Commentaar

Verkeerd begrepen loyaliteit zorgt voor uitglijder korpschef

De voormalige korpschef van de Nationale Politie Gerard Bouman. Foto Bas Czerwinski/ANP

‘Waakzaam en dienstbaar’ luidt het motto van de politie. Dat impliceert ook waakzaamheid jegens zichzelf. Een politiecultuur waar men kritisch is op zichzelf, gedrag bijstuurt en in ernstiger gevallen disciplinaire maatregelen treft. De plicht om verantwoording af te leggen dus. Tot nu was er weinig reden om te denken dat het met de Nationale Politie hier niet goed zou zitten. In het laatste jaarverslag staat dat er op de 59.473 medewerkers in 2015 er 1.306 voorwerp van een integriteitsonderzoek waren. 131 politiemedewerkers werden in 2015 (voorwaardelijk) ontslagen, veelal om misbruik van positie.

Het verbaast daarom in hoge mate dat de vorige korpschef Gerard Bouman de vijf agenten, die bij de aanhouding van Mitch Henriquez zoveel geweld gebruikten dat hij overleed, een baangarantie gaf, financiële compensatie beloofde en hun de politiepas weer teruggaf. Tegen deze agenten liep destijds een strafrechtelijk onderzoek. Inmiddels worden twee van hen vervolgd op verdenking van dood door schuld, of mishandeling. Het vijftal was destijds geschorst door de chef van de eenheid-Den Haag, wiens beslissing de oud-korpschef dus materieel geheel terugdraaide.

Wat heeft de korpschef bezield bij deze monumentale uitglijer? Loyaliteit en onderlinge solidariteit is in de politiecultuur zowel een sterk als een zwak punt. Het bevordert de teamgeest maar kan ook het toedekken van excessen en tunnelvisie uitlokken. Aan de politieleiding om het korps daarin in het rechte spoor te houden. Dat betekent streng en rechtvaardig zijn – en ethisch besef demonstreren. Dat heeft de politie niet alleen verdiend, maar daar heeft ze ook het meeste baat bij. Alleen een rechtsstatelijke, correct geleide politie krijgt immers respect en vertrouwen op straat.

Bouman deed het omgekeerde. Hij keerde het slachtoffer de rug toe door zich geheel solidair met de vijf agenten te verklaren en beschadigde aldus het vertrouwen van de burger in de politieleiding. Tegelijk verlaagde hij de drempel voor zorgvuldige geweldstoepassing en holde hij het gezag van de regionale eenheidschefs uit. De politie was hier vooral dienstbaar aan zichzelf en niet aan de samenleving.

Dit is de tweede onaangename verassing die Bouman nalaat. Eerder was er al het schandaal rond de ondernemingsraad die 1,6 miljoen mocht besteden aan adviezen en vergaderlocaties en tegelijk privé een dubbele onkostenvergoeding toucheerde. De oud-korpschef is nog als adviseur in dienst tegen €180.000 per jaar. Er hangt nu veel af van de manier waarop opvolger Akerboom dit schandaal oplost. De integriteit van het korps staat op het spel.