‘Nederland moet klimaatbeleid aanzienlijk aanscherpen’

Nederland gaat doelen van Parijs-akkoord niet halen als langetermijnbeleid blijft ontbreken, waarschuwt WRR in rapport.

Foto ANP / Bart Maat

Nederland haalt de doelstellingen van het klimaatakkoord van Parijs niet als de politiek er niet in slaagt om milieubeleid voor de lange termijn te formuleren. Invoering van een klimaatwet en de aanstelling van een ‘klimaatautoriteit kunnen eraan bijdragen dat het Nederlandse klimaatbeleid wel toekomstbestendig wordt.

Dat stelt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid in een donderdag gepubliceerd advies aan staatssecretaris Dijksma (Infrastructuur en Milieu, PvdA). In het huidige klimaatbeleid domineert het kortetermijnperspectief, schrijft de raad in het advies.

Nederland moet haar klimaatbeleid aanzienlijk aanscherpen om „een nationale uitwerking te geven aan het klimaatakkoord van Parijs en het Europese besluit dat alle lidstaten in 2019 moeten beschikken over een nationaal klimaat- en energieplan voor 2030”.

De WRR staat niet alleen met haar kritiek. Vorige maand oordeelde ook de Raad van State in haar advies over de miljoenennota dat het daarin ontbreekt aan „concreet, consistent en geloofwaardig beleid voor het klimaat voor de langere termijn”.

Omslag naar CO2-arme economie nodig

Zo’n langetermijnvisie vergt volgens de WRR andere vormen van politiek bedrijven. „Vanuit politieke overwegingen ligt het dikwijls voor de hand om prioriteit te geven aan de korte termijn, zelfs als er tijdig gewaarschuwd wordt voor hoge kosten in de toekomst.” Bovendien is de Nederlandse economie, meer dan in andere Europese landen afhankelijk van fossiele brandstoffen. Bijna iedereen is aangesloten op het aardgasnetwerk, energie-intensieve industrieën vormen 12 procent van het bruto nationaal product en de Nederlandse staatskas is voor 20 procent afhankelijk van fossiele brandstof. „Meer dan in andere Europese landen vergt een omslag naar een CO2-arme economie in Nederland dan ook een breuk met historisch gegroeide afhankelijkheden.”

In een klimaatwet moeten de doelstellingen voor de lange termijn worden vastgesteld, vooral als het gaat om het vastleggen van een „ambitieus emissiebudget voor broeikasgassen”. Bovendien moet de wet voorzien in de aanstelling van een klimaatautoriteit, een instituut dat op afstand staat van de dagelijkse politieke gang van zaken en gevraagd of ongevraagd adviseert over de langetermijnstrategie van het klimaatbeleid.

Pleidooi voor publieke investeringsbank

De WRR bepleit verder de komst van een publieke investeringsbank met kapitaal waarmee klimaatprojecten gefinancierd kunnen worden die commercieel nog niet rendabel zijn. Nederland heeft geen nationale investeringsbank meer en is daarmee een uitzondering in de westerse wereld, aldus de WRR. De oprichting ervan kan aansluiten op het Europese Fonds voor Strategische Investeringen, het zogeheten Junckerfonds. Dat fonds stelt geld beschikbaar onder de voorwaarde dat er ook nationale co-financiering beschikbaar is.

Vorige maand dienden PvdA en GroenLinks een gezamenlijke initiatiefwet over het klimaat in bij de Tweede Kamer. Daarin worden Nederlandse klimaatdoelen in de wet verankerd: vermindering van de CO2-uitstoot met minstens 95 procent in 2050 en een 100 procent duurzame energievoorziening.

Staatssecretaris Dijksma zei bij de presentatie dat ze het klimaatadvies van de WRR zal betrekken bij de kabinetsreactie op het initiatiefwetsvoorstel van GroenLinks en PvdA. “De opgave is immens. We moeten de fossiele afhankelijkheid zien kwijt te raken.”