Politici willen nader onderzoek verkoop kunst Oranjes

D66, PvdA en de SP willen onderzoek naar de rechtmatigheid van de koninklijke kunstverkoop.

D66-fractievoorzitter Alexander Pechtold: "Dit is een stevige beschuldiging. D66 wil dat er nader onderzoek wordt gedaan." Foto Remko de Waal / ANP

D66, PvdA en SP zijn van plan Kamervragen te stellen over de verkoop van kunstvoorwerpen door leden van de koninklijke familie. Aanleiding is een artikel van NRC waaruit blijkt dat de Oranjes stilletjes voor miljoenenbedragen een groot schilderij en een atlas met 1.200 oude tekeningen hebben verkocht.

De kunstwerken zijn niet eerst aan nationale musea aangeboden, maar rechtstreeks verkocht aan een buitenlands museum en een particulier. Daardoor is volgens kunsthistorici nationaal erfgoed verloren gegaan. Ook wordt betwijfeld of het schilderij wel privébezit was.

D66-fractievoorzitter Alexander Pechtold: “Dit is een stevige beschuldiging. D66 wil dat er nader onderzoek wordt gedaan.” Op 25 of 26 oktober wordt in de Kamer de begroting van de koning behandeld. Voorafgaand wil Jeroen Recourt (PvdA) een aantal vragen stellen, zegt hij:

“Wie was de eigenaar van het doek? Waarom wordt een belangrijk werk onder dergelijke erbarmelijke omstandigheden in een rijksdepot beheerd? Wie heeft de restauratie bekostigd? En is de verkoop volledig binnen de wettelijke voorwaarden geschied?”

‘Kwalijk en niet koninklijk’

Volgens Ronald van Raak (SP) zou bij een voorgenomen verkoop door de Oranjes eerst onderzoek moeten plaatsvinden “naar de esthetische en historische waarde van een kunstwerk”. Ook dringt hij erop aan historisch belangrijke kunstwerken eerst aan te bieden aan nationale kunstinstellingen. Dat dit niet is gebeurd met de genoemde kunstwerken noemt Van Raak “kwalijk en niet koninklijk”.

Lees meer over de kunst van de Oranjes: Geen Oranje wilde twaalf vierkante meter tijgers