Kamerleden stellen vragen over verkoop van kunst door Oranjes

D66, PvdA en SP gaan Kamervragen stellen over de verkoop van kunstvoorwerpen door leden van de koninklijke familie. Aanleiding is een artikel in NRC van zaterdag waaruit blijkt dat de Oranjes in stilte voor miljoenenbedragen een groot schilderij (Boschbrand, uit 1850, van Raden Saleh) en een atlas met 1.200 oude tekeningen hebben verkocht.

De kunstwerken zijn niet eerst aan nationale musea aangeboden, maar rechtstreeks verkocht aan een buitenlands museum en een particulier. Daardoor is volgens kunsthistorici nationaal erfgoed verloren gegaan. Ook wordt betwijfeld of het schilderij wel privébezit was.

D66-fractievoorzitter Alexander Pechtold: „Dit is een stevige beschuldiging. D66 wil dat er nader onderzoek wordt gedaan.” Op 25 of 26 oktober wordt in de Kamer de begroting van de koning behandeld. Kamerlid Jeroen Recourt (PvdA) wil dan vragen stellen: „Wie was de eigenaar van het doek? Waarom wordt een belangrijk werk onder erbarmelijke omstandigheden in een rijksdepot beheerd? En is de verkoop volledig binnen de wettelijke voorwaarden geschied?”

Ronald van Raak (SP) dringt erop aan dat de Oranjes historisch belangrijke kunstwerken eerst aanbieden aan nationale musea. Dat dit nu niet is gebeurd noemt Van Raak „kwalijk”.

De Rijksvoorlichtingsdienst liet zaterdag in een persbericht weten dat de restauratie van het schilderij van Raden Saleh door de Oranjes zelf is betaald. Dat het doek niet behouden hoefde te blijven voor Nederlandse musea is volgens de RVD een keuze geweest van de staat, gemaakt toen het doek werd getaxeerd voor de successierechten.

Staats- of privébezit? pagina C8