Recensie

De aandoenlijke verlangens van een disfunctionele familie

Recensie

Sterke voorstelling van choreografenduo Weizman/Haver over de schoonheid van het onvolmaakte

Scène uit Happiness Foto Knelis

„Geluk wordt overschat, vindt u ook niet?” Zelfs de meest argeloze bezoeker zal door de vraag op het programmaboekje van Happiness al wat nattigheid hebben gevoeld. Geluk? Dat zal dan wel meevallen. Of tegen.

En inderdaad, in de nieuwste voorstelling van het Gronings dansgezelschap Club Guy & Roni is niet alles rozengeur en maneschijn. Er hapert zelfs een ‘p’ in het met neonletters geschreven woord ‘Happiness’ boven het toneel. Wie dan nog niets door heeft, wordt in de eerste scènes op het spoor gezet. Op het spoor van een huwelijk dat barsten vertoont, van kinderen die niet aan de verwachtingen voldoen, van een weerspannige dochter et cetera. Er komt weer geen normaal mens in voor, zou Gerard Reve zaliger zeggen.

De tekst gaat verder na deze video

In een collage van scènes maken we kennis met deze disfunctionele familie, die in een decor leeft dat ook al weinig lieflijks suggereert. Zwart-grauw zijn de coulissen en het achterdoek en de jarenzeventigopblaasmeubelen stralen weinig warmte uit. Regelmatig komt een groepje grijs geklede ‘gewone mensen’ op dat fungeert als alter ego’s van de dansers, hun onopvallende, aangepaste publieke personae. Slagwerk Den Haag zorgt op de achtergrond voor een strak-ritmische begeleiding van ongepolijste dansen in de bekende stijl van het choreografenduo: vrij grof en hoekig, meestal voortgedreven door rauwe, agressieve energie.

Verborgen verlangens

Het gezin is vagelijk gemodelleerd naar de personages in de tragikomische film Happiness van Todd Solonz. Maar waar Solonz de worsteling met het leven in dubbelzinnige penseeltreken schilderde, doen Guy Weizman en Roni Haver dat krachtig en niet mis te verstaan kwastend. In felle kleuren ook: de kostumering is een kakelbonte uitdragerij van wijd uitwaaierende ballroomjurken, dierenpakken, vintage brilmonturen en bloemetjesjurken. Subtiliteit is ver te zoeken.

Toch krijgen de lachwekkende, verborgen verlangens en abberaties iets aandoenlijks en soms zelfs iets bewonderenswaardigs, bijvoorbeeld als de zoon van de mater familias uit de kast komt. Alle vernederingen van zijn bloedverwanten weerstaand, presenteert hij zich met pruik en knalrood stoeipakje. De afwijkingen van zijn psychopatische hork van een broer (een uitgelezen rol voor de altijd al gevaarlijk ogende Igor Podsiadly) zijn veel minder onschuldig. Niet voor niets verbergt zijn zus, die zo lijkt weggelopen uit de horrorfilm The Ring, zich vrijwel de hele voorstelling achter heur haar en heeft zij een tweede ik afgesplitst, zoals misbruikslachtoffers dat vaak doen.

Zij vertegenwoordigen de imperfectie die ongelukkig maakt. Maar er is ook schoonheid in het onvolmaakte, vinden Weizman en Haver, dus laten we dat in onszelf vieren. Die boodschap wordt er aan het slot wat dik bovenop gelegd, maar ook die onvolkomenheid is wel mooi.