Cultuur

Interview

Interview

Foto Reuters

‘Als TTIP klapt, is dat geweldig nieuws voor Vladimir Poetin’

Interview De Tweede Kamer stemt donderdag in met CETA, het handelsverdrag tussen Canada en de EU. Anthony Gardner, de Amerikaanse ambassadeur bij de EU, gelooft dat ook TTIP, het verdrag met de VS, het nog gaat redden.

Parmaham. Feta. Parmezaanse kaas. Dat zullen Amerikanen nooit helemáál begrijpen, zegt Anthony Luzzatto Gardner (53), Amerika’s ambassadeur bij de Europese Unie. „In Washington kijken ze naar die namen en zien ze een sóórtnaam, die ook zij in Europa op hun kaas en ham moeten kunnen zetten. Ze begrijpen niet dat voor Europeanen dit soort herkomstnamen beladen zijn met cultuur en trotse geschiedenis.”

Als íemand in staat is beide gezichtspunten te begrijpen, dan is het Gardner, die in het land was om te spreken op een conferentie van ING en Allen & Overy voor de top van het Nederlands bedrijfsleven. Sinds 2014 is hij de Amerikaanse ambassadeur bij de EU. Gardner woonde in Rome, Parijs en Londen en spreekt vijf talen. Als zoon van een Italiaanse moeder en de man van een Spaanse vrouw wijdde Gardner zijn hele carrière aan de band tussen EU en VS.

Soms heeft hij het moeilijk. Zoals bij TTIP, het omstreden handelsverdrag tussen de EU en de VS. Geografische herkomstnamen voor voedsel waren drie jaar geleden één van de eerste punten in de onderhandelingen. Een eenvoudige horde, zo werd gedacht. Maar drie jaar later is zelfs die nog niet genomen. Het Amerikaanse standpunt, zegt Gardner.

„Is dat de EU het systeem van geografische herkomstnamen misbruikt om protectionistische redenen.”

TTIP verkeert kortom in zeer zwaar weer. De Duitse vicekanselier Sigmar Gabriel noemde de onderhandelingen al „feitelijk mislukt”.

Gaat TTIP nog lukken?

„Ik denk dat veel mensen onderschatten hoeveel vooruitgang er al is geboekt. Op best wat onderdelen zijn we het eens, zoals het afstemmen van Europese en Amerikaanse regels voor auto’s, chemische stoffen en farmaceutica. Maar het is waar, we zijn niet waar we dachten dat we zouden zijn. Over het inmiddels beruchte mechanisme voor handelsarbitrage ISDS (Investor to State Dispute Settlement, red.) hebben we bijvoorbeeld nog geen overeenstemming.

„Toch geloven we nog steeds dat het mogelijk is tot een akkoord te komen. Dan heb ik het niet over ratificatie, maar over een deal. We zijn wel van mening dat het belangrijk is vaart te zetten. Wij, VS en EU, hebben nu de kans de regels van wereldhandel te formuleren op een wijze die onze manier van leven beschermt. Onze standaarden voor gezondheid, de natuur. Als wij deze kans nu niet grijpen, zullen andere landen die in rap tempo een steeds belangrijkere rol binnen de internationale handel spelen die standaarden zelf gaan bepalen. Dus we blijven naar de deadline toewerken van 20 januari 2017, ook al is dit zeker geen gemakkelijke tijd, en is handel nooit een makkelijk onderwerp geweest.”

Wat als u die deadline niet haalt?

„Dan verliezen we waarschijnlijk een paar jaar. Vanwege de Amerikaanse verkiezingen, een nieuwe regering. Degene die straks aan de macht komt, zal de tijd nemen te bepalen wat het beleid wordt. Dat duurt meestal een jaar. Tegen die tijd zijn er verkiezingen in onder meer Frankrijk en Duitsland, en in 2018 nadert de Europese Commissie alweer het einde van haar mandaat. Dus als we deze kans missen, zitten we al snel in 2020.”

