Column

Cockpit

Personeel van Transavia zou soms hoog in de lucht en vliegensvlug de liefde bedrijven, als we de berichtgeving in De Telegraaf mogen geloven – wat we in dit geval natuurlijk maar al te graag doen, want seks in het vliegtuig prikkelt de fantasie meer dan seks in de hooischuur.

Het gaat om een 46-jarige vrouwelijke purser bij Transavia, die seks zou hebben gehad met (eveneens getrouwde) collega’s in de cockpit, de personeelsruimte en tijdens hotelovernachtingen.

De zaak kwam aan het rollen doordat de echtgenoot van de purser een digitaal dagboek van zijn vrouw vond, waarin ze haar amoureuze luchtavonturen met haar collega’s nauwkeurig had bijgehouden. De man nam wraak door haar collega’s per e-mail in te lichten over het gedrag van deze chef-stewardess, moeder van vier kinderen. Via een kort geding probeert de vrouw verspreiding van andere citaten uit haar dagboek te voorkomen.

Transavia heeft de zaak onderzocht, maar wil niet bevestigen dat de seks ook in de cockpit heeft plaatsgevonden. Dat is jammer, want het verhaal wordt minder interessant als de overspelige seks alleen in hotels heeft plaatsgehad. Dat is veel te gewoontjes, dat doen we allemaal.

Het moet om rauwe seks gaan, normaal laag-bij-de-gronds, maar nu zo hoog mogelijk in de lucht, of – nog beter – kort voor een noodlanding, en als het even kan tussen de captain zelf („Mijn naam is...”) en zijn purser, terwijl de copiloot doodserieus aan de stuurknuppel zit en de vrijpartij achter hem faciliteert door geen onverwachte vliegbewegingen te maken.

Aan alles is te merken dat Transavia zeer ongerust is over dit schandaal. Het verlangt van het personeel zich collegiaal op te stellen en de privé-informatie van de purser niet te verspreiden. Het helpt ook de vrouw bij het kort geding: „Het hoort bij ons personeelsbeleid om onze werknemers te steunen.” Dat is nobel, ook al lijkt mij dat de bedrogen echtgenoot van die werknemer misschien nog wel meer steun nodig heeft.

Transavia verzekert ons dat de veiligheid van de passagiers tijdens de seksvluchten niet in gevaar is geweest, maar hoe weten ze dat zo zeker? Hebben ze dat digitale dagboek van hun werknemer wel helemaal gelezen, of heeft die woedende echtgenoot de sappigste details achter de hand gehouden voor dat kort geding? „De gezagvoerder stond plotseling naast me, zijn pet scheef op zijn hoofd. ‘Fly me tot the moon’, zong hij zachtjes in mijn oor.”

Een praktisch gevolg voor Transavia, en misschien ook wel voor de andere vliegtuigmaatschappijen, is dat het vliegvocabulaire door dit schandaal erg is beschadigd. Wie durft het woord ‘cockpit’ nog onschuldig te bezigen, zelfs zonder de klemtoon op de eerste lettergreep? En neem de personeelsruimte, waar ook het een en ander zou hebben plaatsgevonden. Dat wordt ook wel de crewruimte genoemd, en er is altijd wel een of andere lollige cabaretier of columnist die raad weet met een kleine uitbreiding van dat woord.

Zelf zit ik met het probleem dat mijn vrouw veel last heeft van vliegangst. Ze wil al sinds jaren eigenlijk alleen maar met de KLM vliegen, niet met obscure maatschappijtjes. Transavia was als KLM-dochter ook nog wel aanvaardbaar, maar nu? Hoe krijg ik haar ooit nog het vliegtuig in? Of, nog erger, wil ze misschien opeens niets liever dan vliegen?

Frits Abrahams