Titelstrijd in hete lucht van een bakoven

WK wielrennen

Het WK in Qatar wordt te duur, sfeerloos, wellicht zelfs een farce als wedstrijden worden ingekort vanwege extreme hitte. Is het echt zo erg?

Tom Dumoulin Bas Czerwinski/ANP

De Hitte

Zonder twijfel het grootste punt van zorg bij organisatie, toeschouwers en deelnemers. De verzengende hitte van Qatar is de reden dat de WK wielrennen niet in september maar pas half oktober worden georganiseerd. Langjarige weermodellen geven dan een gemiddelde maximumtemperatuur van 35 graden aan, en zo zijn ook de voorspellingen. Verreweg het grootste deel van het peloton heeft al meer dan eens bewezen dat en erger aan te kunnen, bijvoorbeeld in de eerste etappes van de Vuelta van 2014, toen het in Andalusië meer dan 40 graden werd en de wind aanvoelde als uit een bakoven. Extreem, maar daar zijn de meesten op toegerust.

Een aantal Nederlandse renners is al een paar dagen in het naburige Oman om aan de hitte te wennen. Zij geven daarmee gehoor aan de folder ‘Beat the Heat’ die de UCI uitdeelde en waarin ruim aandacht wordt besteed aan het acclimatiseren: ‘Neem daar twee weken de tijd voor’ is de boodschap van de mondiale wielerbond. Niet iedereen doet dat: renners als Mark Cavendish en Greg Van Avermaet rijden zondag, op de dag van de ploegentijdrit in Qatar, eerst de najaarsklassieker Parijs-Tours, en vertrekken dan pas naar Qatar.

Parcours

Een regenboogtrui voor de wereldkampioen ontleent onder andere status aan de enorme afstand die renners ervoor moeten afleggen. In Qatar is dat niet anders; 257,3 kilometer. Maar de UCI behoudt zich sinds dit jaar het recht voor wedstrijden in te korten of zelfs te schrappen bij extreem weer. En temperaturen boven de 40 graden zijn extreem. Renners spreken van een kermiskoers als er nog slechts 150 kilometers overblijven – maar die boodschap bleek de voorbije week een vertaalfout te zijn. Bij extreme hitte zal worden ingekort, zei koersdirecteur John Lelangue in het AD, maar geen 100 kilometer.

081016NN_WKQatar

Groot aantal lokale rondes

Over het parcours van de wegwedstrijden is al veel te doen geweest. Na een testevent in februari uitten veel renners kritiek op het grote aantal lokale rondes over het opgespoten eiland The Pearl. Daardoor zou al vooraf vaststaan dat de wereldkampioen een sprinter zou zijn. De lus door de woestijn werd 60 kilometer langer en het aantal rondes ging van elf naar zeven. Wind gaat nu een veel grotere rol spelen in het verloop van de wedstrijd, en dat geeft meer kanshebbers op de wereldtitel.

Half september dreigden wielerploegen met een boycot van de ploegentijdrit. De UCI betaalt niet meer dan 2.000 euro mee aan de onkosten die ploegen moeten maken om hun materiaal naar Qatar te krijgen. Dat dekt bepaald niet de kosten, als je bedenkt dat Giant-Alpecin vorig jaar 60.000 euro kwijt was om de ploeg inclusief spullen naar de WK van Richmond te vliegen voor de ploegentijdrit. Een algehele boycot werd uiteindelijk afgewend, maar een flink aantal ploegen laat de ploegentijdrit toch voor wat die is, daar waar vorig jaar alle teams nog meededen.

Sfeer

Het Midden-Oosten staat niet bekend als een regio waar de wielersport populair is. En toch bestaat de jaarlijks terugkerende Ronde van Qatar al meer dan een decennium. Het is een meerdaagse koers die renners in het vroege voorjaar gebruiken om wedstrijdritme op te doen als het in Europa nog te koud is. De Qatar Cycling Federation werd opgericht in 2001 en is volgens sjeik Khalid bin Ali Thani, de voorzitter, al sindsdien bezig de WK wielrennen naar Qatar te halen.

Maar voor Tom Dumoulin staat het bij voorbaat vast: „Er zal weinig publiek zijn en het WK zal totaal sfeerloos worden”, zei hij onlangs tegen journalisten. En Jos van Emden, in februari aanwezig bij het testevent in Qatar tegen de NOS:

„Het leeft hier totaal niet. Er staat niemand langs de weg. Er gaat nooit een WK-sfeertje zijn. Maar ik laat me graag verrassen.”