Wat zegt het over de relatie tussen Europa en de VS dat het afsluiten van TTIP zoveel moeilijker blijkt dan gedacht?

„TTIP is niet de enige graadmeter waarlangs onze relatie moet worden beoordeeld. Op het gebied van klimaatverandering werken we heel goed samen. Ook zijn we nauwer dan ooit verbonden als het gaat om contraterrorisme of militaire samenwerking. Dus ja, TTIP is belangrijk. Maar er is meer dan dat.”

Stel, TTIP klapt. Wat zijn de gevolgen?

„Nou dat lijkt me om te beginnen geweldig nieuws voor Vladimir Poetin. Verdeeldheid creëren tussen de VS en de EU is altijd een speerpunt geweest van het Russische buitenlandbeleid. Wat een geweldig cadeau is het dan een Europa te hebben dat verdeeld en naar binnen gekeerd is, een Europa dat geen vrijhandelsverdragen meer nastreeft.

„Maar voor de relatie EU-VS zal een eventueel mislukken van TTIP niet het einde van de wereld zijn, omdat we nog op zoveel andere terreinen samenwerken. Ik mag me niet uitlaten over onze presidentskandidaten, maar ik denk dat het wel zo eerlijk is te erkennen dat een van hen deze deal niet zal willen doorzetten. De andere kandidaat zal dat denk ik wel doen, na een periode van reflectie.”

Waarom denkt u dat? Hillary Clinton heeft zich inmiddels ook tegen handelsverdragen gekeerd.

„Ik heb met haar en Bill Clinton gewerkt. Zij gelooft in vrijhandel, kijk maar naar haar politieke loopbaan. Tim Kaine, haar running mate, gelooft zonder twijfel in vrijhandel. Ik geloof dat zij de TTIP-deal grondig zal bestuderen en dan zal besluiten ermee door te willen gaan.”

Waar komt volgens u het sterke anti-vrijhandelssentiment vandaan dat zowel in Europa als de VS heerst?

„Ik heb in 16 van de 28 lidstaten gesproken over TTIP. Wat ik al snel leerde, is dat we niet bezig zijn een vrijhandelsverdrag te verkopen, maar vrijhandel. We verdedigen globalisering. Want dat is wat er op het spel staat. Zowel in Europa als in de VS heerst een gevoel van kwetsbaarheid, angst, frustratie. Mensen zijn nog niet hersteld van de klappen van de crisis. Met name de middenklasse voelt zich broos.”

Zij moeten ervan worden overtuigd dat vrijhandel en globalisering óók voor hen kan werken, zegt Gardner. „En niet alleen voor de top-1 procent, niet alleen multinationals. Tegelijkertijd moeten we duidelijker durven zeggen: ‘Ja, er zijn ook verliezers’. Netto telt een geglobaliseerde samenleving meer winnaars dan verliezers, maar er zijn verliezers. En het is zaak dat wij beter ons best gaan doen ons tot hen te richten. Niet alleen hebben we dat onvoldoende gedaan, we hebben het ook verkéérd gedaan. We verkochten TTIP als een revolutionaire deal. Maar mensen wíllen helemaal geen revolutionaire deals. We moeten TTIP eerder uitleggen als wat het is, een deal die voortbouwt op al bestaande afspraken. Een geografische uitbreiding van de al bestaande gedeelde markt.”

Zou het, gezien het heersende sentiment, toch niet verstandiger zijn TTIP on hold te zetten?

„Dat sentiment proef ik vaker. Europarlementariërs, vakbondsmensen die zeggen ‘we hebben een time out nodig’. Het doet me denken aan een geweldige musical die jarenlang in Londen werd opgevoerd, waarin het hoofdpersonage gedurende de voorstelling meermaals plots riep, ‘Stop the world! I want to get off!’ Maar het is niet mogelijk de wereld stop te zetten, net zoals er geen pauzeknop is voor globalisering. Het enige wat we kunnen doen, is bedrijven helpen beter te concurreren in een geglobaliseerde wereld. En niet: de grenzen sluiten en teruggaan in de tijd naar de jaren van protectionisme.”

