In Davao vinden ze Duterte helemaal geen monster

De zuidelijke Filippijnse stad Davao wordt ook wel ‘Duterte City’ genoemd, naar de omstreden president die er 22 jaar burgemeester was. Ondanks zijn gewelddadige reputatie wordt hij er op handen gedragen.

Mayelle Wycoco (37) uit Manilla is groot fan van Duterte. Met haar baby op de arm laat ze zich naast een kartonnen versie van de president fotograferen voor diens huis in Davao. Foto Floris van Straaten

Tegen zijn gewoonte in is de omstreden Filippijnse president Rodrigo Duterte deze zondagmiddag niet thuis. Bij gebrek aan beter posteren bewonderaars zich dan maar naast een kartonnen beeltenis van hun held, om zich te laten fotograferen voor zijn lichtgroen geverfde huis in een bescheiden villawijk van de zuidelijke stad Davao. Stalletjes met Duterte-stickers, -bekers en -vlaggetjes voorzien van portret en verkiezingslogo - een gebalde vuist – doen ondanks de hete tropenzon goede zaken.

Foto Floris van Straaten

Stickers van Duterte vinden gretig aftrek. Foto Floris van Straaten

„Ze noemen deze stad nu Duterte City. Zelf vind ik het ook een geweldige vent”, zegt Mayelle Wycoco (37) geestdriftig over de man die wereldwijd de aandacht trekt met zijn meedogenloze oorlog tegen de drugs. Wycoco werkt voor een coöperatieve bank in de hoofdstad Manila en heeft zich net met haar baby op de arm door haar man laten fotograferen naast de nep-Duterte. „Zijn oorlog tegen de drugs steun ik volledig. Het is hier bovendien veel schoner dan in Manila en de mensen zijn heel beleefd. Het is net Singapore.”

Die vergelijking met Singapore, een in dit deel van Azië zeer bewonderde enclave van welvaart, duikt vaker op maar is nogal vergezocht. Davao is weliswaar een voor Filippijnse begrippen ordelijke provinciestad met zo’n anderhalf miljoen inwoners, maar de meesten hebben een levensstandaard die in de verste verte niet aan die van de Singaporezen kan tippen. En terwijl er in Singapore met zijn ruim vijf miljoen inwoners in 2011 welgeteld zestien moorden plaatshadden, waren dat er in Davao over de periode van 2010 tot 2015 liefst 1032, gemiddeld ruim 200 per jaar. Dat is minder dan vroeger, maar nog altijd veel, ook naar Filippijnse maatstaven.

Toch draagt de bevolking van Davao Duterte, tussen 1988 en 2016 met tussenpozen 22 jaar lang burgemeester, op handen. Niet voor niets stemde zo’n 90 procent van de inwoners op hem bij de presidentsverkiezingen. Mee speelde daarbij ook dat Duterte de eerste president in de Filippijnse geschiedenis is die van het zuidelijke eiland Mindanao komt en niet uit de oude elite van Manila.

„Hij is de vader van onze stad”, jubelt een oudere vrouw in een rode jurk die net een kerkdienst heeft bijgewoond in het centrum.

„We houden van hem. Altijd stond hij klaar om de minder bedeelden te helpen. Hij liet bejaardenhuizen bouwen en jeugdcentra en spande zich erg in voor kinderen met kanker.”

Ondanks haar lofzang op Duterte wil ze haar naam niet geven.

IJzeren vuist

Dat hun vroegere burgemeester, een voormalige officier van justitie, de orde met ijzeren vuist handhaafde en mogelijk zelfs samenwerkte met doodseskaders wuiven de inwoners weg. „Gelooft u vooral niet al die geruchten die over hem de ronde doen”, waarschuwt Aris Sigue (37), een vriendelijke software programmeur. ,,Hij is helemaal geen monster. Integendeel, Duterte is de eerste politicus in mijn leven die ik bewonder.”

