Recensie

Corruptie en terreur: met dank aan Jeltsin

Rusland

David Satter ziet Rusland als een groot crimineel systeem. Het was te voorkomen als Boris Jeltsin een rechtsstaat had opgebouwd.

Foto REUTERS/Denis Sinyakov

Om te begrijpen wat er in Rusland gebeurt, moet je het onvoorstelbare kunnen geloven. Kijk dus niet met een westerse bril naar dat land en houd op met hameren op de mensenrechten. In Rusland telt het individu immers niet. Je ziet het in Syrië, waar Poetin zijn luchtbombardementen op Aleppo voortzet en geen oog heeft voor het leed onder de bevolking. Alles draait er om macht.

De eminente Amerikaanse Ruslandkenner David Satter (1947) analyseert dat Russische machtsdenken in zijn nieuwe boek The Less You Know the Better You Sleep met veel kennis van zaken. De gebeurtenissen die hij behandelt zijn in grote lijnen bekend, maar door zijn aanpak krijg je er toch een scherpere kijk op.

Opmerkelijk is dat hij felle kritiek levert op president Jeltsin, die Poetin als zijn opvolger naar voren schoof in ruil voor juridische immuniteit. Hij is volgens Satter verantwoordelijk voor het ontstaan van een gewelddadig, crimineel systeem, dat het hele land in zijn greep heeft.

De basis voor dat systeem werd in Jeltsins tweede termijn gelegd. Met nieuwe presidentsverkiezingen op komst woedde in Moskou eind jaren negentig een hevige machtsstrijd tussen de Jeltsin-clan en burgemeester Joeri Loezjkov. Personen rond Jeltsins corrupte dochter Tatjana zouden de corrupte Loezjkov in diskrediet willen brengen, door terreuraanslagen op overheidsgebouwen te plegen, ontvoeringen door Tsjetsjeense rebellen te organiseren en criminele bende-oorlogen in de hoofdstad aan te moedigen.

Ook het opblazen van appartementsgebouwen in Moskou en andere Russische steden in september 1999, waarbij honderden mensen omkwamen, is volgens Satter onderdeel van die strategie. Hoewel hij en tal van andere critici Poetin en de FSB (de opvolger van de KGB) verantwoordelijk houden voor het uitvoeren van die aanslagen, moet het plan al veel eerder bij de Jeltsin-clan zijn gerezen, waarschijnlijk zelfs voordat Poetin premier werd. Poetin dankte er evenwel zijn populariteit aan. Dankzij de oorlog tegen Tsjetsjenië, die hij na de aanslagen begon, schoot zijn populariteit omhoog en was zijn overwinning in de presidentsverkiezingen verzekerd.

Wat Satter Jeltsin nog het meest verwijt, is dat hij heeft verzuimd om na de val van het communisme een rechtsstaat op te bouwen. Zo’n rechtsstaat had kunnen voorkomen dat een kleine groep zakenlieden, hoge bureaucraten en FSB-generaals zich schaamteloos, en soms met geweld, kon verrijken door op illegale wijze en op een koopje geprivatiseerde staatsbedrijven in handen te krijgen. Tegelijkertijd konden politieagenten en lokale bestuurders in kleine criminelen veranderen, die ondernemers afpersten en onteigenden. Geleidelijk aan raakte zo de hele samenleving gecorrumpeerd.

Over de bomaanslagen van 1999 schreef Satter eerder het overtuigende Darkness at Dawn , dat ervoor zorgde dat hij sinds 2013 Rusland niet meer in mag. Ook in zijn nieuwe boek vormen ze het uitgangspunt voor zijn betoog. Zo benadrukt hij hoe lokale, fatsoenlijke FSB-functionarissen, journalisten en leden van de parlementaire onderzoekscommisie, die de waarheid probeerden te achterhalen, hun inspanningen met ontslag, arrestatie of de dood moesten bekopen.

Even aannemelijk toont hij aan dat de FSB in hoge mate verantwoordelijk is voor andere terreuroperaties zoals de gijzeling van het publiek in het Moskouse Doebrovkatheater en van de school in Beslan.

Satter eindigt zijn boek, dat als een detective leest, met de oorlog in Oekraïne. Hij trekt daarbij parallellen tussen het regime van Poetin en dat van de verdreven president Janoekovitsj. Ook onder de laatste hielden onafhankelijke rechtbanken op te bestaan en werden op grote schaal bedrijven door zijn getrouwen onteigend. Die criminalisering was een belangrijke reden voor de Maidan-opstand van 2014. Juist daarom moest Poetin, die voor een vergelijkbare opstand in eigen land vreest, ingrijpen en de nieuwe machthebbers van Oekraïne bij zijn volk in diskrediet brengen. Tot nog toe is hem dat gelukt, zolang de gevechten niet uit de hand lopen. Het Oekraïense leger is nu beter bewapend en getraind en kan aan Russische kant veel meer slachtoffers maken dan in een eerder stadium. Satters conclusie is dan ook weinig geruststellend, zeker niet omdat Rusland diep in de economische put zit en zich met veel borstklopperij steeds dieper ingraaft. Een leider in het nauw is tenslotte in staat tot de ongelooflijkste daden.