Rode cijfers voor nieuwe partijen in Tweede Kamer

Denk, VNL en partij van Norbert Klein hadden het vorig jaar financieel zwaar, blijkt uit hun jaarrapportages.

Oud-PvdA-Kamerleden Öztürk en Kuzu van de nieuwe partij Denk. Foto ANP / Jerry Lampen

Een politieke partij oprichten gaat gepaard met bloed, zweet en schulden. Alle drie de nieuwe partijen uit de Tweede Kamer sloten vorig jaar af met rode cijfers. Dat blijkt uit hun jaarrapportages, die het ministerie van Binnenlandse Zaken vrijdag bekend heeft gemaakt.

Denk, de partij van de Turks-Nederlandse Kamerleden Tunahan Kuzu en Selcuk Öztürk, had eind 2015 een negatief eigen vermogen van bijna 32.000 euro. De Vrijzinnige Partij en Voor Nederland sloten het jaar ook negatief af, al was het met minder slechte cijfers dan Denk.

Voor Nederland (VNL) is opgericht door de twee ex-PVV’ers Louis Bontes en Joram van Klaveren. Zij eindigden vorig jaar met een negatief eigen vermogen van 909 euro. De Vrijzinnige Partij van Norbert Klein, die vertrok bij 50Plus, had een negatief eigen vermogen van 1.076 euro.

Onvoldoende leden voor subsidie

Voor Denk en VNL geldt dat ze in 2015 nog onvoldoende leden hadden om in aanmerking te komen voor subsidie van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Hun partijen voldeden toen nog niet aan de wettelijke minimumeis van duizend leden. Dit jaar hebben ze wel genoeg leden en hebben ze de subsidie toegewezen gekregen. Norbert Klein heeft nog te weinig leden; hij vroeg ook subsidie aan, maar het ministerie wees zijn verzoek twee jaar op rij af.

Geert Wilders’ stichting Vrienden van de PVV kreeg, net als in eerdere jaren, geld van een rechtse denktank uit de Verenigde Staten. Het David Horowitz Freedom Center uit Californië doneerde 108.244 euro.

Wilders loopt kans dat het grootste deel van een andere donatie niet bij de PVV terechtkomt, maar bij het ministerie van Binnenlandse Zaken. Zijn stichting kreeg 9.000 euro van een gever wiens adres niet bekend is, terwijl dat volgens de regels wel moet bij giften van 4.500 euro of meer. Als de donateur niet wil dat zijn adres bekend wordt en het bedrag blijft dus aangemerkt als anonieme gift, dan schrijft de wet voor dat de partij 1.000 euro mag houden en dat de rest naar het ministerie gaat.