De lokale afdeling van de Filippijnse Mensenrechtencommissie, een door de regering opgezette, op papier onafhankelijke organisatie, bevestigt dat er door de jaren heen veel moorden zijn gepleegd in Davao. Vaak ging dat volgens een zelfde patroon, waarbij bewapende mannen op motorfietsen mensen onverhoeds aanvielen. Soms ’s nachts, soms overdag. Vooral mannen, soms ook jongens die verdacht werden van drugshandel of andere misdrijven, werden zo zonder vorm van proces gedood.

Lees ook dit verhaal dat Floris van Straaten maakte over de drugsoorlog in Manila: afkicken of politiekogel

„Volgens hardnekkige geruchten was Duterte hierbij betrokken”, zegt Edmundo Abbay, directeur van de afdeling:

„Het grote probleem is alleen: dit is niet bewezen. Aanwijzingen dat het door de reguliere politie gebeurde zijn er niet. Ook verder zijn er geen getuigen over in de openbaarheid getreden.”

Afgezien dan van een oud-lid van zo’n eskader. Hij getuigde half september bij een hoorzitting in de Filippijnse Senaat dat Duterte persoonlijk opdracht had gegeven tot het doden van veel mensen. Ook had hij zelf volgens dezelfde getuige een gewonde man met kogels uit een Uzi-machinepistool doorzeefd. Duterte liet het aan zijn woordvoerder over om dit tegen te spreken.

Volgens Abbay zijn er nog steeds moorden in Davao, zij het minder frequent dan vroeger. „Soms lijken zulke moorden politiek gemotiveerd”, zegt hij.

„Maar het is bijzonder moeilijk voor ons deze berichten te verifiëren. Nabestaanden werken doorgaans niet mee met onderzoek uit vrees voor represailles.”

Vier zoons gedood

Een van de weinigen die de zaak wel openlijk heeft aangekaart is Clarita Alia, een vrouw die een groentestalletje beheert op de Bankeroham-markt, een grote markt voor mensen met een bescheiden beurs. Vier van haar zoons werden door onbekenden gedood. Wrang was vooral de dood in 2003 van de pas 14-jarige Bobby. Die had een mobiele telefoon gestolen en werd daarna volgens haar door de politie gewaarschuwd dat hij de gevolgen wel zou voelen. Een paar dagen later werd hij doodgestoken.

Ditmaal lijkt Clarita echter geen zin te hebben in contact met een journalist. Ondanks verschillende boodschappen vertoont ze zich niet op haar vaste plek. Twee vrouwen in het buurstalletje vertellen intussen bereidwillig dat Clarita’s zoons deel uitmaakten van bendes.

„Ze stalen als raven, ook van ons.”

Per saldo staat Davao er dankzij ‘Rody’ Duterte hoe dan ook beter voor dan toen hij voor het eerst aantrad als burgemeester, daarover zijn bewoners het vrijwel unaniem eens. Oudere bewoners herinneren zich de anarchie, waaraan grote delen van het zuidelijke eiland Mindanao ten prooi waren. Ook Davao. „Je had toen communistische strijders, die ongehinderd de stad in kwamen en aan het moorden sloegen maar ook zwaar bewapende radicale moslims, die zich hier als koningen met lijfwachten en al gedroegen”, zegt de bejaarde advocaat Raul Tolentino, die Duterte goed kent.

„Iedereen in Davao was doodsbang.”

Zeer te spreken zijn de meeste inwoners ook over een aantal andere onorthodoxe ingrepen van Duterte, een man met een autoritaire maar ook puriteinse inslag. Aan roken in het openbaar maakte hij een einde en minderjarigen mochten van hem na tien uur ’s avonds niet meer zonder begeleiding van ouderen de straat op, zodat de kans op rumoer kleiner is en mensen na een dag hard werken van een goede nachtrust kunnen genieten. Cafés mogen na één uur ’s nachts geen alcohol meer serveren, exceptioneel vroeg in een land dat vanouds houdt van uitgaan en vertier.

Op zijn motorfiets placht Duterte de stad te doorkruisen. „Als hij een jongen zag die met ontbloot bovenlijf op straat liep, riep hij die meteen tot de orde”, herinnert Tolentino zich. Softwareprogrammeur Sigue formuleert het zo: „Burgemeester Duterte heeft ons discipline bijgebracht.”