Recensie

Dertig jaar ervaring maakt een wereld van verschil

Klassiek

Sjostakovitsj gold onterecht een tijd als producent van irrelevante sovjetdeuntjes. Zijn kwartetten lopen als een rode draad door de geschiedenis van het Brodsky Quartet.

Wat ging er om in Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975)? De muzikale twintigste eeuw zit vol sappige anekdotes en verhitte discussie, maar van weinig componisten is er zo hevig gesteggeld over het privéleven – het leven van de ziel, zoals je in het geval van een Russische kunstenaar mag zeggen. Hij werd gevierd en verguisd door de Sovjetstaat, hij weigerde het land te ontvluchten en trad schoorvoetend toe tot de Partij. Jarenlang gold Sjostakovitsj als producent van irrelevante sovjetdeuntjes. Later kantelde het beeld: onder de socialistisch realistische bombast van zijn maakwerk broeide het van individualistische ironie.

Tegenover Sjostakovitsj’ vijftien veelbesproken symfonieën, die een spiegel zijn van het politieke krachtenveld, staat een minder courant corpus van vijftien strijkkwartetten. En in de beslotenheid van de kamermuziek, die grotendeels onder de radar van de censuur bleef, hield de componist een dagboek bij: van het quasi-naïeve eerste kwartet, verbonden met de geboorte van zijn zoon, tot de huiveringwekkende grafmuziek van Nr. 15 uit het jaar voor zijn dood. En of hij nu een schijnheilige opportunist was of de geniale chroniqueur van het bestaan in een totalitaire staat, Sjostakovitsj’ noten verraden een getroebleerd leven.

De kwartetten van Sjostakovitsj lopen als een rode draad door de geschiedenis van het Britse Brodsky Quartet. De concerten van een half jaar geleden in het Muziekgebouw aan ’t IJ zijn nu verschenen in een mooi verzorgde box van zes cd’s. Eind jaren 80 namen de Brodsky’s de cyclus ook al eens op, maar dertig jaar ervaring maken een wereld van verschil. Neem de volkse opening van Nr. 2: de eerdere strakke no-nonsense-benadering heeft plaatsgemaakt voor een wereldwijze gemoedelijkheid, serieus maar veel vrijer en niet bang voor zingende schoonheid.

De vroegere strengheid had zeker zijn charme. Maar de kracht van de nieuwe Brodsky-box schuilt in de lossere, gerijpte benadering, de gloed van de samenklank en de bereidheid de emotionele kern van de stukken persoonlijk te interpreteren.

Ruim zesenhalf uur muziek opnemen in een paar dagen tijd, dat gaat natuurlijk niet zonder smetjes, maar belangrijker is de consistentie van de visie. Je voelt dat er hier iets op het spel staat. Het samenspel is intens, risico’s worden niet gemeden. Voor sommige liefhebbers blijven de compromisloze opnames van het Borodin Kwartet, dat nauw met Sjostakovitsj samenwerkte, onovertroffen. Zo rauw en getormenteerd klinken de Brodsky’s niet, maar ze brengen de stukken wél levensecht, bevlogen en indringend. Veertig jaar na de dood van de componist blijkt er ruimte voor een universelere lezing van diens fenomenale dagboek.