Mensen drukken wél op de pauzeknop. Zie de Brexit.

„Mensen hebben sterk het gevoel dat ze de controle zijn verloren. De krachtigste slogan in de Brexit-campagne was niet voor niets ‘Take back control’. In de VS nu ‘Make America great again’.

“Nee… Met een vriend had ik gewed dat het Blijven-kamp met 50,5 procent zou winnen. Ik had het duidelijk mis. Heel veel mensen hadden het mis. Dat is wat zo zorgwekkend is. Hoeveel mensen hadden een half jaar geleden Donald Trump zien aankomen? Niemand. Onze beste analisten, onze beste voorspellers zagen dit niet aankomen. En dat maakt me bezorgd, want veel hiervan overvalt ons compleet.”

Vindt u dat het slecht gaat met de EU?

„Men moet een beetje sympathie hebben voor politici én de EU. De EU heeft veel crises gekend, maar nog nooit zoveel tegelijk. Meer dan een miljoen vluchtelingen, terroristische aanslagen, de Griekse crisis, de Brexit. Maar ik ben een Amerikaan, van nature een optimist. Ik zou graag zien dat Europese politici wat meer zelfvertrouwen uitstralen in plaats van om het hardst roepen waarom dingen zo slecht zijn. Laat mensen nou eens benadrukken wat er wél goed gaat.”

Zoals?

„Een voorbeeld: roamingkosten. In Londen zag ik overal advertenties van Vodafone met de strekking: ‘Bij Vodafone, hoef jij niet langer roamingkosten te betalen’. Nergens werd de EU genoemd. Terwijl het EU-wetgeving is waardoor roamingkosten zijn afgeschaft! Praten over de oorlog zegt de nieuwe generatie niets. Praat over dingen die relevant voor hen zijn. Geen roamingkosten betalen, geen geld hoeven te wisselen aan de grens, met Erasmus in het buitenland kunnen studeren. Voor jongeren zijn dát betekenisvolle dingen, maar ze worden niet benadrukt.”

Europa wordt onvoldoende verdedigd?

„In mijn eerste week als ambassadeur sprak ik met een hooggeplaatst iemand uit de Commissie die het mooi formuleerde. Hij zei: ‘Lidstaten moeten zichzelf beschouwen als aandeelhouders in een gemeenschappelijk project’. Het probleem is, dat doen ze niet. Ze praten over Europa als ware het een wezensvreemd object dat lidstaten iets aandoet. Waar dat toe kan leiden, zagen we in het Brexit-referendum. Lidstaten dragen verantwoordelijkheid bij het ondermijnen van het Europese project. Dat moet stoppen.”

Het doet denken aan Amerikaanse Congresleden die, eenmaal terug in hun thuisstaat, met een beschuldigende vinger naar Washington wijzen.

“Absoluut. We horen continu insiders die plots zeggen, ‘Washington? Ik ben nooit onderdeel geweest van Washington. Ik hoor niet bij het establishment’. Het is een zichzelf versterkend mechanisme en het is volkomen verkeerd.”

Welke patiënt is er in uw ogen slechter aan toe; de VS of Europa?

„Ik was onlangs aan de Amerikaanse westkust. LA, Silicon Valley, San Francisco. Dat is een eiland, ik geef het toe, het staat niet voor heel de VS. Maar gedurende tien dagen was ik omringd door jonge, optimistische, ondernemende mensen die investeren in de toekomst, risico’s nemen…”

Gardner haalt diep adem. „Zuurstof. Zo voelde het. En dan ga je terug naar Brussel…” Hij krimpt ineen. „Angst, defensief, bescherming. Lees toespraken van Europese leiders en kijk hoe vaak woorden als ‘beschermen’ en ‘verdedigen’ gebruikt worden - een voorbeeld is de recentste State of the Union van Commissievoorzitter Juncker. Ik zou graag een Europa willen zien dat in zichzelf gelooft, in plaats van een Europa dat angstig is.”