Donna Hay: ‘Een goede foodfoto is veel meer werk dan alleen een filter’

Donna Hay pakt het maken van foto’s van eten een stuk serieuzer aan dan de gemiddelde instagrammer. De koningin van de foodfoto over hoe je een kijker laat watertanden.

©

Zou ze het echt menen? Als Donna Hay de vraag krijgt voorgelegd of iedereen dankzij Instagram voor foodstylist en -fotograaf kan spelen lacht ze: „A good food photo is only a filter away”, voor een goede voedselfoto heb je niet meer dan een (instagram)filter nodig. De Australische Hay (45) kan het weten. Ze geldt als de grondlegger van de hedendaagse foodporn. Sinds 2001 verschijnt haar werk maandelijks in haar eigen magazine. Van haar 24 kookboeken, waarvan de nieuwste – Life in Balance– net een paar weken in het Nederlands uit is, zijn meer dan vier miljoen exemplaren verkocht.

De heldere, met veel wit omlijste foto’s van eten die je tegenwoordig alom ziet, daar is Hay ooit mee begonnen. In de door haar gestylede foto’s staan de gerechten centraal, niet de omgeving. Het zijn cleane foto’s, zonder opsmuk, vaak met scherptediepte waarbij één object op de foto wel en andere objecten niet scherp zijn.

Moeilijk uit te leggen

Wat precies een goede foto van eten onderscheidt van een slechte, is echter zelfs voor Hay lastig te verklaren. „Ik heb er van tevoren over nagedacht, maar het is een van de moeilijkste dingen om uit te leggen.” Ze doet toch een poging.

Een goede foto is volgens Hay in ieder geval veel werk. Ze legt bewust extra aandacht op styling. „Hoe het eruit ziet is net zo belangrijk als hoe het smaakt. Je ontwerpt toch ook geen prachtige jurk om die vervolgens van een verschrikkelijke stof te laten maken?”, zegt Hay. De lezer is in haar ogen een vis, de foto het aas. „De schoonheid van de foto trekt de lezer aan. Als je gaat watertanden van een foto, dan is de kans groter dat je aan het koken gaat.”

Overal bestek

In Hay’s werk is vaak bestek aanwezig. Een belangrijk onderdeel van het verleiden, vindt Hay. „Ik wil dat het gerecht eruit ziet alsof iemand op het punt staat het te gaan eten”, zegt ze. En inderdaad, de vorken, lepels en messen liggen klaar, of hebben al werk gemaakt van het eten op de foto’s. Op andere afbeeldingen liggen uitgeknepen citroenen, of gemorste kruidenblaadjes. Volgens Hay zijn dergelijke toevoegingen een aspect van de aanhoudende balanceeract die ze in haar foto’s opvoert. „De foto’s moeten helder, maar niet steriel zijn”, zegt ze. „Er moet een bepaalde speelsheid in zitten.”

Foto’s van Hay’s werk beginnen niet altijd met eten. Vaak is een sfeerbord het uitgangspunt. Daarop staat welke sfeer en welk gevoel de foto moet uitstralen. Hay: „Je moet het proces zien als een trechter. We beginnen met een groot idee, bijvoorbeeld herfst, en dan komen er steeds meer dingen bij, zoals voor welk publiek de foto is bedoeld. Zo creëren we kleine verhaaltjes.”

Wat volgt is een bijna industrieel proces van foto’s maken. De gerechten zijn al eerder gemaakt, waardoor Hay al weet hoe het eruit zal zien. De fotostudio en testkeuken liggen naast elkaar, zodat er geen tijd verloren gaat. „Binnen een half uur moeten de gerechten toch wel op de foto staan”, zegt Hay. Op een goede dag schiet ze zo tussen de acht en twaalf gerechten.

Een kwestie van gevoel

Ondanks het gedetailleerde voorwerk blijft het op het moment suprême toch een kwestie van gevoel, zegt Hay. „We doen het zo vaak, en het moet altijd snel, je kunt niet bij alles stilstaan. Het is intuïtief, zoals ook een schrijver zijn eigen stijl heeft.”

Door platforms als Instagram delen steeds meer mensen hun eigen stijl met de wereld. Hay geldt voor velen als een inspiratiebron. „Dat is een groot compliment. We werken zo hard dat het verschrikkelijk zou zijn als niemand het op prijs zou stellen”, zegt ze. Maar zich vergelijken met instagrammers doet ze niet. „Fotograferen is niet hun professie, dus ik ga ze niet beoordelen.” Bovendien krijgt Hay er naar eigen zeggen weinig van mee. „Ik kijk al de hele dag naar eten, ik heb niet meer nodig.” Op Instagram kijkt ze zelf vooral ter inspiratie naar accounts over mode, architectuur en design.

Bang voor concurrentie is Hay niet. „Ik probeer me niet te onderscheiden. Ik doe gewoon mijn eigen ding. Ik kijk ook nooit naar collega’s.” Waar Hay wel op let, zijn haar lezers. En daarvoor zijn sociale media dan weer ideaal. Hay: „Mijn doel is om zoveel mogelijk mensen aan het koken te krijgen. Nu kan ik zien wie mijn gerechten maken, en welke gerechten ze maken. Zo weet ik wat werkt en wat niet.”

Maar hoe zit het dan met die opmerking over het gebruik van een filter? Is dat echt genoeg? Hay: „We lachen erover op kantoor. Het is geweldig dat mensen alleen nog een telefoon en een filter nodig hebben voor een smakelijke foto. Maar goed genoeg voor in een magazine of in een boek, nee, dat zijn filterfoto’s niet.”