Opinie

Heb ik reden om te twijfelen over mijn recensie?

ronrijghard0

De blurbs over Vankwaadtoterger, de nieuwe voorstelling van Theo Maassen, zullen dit seizoen niet uit NRC komen. Ik vond hem maar deels geslaagd (3 ballen). Al mijn zeer gewaardeerde collega’s van andere kranten reageerden veel positiever. Heb ik het wel goed gezien, vraag ik me dan af (twijfelen is gezond).

Rinske Wels (Trouw, 5 sterren) schrijft dat Maassen de dingen zo vaak omdraait „dat logica geen schijn van kans heeft”. Eens, als het gaat over de talloze grappen. Maar Maassen heeft een tweede spoor: wat hij beweert over de samenleving, onze omgang met de islam. Zijn vraag: wat te doen met moslims, met IS? Mijn probleem was dat dat spoor niet goed doordacht was, en dus niet overtuigde.

Daarover gaat het nauwelijks in andere kranten. Wels ziet „verontrustend, urgent cabaret, met voortreffelijke maar harde grappen over mens en maatschappij, seks en religie”. Haar maag draait zich om als Maassen de opmerking van Wilders over minder Marokkanen in een ander daglicht stelt. Heeft die opmerking echt nog een ander daglicht nodig?

Maassen stelt voor dat we terroristen negeren en oorlog accepteren. Mike Peek (Het Parool, 4 sterren) noemt met moslims willen carnavallen en IS negeren „misschien naïef”. Maar volgens hem zegt het veel over Maassens karakter: „Achter alle razernij schuilt een grenzeloos verlangen naar contact.” Hier wordt, lijkt mij, een slecht idee vergoelijkt vanwege de goede bedoeling.

Patrick van den Hanenberg (de Volkskrant, 4 sterren) ziet als thema: „Geef iedereen de ruimte en wees niet zo snel op je teentjes getrapt.” En hij ziet een „filosofische les”: „Om de gewenste sfeer van tolerantie te bereiken, is het van levensbelang dat de mens een goed ontwikkeld gevoel voor humor heeft en dat hij ironie snapt.” Dat zit er ook wel in, maar of dat de voorstelling spannend en relevant maakt?

„Uiteindelijk ga je knock-out maar verbluft naar buiten: dit was briljant”, concludeert Wels. Zelf kauwde ik bij het naar buiten gaan op het zinnetje van Maassen over IS: „Laat ze de tyfus krijgen in die kutwoestijn.” En dacht: „Hoezo woestijn? IS bezet toch miljoenensteden?” En zo ging het steeds.

Al dat enthousiasme in de recensies over Maassen is prachtig, maar goede argumenten om anders te oordelen brachten ze me toch niet. De meeste twijfel heb ik over de vraag of die conclusie niet te onbescheiden is.