Was Reda uit Leiden naïef? En al die anderen dan?

Nederlandse Syriëgangers

Keren Syriëgangers, zoals Reda Nidalha terug omdat ze gedesilllusioneerd zijn of omdat IS verliest? Ofwel: hoe gevaarlijk zijn ze hier?

„Ik wil graag terugkeren naar mijn land en mijn leven weer oppakken”, zegt de 22-jarige Reda Nidalha uit Leiden in een filmpje dat woensdag door de BBC naar buiten werd gebracht. Sinds april zit de Nederlandse Syriëganger, samen met enkele andere Nederlanders, in een interneringskamp van het Vrije Syrische Leger, ergens in Syrië. In het filmpje beklaagt Nidalha zich over de „lifestyle”, die hem tegenviel sinds hij in de zomer van 2014 IS-gebied binnenging. „Ze behandelen je heel hard.” Ook gedroeg IS zich in zijn ogen onislamitisch. „Daar heerst niet de ware religie. Ze doden mensen alsof het niks is.”

Deskundigen en terreurbestrijders zijn het erover eens. De komende tijd zullen in hoog tempo steeds meer gevallen zoals Nidalha bekend worden. Een snel groeiend aantal van de ongeveer 130 Nederlanders die meevechten in Syrië en Irak, wil terug. Hetzij omdat ze gedesillusioneerd zijn over het leven daar, hetzij omdat IS aan de verliezende hand is, en ze hun strijd liever elders voortzetten. Dit al dan niet onder regie van IS. „Onder de toekomstige terugkeerders”, schreef antiterreurdienst NCTV in januari, „kunnen zich wel eens veel meer geharde strijders bevinden”. Eenmaal in Nederland „laten ze zich in met activiteiten die een dreiging voor de nationale veiligheid kunnen opleveren”.

Expert: moeten we Reda geloven?

Dat levert ingewikkelde vragen op over deze groep, zegt onderzoeker Daan Weggemans. Hij kent veel van de Syrië-gangers, interviewde hen en schreef in opdracht van de Rotterdamse rechtbank een rapport over deze groep. „De eerste vraag die zich aandient”, zegt Daan Weggemans, verbonden aan het Haagse Institute of Security and Global Affairs.van de Leidse universiteit . „Moeten we hem geloven?” Dat is op dit moment lastig vast te stellen. „Als je na, pakweg, juni 2014 afreisde naar Syrië, kun je moeilijk volhouden dat je niet wist waar je naartoe ging. De Islamitische Staat had zich gevestigd. Een aantal van hun gruwelijkheden was al bekend. Sterker, daarmee maakte IS zelfs propaganda in filmpjes.”

Maar er is ook een anderzijds. Weggemans: „Tegelijkertijd weten we ook dat jongens zoals Nidalha soms nogal naïef kunnen zijn. Dat ze denken dat het niet zo erg is, en ze er wel tegen kunnen. Eenmaal daar in Syrië worden ze overmand door het harde leven, het geweld op het slagveld, de gruwelijkheden.” Bovendien kan peer-pressure onder jongeren een rol spelen. Juist 2014 liet een golf uitreizigers zien van jonge Nederlanders die met tientallen (soms kennissen van elkaar) tegelijk afreisden.

Laura H. nog steeds vast in Vught

Spijtoptanten zoals Nidalha wacht een zwaar justitieel traject. Als het hem al straks lukt een Nederlandse diplomatieke post te bereiken, bijvoorbeeld in Istanbul, wordt hij met een laissez-passer (een tijdelijk reisdocument) en onder begeleiding van de marechaussee naar Nederland overgebracht. Op Schiphol aangekomen wordt Nidalha meteen opgepakt op verdenking van deelname aan een terroristische organisatie.

Na aankomst in Nederland wordt Nidalha overgebracht naar de terroristenvleugel in Vught of Rotterdam in afwachting van langdurige verhoren en berechting. Eerder gebeurde dat met de in augustus teruggekeerde Laura H. Die zit nog steeds vast.

Bij de verhoren spelen ten minste twee vragen: in hoeverre heeft Nidalha meegedaan aan de gevechten of zich op andere manieren schuldig heeft gemaakt aan strafbare feiten (geweld, ronselen, propaganda etc.). Ook wordt bekeken of en in hoeverre hij een gevaar is voor de staatsveiligheid in Nederland.

Ook aan de beantwoording van deze vragen zitten weer veel haken en ogen, zegt Weggemans. „Immers, strafbare feiten op het slagveld zijn heel moeilijk aan te tonen.” Om dit te omzeilen is het enkele feit van de aanwezigheid in IS-gebied inmiddels strafbaar. Nidalha realiseert zich dit. In het filmpje zegt hij een gerechtelijk vonnis bij voorbaat „te accepteren”.

Misschien nog wel moeilijker te beoordelen is het risico voor de staatsveiligheid.

Gebrekkige deradicalisering

In de eerdergenoemde studie onder 24 terugkeerders, toonde de NCTV zich ongerust over het gebrekkig resultaat van deradicaliseringsprogramma’s voor jongeren zoals Nidalha. „Er was”, schreef de dienst „in de periode van het onderzoek niet of nauwelijks sprake van terugkeerders die op overtuigende wijze een geheel ander leven opbouwen, ver verwijderd van het jihadisme.” Een deel van de terugkeerders werd door gemeenten begeleid bij het vinden van werk of scholing. „Maar vaak nemen zij niet de stap uit het netwerk te treden en een andere sociale omgeving op te zoeken”, aldus de dienst. Haar conclusie: „Het is de vraag of er sprake is van oprechte reïntegratie.”