Cultuur

Interview

Interview

Foto Katharina Poblotzki

‘Oorlogen en epidemieën zijn de grote gelijkmakers’

Interview Branko Milanovic ontwikkelde de spraakmakende ‘olifantgrafiek’, die middeninkomens in het Westen als grote verliezers van de globalisering toont. Beschermde beroepen als dokter of advocaat profiteren volgens hem veel meer.

Hij wordt door antiglobalisten geroemd als een nieuwe, krachtige stem tegen globalisering, in het rijtje van Stiglitz en Piketty. Maar zelf voelt Branko Milanovic (62) zich duidelijk minder op z’n gemak met die typering. „Ik zie globalisering juist zonder meer als een positieve kracht”, zegt de Servisch-Amerikaanse econoom deze week na afloop van een drukbezochte lezing aan de Vrije Universiteit Brussel.

Natuurlijk kleven er volop nadelen aan het gemak waarmee kapitaal en banen de hele wereld over stuiteren, opgezweept door een technologische revolutie zonder weerga. Maar die worden vooral gevoeld in het rijke Westen. In landen als China, Vietnam of Indonesië zitten inkomens al een paar decennia in de lift, zo toont Milanovic aan in zijn bestseller Global Inequality. „Over het geheel genomen neemt de ongelijkheid af.”

Wereldwijd inkomensonderzoek is een relatief nieuw fenomeen, eenvoudigweg omdat er voor 1995 amper data beschikbaar waren. Het einde van de Koude Oorlog, de toetreding van China tot de wereldeconomie – het maakte een stroom aan nieuwe gegevens los, maar de situatie blijft verre van ideaal. China is niet, en volgens Milanovic zelfs steeds minder, scheutig met het delen van microdata over huishoudens. Het statistisch onderzoek in Afrika is zwak. Dat maakt conclusies trekken over de allerarmsten lastig. „En de superrijken zijn vaak niet geneigd om mee te doen aan inkomensonderzoek.”

©

©

Toch wist Milanovic een spraakmakende grafiek te produceren, die intussen als ‘de olifant’ bekendstaat, over de inkomensgroei tussen 1988 en 2008. Met in de laaghangende staart de allerarmsten, in de bult de Chinezen en in het bovenste puntje van de gekromde slurf de superrijken. Maar wat vooral aandacht trok was wat er onderin de slurf gebeurt, bij de ‘lagere middenklasse’ van de rijke wereld: daar zitten de inkomens in de verdrukking.

Milanovic maakte in één klap inzichtelijk waarom het populisme aan beide zijden van de Atlantische Oceaan in vruchtbare aarde valt. Natuurlijk is een arme Europeaan nog steeds veel rijker dan iemand uit de nieuwe Chinese middenklasse. Bovendien bepaalt de plek waar je wieg staat in hoge mate je latere inkomen, volgens Milanovic zelfs voor tweederde. Hij wil maar zeggen: dat miljoenen migranten naar Europa willen, heeft een reden.

Dat neemt niet weg dat die Europeaan zelf steeds meer aankijkt tegen achteruitgang. Niet echt geruststellend. Historisch gezien zijn oorlogen en epidemieën de grote gelijkmakers. Op zulke momenten nam de ongelijkheid razendsnel af, maar wel tegen een gruwelijke prijs. Ook niet fijn. Maar wat kunnen we dan wel doen?

Uw olifant is niet onomstreden. Volgens econoom Adam Corlett schetst het een vertekend beeld, onder meer door de groeigigant China. Haal je die uit de grafiek, dan valt het wel mee met die verdrukking in rijke landen.

„Als het gaat om de cijfers heb ik geen enkel conflict met Adam, hij heeft onze dataset gebruikt, en zijn berekeningen kloppen met die van ons. Het verschil zit in de interpretatie. Kijkend naar de lagere middenklasse in rijke landen komt hij tot de conclusie dat niet iedereen een slechte periode heeft gehad, en dat is natuurlijk ook zo. Maar je hebt het over 2 procent groei in het Verenigd Koninkrijk tegenover 7 of 8 procent in landen als Vietnam en China.”

Corlett zegt dat u de impact van globalisering overschat en die van beleid onderschat.

„Voor mij is globalisering, en de technologische verandering die eraan ten grondslag ligt, de oerkracht waar beleidsmakers vervolgens op reageren. Als het moeilijker wordt om rijke mensen te belasten, omdat ze eenvoudiger met hun geld het land uit kunnen, dan is dat ook globalisering. Het maakt nationaal beleid lastiger, maar niemand ontkent dat er nog steeds ruimte voor is.”

Veel mensen zien globalisering als een negatieve kracht.

