museum De Lakenhal in Leiden. De winnaar kreeg een bedrag van 5.000 euro en een tekening van NRC-tekenaar Siegfried Woldhek.

Beintema schreef “niet alleen een liefdevolle en gedetailleerde biografie van ’s lands bekendste weidevogel; met zijn optimistische kijk heeft hij de hoop vleugels gegeven

Vorig jaar won Niet zonder elkaar; Bloemen en insecten, geschreven door Louis Schoonhoven, in 2014 Remco Daalder met De gierzwaluw en in 2013, het jaar waarin de prijs voor het eerst werd uitgereikt, het kinderboek Spinder van Simon van der Geest. De prijs is genoemd naar de in 2007 overleden schilder, beeldhouwer en schrijver die altijd veel over natuur schreef en een tijdlang een televisieprogramma over natuur presenteerde vanuit zijn eigen achtertuin

Meer vrouwen

Het was dit jaar volgens juryvoorzitter Jean-Pierre Geelen “opnieuw een rijke oogst, met wel heel diverse vruchten. Het was een genot ervan te mogen snoepen, maar zoals elke jury weet is het kiezen tussen appels en peren. Dat is altijd moeilijk. Maar we zijn eruit gekomen en zijn zeer tevreden over onze winnaar.”
Geelen zou persoonlijk graag meer literaire romans en poëzie zien verschijnen waarin de natuur een prominente rol speelt.

Ook constateert hij een ander fenomeen: het juryrapport noemde Arita Baaijens als enige vrouw die zich waagde in de wereld van het natuurboek, “een domein dat door mannen lijkt te worden geregeerd”. Geelen doet een oproep aan vrouwen zich vaker te vertonen in de natuurschrijverij. “Het is een prachtig genre, dat de lezer uit zijn stoel kan tillen en met heel nieuw vizier naar de wereld kan laten kijken, met vele verschillende emoties. We weten ons in Nederland gezegend met voldoende natuur, én goede schrijvers.”

In het huis van Karina Wolkers op Texel, dat met de beroemde achtertuin dus, kwam de jury deze zomer zoals elk jaar samen om in het atelier van Jan (dat eruitziet of de schilder nog elk moment binnen kan lopen om verder te werken aan zijn laatste doek) de top-vijf én de uiteindelijke winnaar te bepalen.