Opinie

Waarom het kabinetsvoorstel levenseinde niet ver genoeg gaat

Opinie Huib Drion bepleitte dat mensen zelf over de pil van Drion beschikken. In het voorstel van het kabinet is dat nog niet het geval, schrijven Petra de Jong, Hans van Dam en Jos van Wijk.

Foto: Roos Koole / ANP

25 jaar geleden publiceerde Huib Drion, voormalig vicevoorzitter van de Hoge Raad, in deze krant zijn opiniestuk Het zelfgewilde einde van oude mensen. Drion bepleitte daarin de beschikbaarheid van een dodelijk middel voor oude mensen die op een zelfgekozen moment hun sterven ter hand willen nemen.

Het recente kabinetsvoorstel om voor mensen die hun leven als voltooid ervaren hulp bij zelfdoding via stervenshulpverleners mogelijk te maken, is een eerste voorzichtige stap maar verre van toereikend. Die hulp kan weliswaar buiten artsen om, maar is nog altijd gebonden aan een batterij voorwaarden en precies die staan haaks op wat Drion bedoelde.

Huib Drion bepleitte dat mensen zelf over dit middel beschikken. Dit zou mensen vergaand geruststellen. Velen zeiden de dag te zullen zegenen dat het middel beschikbaar zou komen. Maar helaas, na 25 jaar is het nog altijd niet beschikbaar. Dat is in de eerste plaats triest. Ouderen zijn nu gedwongen een voor hen onaanvaardbaar leven uit te leven en te wachten op een dodelijke kwaal, waarbij ze zich dan meestal ook nog te weer moeten stellen tegen een medische machinerie die hen koste wat kost in leven wil houden. Terwijl het leven voor hen al lang niet meer het hoogste goed is en de dood inmiddels meer dan welkom.

In het kabinetsvoorstel van deze week, donderdag besproken in NRC, zijn ze weliswaar niet meer afhankelijk van artsen, maar wel van stervenshulpverleners en blijft de hulp aan zware voorwaarden gebonden. Huib Drion zei bij herhaling niet in te zien op welke gronden de overheid mensen zo’n middel mag onthouden. Hiermee vraagt hij van de overheid niet iets te regelen, maar een regeling niet te blokkeren. Die blokkade is er nog steeds en een steekhoudend argument voor deze bevoogding blijft uit.

De bezwaren komen in grote meerderheid van mensen die nog volop in het leven staan en, tot ergernis van oude mensen, menen te kunnen weten wat in oude mensen omgaat en, erger nog, wat goed voor hen is.

Tegenstanders voeren eindeloos dezelfde argumenten aan, die zich vooral richten op gevaar van misbruik en de verwachting dat het aantal zelfdodingen door ouderen zal stijgen. Even zo vaak zijn deze bezwaren weerlegd. Veiligheid is aanvaardbaar te garanderen (beter dan bij veel andere middelen die dodelijk zijn) en als er al een stijging van zelfdodingen onder ouderen zal zijn, dan illustreert die eerder de nood en daarmee de behoefte dan het bezwaar.

Lees ook reacties uit de zorgsector. ‘Je maakt willens en wetens iemand dood’

Zeker is dat die nood mensen nu doet grijpen naar gewelddadige middelen. Tegenstanders menen ook dat verwijzing naar gewelddadige zelfdoding het debat chanteert, maar helaas: die zelfdodingen zijn bittere werkelijkheid.

Huib Drion verwees ook al naar de vermeende bezwaren, maar zette zijn betoog consequent in het licht van de behoefte van oude mensen aan het kunnen beschikken over een dodelijk middel en het ontbreken van steekhoudende argumenten hen dit te onthouden. Wij menen dat deze positiekeus onverminderd kracht heeft. Elk debat dat zich van mensen en hun authentieke behoeften vervreemdt, diskwalificeert zichzelf. De behoefte die Huib Drion vermoedde onder zijn leeftijdgenoten, heeft zich intussen vertaald in harde cijfers.

Frederique Defesche berekende in 2010 dat in Nederland ongeveer 70.000 mensen hun leven als voltooid ervaren. Een aantal van hen wil sterven. Onderzoekster Mette Rurup constateerde in haar proefschrift uit 2005 dat 5 procent van de euthanasieverzoeken kwam van mensen ouder dan 80 die geen ernstige ziekte hadden; hun verzoek werd vrijwel nooit gehonoreerd. Onderzoek uit 2008 laat zien dat het draagvlak voor de beschikbaarheid van een dodelijk middel het sterkst stijgt bij mensen ouder dan 65 (tussen 2001 en 2009 steeg de steun onder deze groep van 31 procent naar 45 procent, in 2014 was dit 51 procent). Het Burgerinitiatief Voltooid Leven (2010), dat het voorstel van Drion dichterbij wilde brengen, kreeg binnen enkele weken steun van bijna 117.000 mensen.

Onder ouderen is het aantal officiële zelfdodingen weliswaar iets gedaald, maar nog altijd 12,7 per 100.000 en bekend is dat er sprake van onderregistratie is (zelfdoding die als natuurlijke dood wordt geregistreerd, sowieso een probleem bij suïcidecijfers). Ten slotte: 60 procent van de zelfdodingen in verzorgingshuizen is gedaan vanwege een voltooid leven.

NRC peilde de mening van gewone Nederlanders over de euthanasiepraktijk en schreef over thema’s die hen sterk bezighouden. Lees hier ons euthanasiedossier.

Deze cijfers zijn vooral hard vanwege de werkelijkheid die erin schuilt. Met Drion zeggen wij: deze werkelijkheid moeten we niet willen. Mensen die in nood aan hun lot worden overgelaten om vervolgens oud en der dagen zat in moeite en verdriet door te leven. Of dat niet opbrengen en tot gewelddadige en eenzame zelfdoding overgaan.

De Coöperatie Laatste Wil (CLW) is vergevorderd om de beschikbaarheid van een veilig en humaan dodelijk middel, zonder bijzondere voorwaarden, bereikbaar te maken. Zij wil een proeftuin op basis van een gedoogconstructie, zoals destijds is gebeurd met verstrekking van methadon. De CLW-leden zijn betrokken bij de precieze vormgeving hiervan en er is goed overleg met de top van het ministerie van Justitie.

Deze weg mag beslist niet verward worden met wat de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde sinds kort voorstaat. In de jongste beleidsvoorstellen verbindt zij de beschikbaarheid van een middel met allerhande voorwaarden en geeft artsen er een rol in, waarmee de NVVE zich wel erg van Drion vervreemdt.

CLW, daarentegen, zet zich – Drion indachtig – in om daadwerkelijk te komen tot een veilig humaan middel. Gedreven door de woorden waarmee Drion destijds zijn artikel afsloot: „Waarom mag iemand die boven de grens van het ‘natuurlijke’ leven voortleeft, niet zeggen: nu is het genoeg geweest?”