Lekker

CULRoosmalen 1

Het was kutweer en ik fietste met een hele sliert ‘aangetrouwde’ familie achter me aan over Terschelling. Aan het stuur hing de dochter in een zitje, samen worstelden we tegen wind en regen. „Ja, nu hebben we het koud”, werd er tegen mij gezegd, „maar dan hebben we het straks in het huisje lekker warm”.

Ook gehoord: „Als we nu niet zoveel eten zijn we straks lekker hongerig.”

Ik was de enige die ‘werk’ had meegenomen naar het eiland, waardoor ik maar half meedeed. Je zou ook kunnen zeggen dat ik maar voor de helft aanwezig was.

Zelfs gehalveerd kon ik veel zijn, dat had ik dan met mijn vader gemeen die zichzelf hele zomervakanties in Zwitserland publiekelijk in de weg zat met meegenomen rapporten. Iedereen waaide lekker uit en ik zag mijn planning in duigen vallen door tegenwind, nu moest ik straks weer afhaken als de rest voor de open haard aan een potje Yahtzee begon.

„Als ik nu maar lang genoeg niets doe heb ik het straks lekker druk”, zei ik toen de vriendin even naast ons kwam fietsen.

Zet mensen een week bij elkaar in een huisje en ze veranderen. Op Terschelling worden de meeste mensen heel open en positief. Ze zeggen dat dit aan het eiland ligt, en dat zal ook wel, want de voorbeelden lopen je soms letterlijk voor de wielen.

Tijdens dezelfde fietstocht, ik lag inmiddels een paar honderd meter achter, verbaasde ik me over drie vrouwen die in de stromende regen gebukt op de hei stonden.

Ik trapte ervoor op de rem.

„Bent u wat kwijt?”, vroeg ik. „Kan ik u ergens mee helpen?”

„Nee hoor!”, kraaide er een iets te enthousiast terug. „Wij plukken cranberry’s!”

Ze kwam al aangedraafd om in haar plastic emmertje te laten kijken.

„Wilt u er een paar proeven?”

Ik liet me een paar bessen in de mond stoppen en zei al volautomatisch ‘hmmm, lekker’, want dat zeggen ze de hele tijd op Terschelling als ze iets in hun mond stoppen.

Ik vertelde het voorval toen ik weer bij het huisje was, want dat doe je ook in een huisje op Terschelling: heel uitvoerig over niets praten en daarna ‘grappig’ of ‘leuk’ tegen elkaar zeggen. De moeder van de vriendin zei „hmmm, hagelslag”, terwijl ze het jarige gebit in een bruine boterham met hagelslag zette, maar toen ik daarna „hmmm lekker, thee!” zei, gaf mijn vader me postuum een trap onder de tafel.

Leuk hoor, dat ik me aan deze familie zoveel minder ergerde dan aan mijn eigen familie, maar dit was overdreven.

„Ik ga even lekker werken”, zei ik toen ik in een van de slaapkamertjes ging zitten.

Marcel van Roosmalen heeft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.