‘Wachtlijsten ggz groeien doordat geld wordt opgepot’

Op veel plekken gaat het mis, zegt de brancheorganisatie. De problemen zijn groter dan vorig jaar.

Archiefbeeld. Foto Roos Koole / ANP

De wachtlijsten in de geestelijke gezondheidszorg zijn langer dan ze in 2015 waren, terwijl geld dat voor de ggz bedoeld is niet wordt uitgegeven. Dat stelt de brancheorganisatie GGZ Nederland vast na een onderzoek onder ggz-instellingen. De oorzaak van die problemen ligt volgens de organisatie vooral bij gemeenten en zorgverzekeraars.

De tijd die jongeren moeten wachten voor ze bij een gezondheidszorginstelling terecht kunnen voor een aanmeldgesprek is bij 87 procent van de instellingen gelijk gebleven of gestegen, blijkt uit het onderzoek. Dat terwijl de wachttijd in 58 procent van de gevallen langer is dan de norm van maximaal vier weken die daarvoor staat. Het lukt meestal wel om de daadwerkelijke behandeling op tijd te beginnen, hoewel ook daar nog 9 procent er langer over doet dan de maximale tien weken. Die cijfers liggen voor volwassenen ongeveer hetzelfde.

De oorzaken van de lange wachttijden verschillen, stelt GGZ Nederland vast. Zo kan het zijn dat de gemeente of de verzekeraar te weinig zorg heeft ingekocht, maar zijn er ook gebieden waar bijvoorbeeld te weinig psychiaters zijn. De organisatie zegt met de zorgverzekeraars, beroepsverenigingen en cliëntenorganisaties op zoek te willen naar de oorzaken en mogelijke oplossingen.

Jaarlijks worden afspraken gemaakt over de geestelijke gezondheidszorg die wordt ingekocht. Daarbij worden het soort zorg en de prijs vastgelegd. Volgens GGZ Nederland hebben zorgverzekeraars voor 2016 minder ggz ingekocht dan voor een jaar eerder. Het bedrag dat de minister voor de ggz had vrijgemaakt zou echter hoger zijn dan het bedrag dat nu vastligt. De organisatie vindt dat ook dat geld gebruikt moet kunnen worden.