Presidentieel zijn in een middenklasser

Franse auto-industrie

De Gaulle reed in een Citroën DS, Mitterrand in een SM. Nu komen Franse dienstauto’s nog maar net boven de middenmoot uit.

De net verkozen president Foto AFP
Foto Peter Vermaas

Foto Peter Vermaas

Fransen kijken gewoonlijk liever terug dan vooruit. Wie op de Mondial de l’Automobile in Parijs, de tweejaarlijkse grootste autoshow van Europa, de eerste tentoonstellingshal met Franse merken bezoekt, wordt direct geconfronteerd met de immer opspelende nostalgie naar de trente glorieuses, de naoorlogse jaren van industriële en culturele voorspoed.

Foto Peter Vermaas

Foto Peter Vermaas

In de stand van DS, tegenwoordig losgekoppeld van Citroën, is op hoogpolig tapijt een historisch hoekje ingericht. Oude chansons klinken uit een luidspreker, een geurmachine verspreidt een zoetig parfum en aan de muur hangen foto’s van president De Gaulle die in 1963 door het open dak van zijn DS19 naar het volk wuift.

Een zaaltje verder is het hedendaagse aanbod te vinden, waaronder een versie van de DS5 waarin de huidige president, François Hollande, zich meestal laat vervoeren. „Hier had De Gaulle niet ingepast”, oordeelt een bezoeker die zich op de achterbank vouwt. De Gaulle was 1,96 meter. Het is moeilijk nu een Franse luxeauto te vinden waarin hij rechtop had kunnen zitten.

Sowieso is het lastig voor Franse hoogwaardigheidsbekleders een bij hun functie passende auto van Franse makelij te vinden. Het is een erkend probleem, een exception française, waar Franse kranten met regelmaat aandacht aan besteden. Er is sprake van een paradox, schreef Le Figaro onlangs: „Ons land is wereldwijd nummer één voor luxeproducten, terwijl de autoproductie niet boven het middensegment uit komt.”

De Citroën C6 is volgens zakenkrant La Tribune „de laatste Franse limousine haut de gamme”. Hoewel de productie al in 2012 werd stopgezet, laten veel prominenten zich nog altijd met deze auto vervoeren. Oud-president Nicolas Sarkozy bijvoorbeeld, die er drie dagen na zijn verkiezingsverlies in 2012 nog net één aanschafte. Maar ook de Nederlandse ambassadeur te Parijs die, zoals het een verstandig diplomaat betaamt, zich bij de trotse Fransen moeilijk in een Duitse wagen kan vertonen. Bij het staatsbezoek vorig jaar werd ook koning Willem-Alexander in een C6 door Parijs gereden.

Maar een kaskraker was de C6 niet. Van het model werden in zeven jaar slechts 23.000 exemplaren geproduceerd. De op hetzelfde platform gemaakte topauto van Peugeot, de 607, ook lang geliefd bij ministers en grands patrons, deed het met 168.000 exemplaren in elf jaar beter, maar ging ook uit productie. Beide auto’s kregen in het topsegment niet echt opvolgers. Premier Manuel Valls laat zich nu doorgaans in een Peugeot 508 of C5 verplaatsen.

Met de futuristische concept car die in de naam ‘CXperience’ weer een knipoog naar het verleden is, wil Citroën volgens designdirecteur Alexandre Malval „laten zien dat we gehecht zijn aan het terrein van de grote berline, terwijl we ons erfgoed en de nieuwe codes respecteren”.

De auto is groot, chic, sportief en elektrisch en staat volgens de kenners in de traditie van de XM en de C6. Maar het is een concept en zal dat waarschijnlijk ook blijven.

De laatste presidentiële Renault is de excentrieke Vel Satis (62.000 verkocht). Die moest in 2014 onverwacht nog een keer van stal nadat lakeien van de bezoekende koningin Elizabeth hadden laten weten dat zij niet met hoed op de achterbank van Hollandes DS5 paste. Juist vorige maand heeft het Élysée een nieuwe Renault besteld: de laatste Espace.

Foto Peter Vermaas

Laurens van den Acker. Foto Peter Vermaas

„Toen we die ontwierpen had ik al in mijn hoofd dat de president daar op quatorze juillet mee over de Champs-Élysées zou rijden”, vertelt Laurens van den Acker, de Nederlandse designdirecteur van Renault die net de Trezor, ook een elektrische concept car, heeft gepresenteerd. „Ik zag dat helemaal voor me: zo’n donkerblauwe auto met vlaggetjes op de hoeken die op je af komt rijden.”

Ook de Renault Talisman, een klassiekere sedan, rukt op in de politiek. „Inkopers van ministeries waren echt super happy toen we de Talisman en de Espace toonden”, zegt Van den Acker. Dat de Talisman gemaakt kon worden is mede te danken aan het feit dat hij in statusgevoelig Zuid-Korea als Samsung SM6 te koop is. Daardoor kan een groter volume behaald worden. De markt voor dit soort auto’s (en groter) wordt wereldwijd door de Duitsers gedomineerd, Franse merken moeten het normaal vooral van Frankrijk hebben.

Maar het is belangrijk voor het imago van het merk om zoveel mogelijk segmenten te houden, meent Van den Acker. „Een Talisman is ook goed voor iemand die in een Clio rondrijdt, dan hoor je bij de familie. Het is alsof je weet dat je tante een kasteel heeft, dat je hogerop kunt.”