Rem op slikken voorkomt te veel drinken

Fysiologie

Als mensen veel water hebben gedronken, gaat slikken steeds moeilijker. Dat voorkomt watervergiftiging.

Wandelaars vullen hun waterflessen bij de Nijmeegse Vierdaagse. Foto Piroschka van de Wouw / ANP

Steeds moeilijker kunnen slikken is de natuurlijke reactie van het lichaam op te veel water drinken. Dat verklaart waarom mensen vanzelf stoppen met drinken als ze hun dorst voldoende gelest hebben. Australische wetenschappers van de University of Melbourne hebben dit neurologische slikremmechanisme in kaart gebracht met hersenscans van proefpersonen in dorstige en vervolgens ‘overdronken’ toestand. Het onderzoek staat gepubliceerd in het wetenschappelijk blad PNAS.

Het biologische mechanisme achter ‘dorst’ is goed begrepen, maar dat geldt niet voor het ‘lessen’ van dorst, schrijven de Australiërs. Bij dorst registreren speciale receptoren in de lamina terminalis (een centraal hersengebied net boven de kruising van de oogzenuwen) dat de zoutconcentratie in het bloed toeneemt. In reactie daarop neemt de natriumconcentratie van het hersenvocht toe wat weer de dorstprikkel in gang zet. Daarnaast is er nog een hormonaal systeem (renine-angiotensine) dat reageert op veranderingen in de bloeddruk en ook een dorstgevoel opwekt.

Maar wat in het lichaam uiteindelijk het gevoel van ‘verzadiging’ met water reguleert, was nog niet in detail bekend. Het verdwijnen van het drogemondgevoel kan het ‘vanzelf’ stoppen met drinken niet verklaren.

Prefrontale hersenschors

Neurowetenschapper Derek Denton en zijn team hebben nu ontdekt dat die automatische terugkoppeling grotendeels is terug te voeren op de regulatie van slikken in de hersenen. De slikbeweging begint met een bewuste actie van de spieren in de mond en het strottenhoofd, die daarna verder autonoom verloopt in de slokdarm. Het voorbereiden van de bewuste actie vindt plaats in de prefrontale hersenschors. Bij proefpersonen was dat gebied actiever wanneer zij (te) veel water hadden gedronken dan toen zij nog dorstig waren. De onderzoekers zien dat als een aanwijzing dat mensen meer ‘moeite’ moeten doen om te slikken als zij al verzadigd zijn.

Het slikonderdrukkende signaal lijkt te komen uit hersenkernen in de hersenstam die ook betrokken zijn bij de kauwbeweging. De subjectieve beleving van de proefpersonen, die rapporteerden dat zij slikken ‘onplezieriger’ vonden naarmate zij meer gedronken hadden, kwam overeen met het beeld op de scans.

Mentaal voorbereiden

Met een MRI de hersenfunctie onderzoeken tijdens een beweging, zoals slikken, is niet mogelijk. Om een scherp beeld te maken moet de proefpersoon absoluut stilliggen. Daarom kregen de proefpersonen een slokje water (5 milliliter) in de mond voordat zij het apparaat in schoven. Daarin moesten zij zich mentaal voorbereiden op het doorslikken van het water, maar nog even wachten met de echte slikbeweging. Op dat moment maakten de onderzoekers de scans.

Extreem veel water drinken in korte tijd is gevaarlijk. De nieren kunnen het overtollige water dan niet snel genoeg afvoeren, en dan wordt het natriumgehalte van het bloed te laag. De zoutbalans in het lichaam raakt verstoord, waardoor cruciale organen als de hersenen kunnen opzwellen. Dat leidt tot hoofdpijn en misselijkheid, en in ernstige gevallen tot coma en als niet snel wordt ingegrepen tot de dood. De slikrem op te veel drinken is van levensbelang, schrijven de onderzoekers.