„Ik niet. Dat neemt niet weg dat er in het Westen veel onrust over is. Veel mensen menen dat het sociale contract waarvan ze deel dachten uit te maken is gebroken. Ze zien politici die alleen maar met zichzelf bezig zijn, de rijkste 1 procent die alleen maar rijker wordt, een op tilt geslagen financiële sector en banen die verdwijnen naar lagelonenlanden. Zelfs als er wat inkomen betreft nog niets ernstigs is gebeurd, is er wel angst. Mensen van mijn leeftijd hadden een baan voor het leven, met jonge mensen is het nu anders. En dat voedt het idee dat als je globalisering stopt de dingen weer worden als vanouds. Een in mijn ogen nogal illusionair idee.”

Is die angst terecht?

„Zoals globalisering nu is opgezet, brengt het de mensen en bedrijven aan de top ook echt beduidend meer voordelen dan de rest. Neem patenten en intellectuele eigendomsrechten. Die zijn meer dan ooit beschermd, en dat is vooral een voordeel voor grote, farmaceutische bedrijven. Of neem beschermde beroepen als dokter of advocaat. Voor hen is globalisering zonder meer positief. Goedkope obers! iPhones! Maar mensen in het midden worden intussen wél aan concurrentie blootgesteld.”

U zegt ook dat globalisering de ontwikkeling van rechtsstaten kan afremmen.

„Kijk naar Rusland. Toen men daar in de jaren negentig aan het privatiseren sloeg, was het algemene gevoel dat de vrije markt veel zou oplossen. Slechte managers zouden vervangen worden door goede, en de robber barons zouden uiteindelijk gaan vechten voor een rechtsstaat om hun miljoenen te beschermen. Maar daarbij werd geen rekening gehouden met globalisering. Want waarom zou je vechten voor rechtszekerheid als je met je geld gewoon naar Londen kan, waar al rechtszekerheid is?”

Dus méér strijd tegen belastingontwijking?

„Ja, dat is heel belangrijk, vooral ook omdat we de omvang van het fenomeen eigenlijk niet kennen. Het blijkt altijd weer veel erger te zijn dan wat we dachten. Véél erger. Belastingontduiking door rijke mensen is wijdverbreid, omdat het te behalen voordeel mede door globalisering zo enorm groot is geworden.”

Tegelijk vindt u herverdeling van welvaart achteraf, via belastingen, geen goed antwoord op de excessen van globalisering.

„Na de Tweede Wereldoorlog ging de ongelijkheid in het Westen omlaag door wat ik goedaardige krachten noem: welvaartstaten, belastingen en massa-onderwijs. Maar ik geloof, en dat blijkt ook uit onderzoeken, dat er een grens is bereikt. De bereidheid om meer belasting te betalen is laag, omdat de tarieven al hoog zijn, maar ook omdat regeringen niet meer worden vertrouwd. Die route is dus afgesloten. Het electoraat zal het niet meer accepteren.”

Wat is dan wel de oplossing?

„Mensen moeten, vooraf, meer toegang krijgen tot kapitaal. Denk bijvoorbeeld aan scholing. Zeker in de Verenigde Staten moet er veel meer worden geïnvesteerd in publiek onderwijs, om het kwaliteits- en vooral het statusverschil met private universiteiten te verkleinen. Je zou ook maatregelen kunnen nemen om mensen uit de middenklasse, en dus uiteindelijk ook hun kinderen, meer te laten delen in de welvaart. Stimuleer woningbezit. Geef arbeiders aandelen in hun bedrijf. Er is in het verleden veel gepraat over shareholder capitalism, maar er is daarna in veel landen te weinig gebeurd.”

Lever je de ‘gewone man’ daarmee niet – opnieuw – over aan de financiële markten?

„Dat is een goed punt. De staat moet zich deels garant stellen, een bodem leggen. Maar mijn punt is: als we wel pienter genoeg zijn om hele complexe loopholes te bedenken voor hele rijke mensen, waarom kunnen we dan niet voor de middenklasse gunstige oplossingen bedenken? Natuurlijk kunnen we dat.”

Het misschien wel meest pikante idee in uw boek betreft migratie. U pleit voor een systeem waarin migranten wel alle lasten krijgen, maar niet alle lusten.

„De EU heeft op dit moment een nogal heilloze alles of niets benadering van de vluchtelingencrisis. Muren bouwen is niet alleen moreel verwerpelijk, het is gezien de bevolkingskrimp niet in ons eigenbelang. Maar mensen massaal binnenlaten en alle rechten en plichten geven is ook niet goed. Mijn voorstel: migratie middels quota, waarbij nieuwkomers beperkt toegang krijgen tot sociale zekerheid en na een aantal jaren ook weer naar huis moeten.”

Dat klinkt hardvochtig.

„Het vermindert wereldwijde ongelijkheid. Migranten nemen geld en ervaring mee terug naar huis. En tijdelijk werken in Europa is nog steeds een zeer lonkend perspectief, zeker als het alternatief een muur is.”

En de lokale bevolking? Krijgt die niet meer concurrentie te verduren?

„Een miljoen mensen absorberen, zoals Duitsland vorig jaar deed, is heel moeilijk. Als het er 150.000 zijn, is het beter te doen. Dat zou niet zo ontwrichtend zijn. De migratiegolf gaat echt niet weg. We moeten daar wat mee.”