Boerendochter liet zich niet intimideren

Clara van Zoelen (1926-2016) stelde haar leven in dienst van de emancipatie van de boerin. Het wrong dat de vrouwen van boeren keihard werkten zonder een cent te verdienen.

Wegen waren er nog nauwelijks, alles ging over het water. Koeien, melk, gras, hooi. De boerderijen waren klein en er werd eten gekookt in de stal, een keuken was er meestal niet. De was werd in het gras gebleekt en overal speelden kindertjes op klompen.

Clara van Zoelen groeide op in een tijd dat het boerenleven nog een en al Ot en Sien was, zeker in de ogen van stedelingen. Maar de werkelijkheid, daar zou ze later nooit romantisch over doen, was hard. Haar leven stond in dienst van de modernisering van het platteland en vooral van de verbetering van de positie van boerinnen. Want hoe arcadisch het ook leek, die sterke vrouwen die er ’s morgens vroeg op uit trokken om hun mannen te helpen bij het melken en daarna de melkbussen schuurden of kaas gingen maken – het was een vorm van uitbuiting. Zakelijk hadden ze zelden wat in te brengen.

Clara van Zoelen werd op 16 maart 1926 geboren op boerderij Den Ham in Ommeren, in de Betuwe. Haar vader stierf toen ze negentien was. Maar haar moeder dacht er niet over om te stoppen. Ze zette het bedrijf voort met haar kinderen. Toen haar zoon zijn landbouwopleiding had voltooid stond ze erop dat Clara ook zou doorleren. Het werd de opleiding tot landbouwhuishoudlerares in Zetten. Dat was het begin van haar carrière als opbouwwerkster, zoals dat toen heette, en later voorlichter en bestuurder in de landbouwwereld.

De oorlog was voorbij en de overheid zette vol in op ruilverkaveling. Alle beleid was gericht op schaalvergroting en verhoging van de productiviteit. Vaarten werden gedempt, er kwamen wegen voor in de plaats, oude boerderijen kregen grote nieuwe stallen. En er waaide een sociaal-democratische wind door Nederland. Boeren moesten economisch verantwoord werken en hadden recht op vakantie en zelfontplooiing.

De verdienste van Clara van Zoelen is dat zij begin jaren zestig al opkwam voor de rechten van boerinnen. Die hoefden, vond ze, niet langer te accepteren dat ze geen geld verdienden – ze bespaarden kosten, heette het toen – en in de maatschap van hun man geen partij waren.

Gerdien Tober, een boerin uit Moordrecht die zich ontwikkelde tot wethouder en hoogheemraad, leerde Clara van Zoelen in de jaren zeventig kennen toen die de cursus Woord en Wederwoord gaf bij de Nederlandse Bond van Plattelandsvrouwen. „Ik was een jaar of 25 en heel verlegen”, zegt ze. „Clara heeft me geholpen me te emanciperen. Toen ik trouwde en op de boerderij kwam wonen, verhuisde mijn schoonmoeder naar het dorp. Ze had altijd voor de mannen gezorgd en van mij werd verwacht dat ik hetzelfde zou doen. Ik heb van Clara leren zeggen dat ze ook voor zichzelf konden zorgen. Ik ben me gaan ontwikkelen en kijk waar ik gekomen ben. Als mannen wel eens wordt gevraagd wie hun grote voorbeeld is, noemen ze iemand als Ghandi of Mandela. Voor mij is het Clara van Zoelen.”

Het televisieprogramma Andere Tijden van de NTR/VPRO zond in april dit jaar een documentaire uit over de streekverbetering in Zeevang (Noord-Holland) en daar is Clara van Zoelen ook in te zien, een paar maanden voor haar dood. Een glasheldere vrouw in een blauwpaarse jurk, met om haar hals een ketting van dikke glazen kralen.

„Ze was eigenzinnig en onconventioneel”, zegt Heike van Blom, die na haar studie in Wageningen stage bij haar liep. „Ze was vooral heel wijs. Ze liet zich niet intimideren door gewichtigdoenerige mannen. Maar ze liet ze ook nooit afgaan. Ze begreep dat ze moesten wennen aan gelijkwaardigheid.” Door haar toedoen konden boerinnen voor het eerst lid worden van land- en tuinbouworganisaties. De boeren in de besturen hadden het lang tegen weten te houden. Ze waren bang dat vergaderingen eindeloos zouden gaan duren met vrouwen erbij. En hadden vrouwen dan andere opvattingen dan hun echtgenoten?

Clara van Zoelen woonde in die jaren in Voorburg, Heike van Blom huurde een kamer bij haar. Veel zagen ze elkaar niet, want Clara had net haar grote liefde Frans leren kennen, tijdens een studiereis naar Engeland. Hij was boer en weduwnaar, zij was nooit getrouwd geweest. Ze trok bij hem in op de boerderij in Oudenhoorn (Zuid-Holland), en werd een moeder voor zijn kinderen.

Frans stierf zes jaar geleden, zij op 13 september 2016. Geestelijk was ze ongebroken, maar haar lichaam begaf het. Na een licht hartinfarct herstelde ze niet goed meer, ze kreeg vocht achter haar longen, de medicijnen sloegen niet aan. „Een mooi en voltooid leven”, zegt Gerdien Tober. „Maar voor het gezin van Frans is het een groot verdriet. Kort voor haar dood was ze nog getuige bij het huwelijk van een van de kleinkinderen in Italië.” De urn met haar as zal worden bijgezet in het graf van haar ouders in de Betuwe.