Column

Gelaarsde liefde

Camps, Hugo 09-2013 54

Aad de Mos moet in een vorig leven een hooligan zijn geweest, dat kan niet anders. De ex-coach, nu voetbalanalist, ontziet vriend noch vijand. Week na week tackelt hij op tv-zenders de zelfgenoegzaamheid van het Nederlandse voetbal. Soms achterwaarts. Er kan geen schouderklop af voor Oranje en de topclubs van de eredivisie.

De woorden zijn van gewapend beton – er zit geen grassprietje tussen. Zijn hoofd met die immer vechtende ogen is al even stug. Aadje is niet op rubber gebouwd, hij is van grof cement. Wel altijd met kekke, geassorteerde schoentjes en een smetteloos wit hemd. De hand van een vrouw heeft hem geplooid naar vestimentair modernisme. Verder een man van hem alleen.

Aan de vooravond van de wedstrijd Nederland-Wit-Rusland neemt De Mos de hele Nederlandse voetbalcultuur op de schop. Hij schreeuwt het uit, in een Vlaamse krant. De Hollandse school moet per direct bij het grof vuil. Oranje moet definitief afscheid nemen van Arjen Robben. Nederland wordt geteisterd door een vacuüm aan kwaliteit. „Bij onze topclubs maken jonge Denen het mooie weer. Ajax heeft Dolberg en Feyenoord Jörgensen. Grote Nederlandse talenten zitten er niet aan te komen.”

De voetbalanalist heeft zich geërgerd aan het getreuzel van Danny Blind die een week lang bleef bidden dat Robben toch nog zou kunnen spelen tegen Wit-Rusland en Frankrijk. Het zat er niet in. Een duistere blessure aan de ribben bracht De Mos tot de vernietigende uitspraak: „Het is altijd wat met de glazen man.” Daarom zegt hij ijskoud: „Neem nu afscheid van Arjen Robben.”

In de analyse van De Mos is het eeuwige gemekker om Robben schadelijk voor de spelersgroep van de nationale selectie. Voetballers krijgen het gevoel dat ze het enkel kunnen redden als de speler van Bayern München bij de selectie hoort. Dan deel je aan de groep een brevet van wantrouwen uit. Robben is een intimidatiefactor geworden en dat kan het labiele Nederlands elftal niet hebben.

Het zijn harde woorden. Ongezien is dat een vedette van zijn generatie brutaal wordt afgeserveerd richting rusthuis. Dat hebben Cruijff, Van Hanegem, Rijkaard en Van Basten niet meegemaakt. Het is waar dat Robben al een jaar lang niet meer gespeeld heeft voor Oranje, maar zijn krediet bij Bayern is onaangetast, slepende blessurelast ten spijt.

In de resolute afwijzing van Robben treft De Mos een andere heilige koe: de Hollandse school. Ook opdoeken. 4-3-3 is een overjarig systeem waar Oranje niet eens de spelers voor heeft. Echte buitenspelers zijn er niet meer. Weg dus met dat romantische relict!

De oud-trainer van Ajax, PSV en Anderlecht sluit zijn grafrede af met de vaststelling dat het Oranjegevoel dood is. Althans in het voetbal. Dafne Schippers, Tom Dumoulin en Max Verstappen geven Nederlandse sportfans nog iets van nationale gloed. In het voetbal lijkt de onverschilligheid terminaal.

Volbloed voetbalman Aad de Mos is een kenner. Onafhankelijke geest ook die niet gestuurd wordt door kongsi’s. Zijn oordeel over Arjen Robben en bij uitbreiding over het Nederlands elftal is niet ingefluisterd door machtsspelletje. De constatering dat het krediet van bondscoach Danny Blind is opgebruikt bij pers en publiek is geen sluipmoord. Aad heeft een parler vrai die je bij weinig analisten terugvindt. In de Nederlandse voetbalhistorie zijn de afbrandingen van spelers en coaches niet bij te houden. Argwaan voor een dubbele agenda is geboden. De Mos valt daar enigszins buiten. Zijn belang is te herleiden tot liefde voor de sport. In zijn geval is dat gelaarsde liefde, wel altijd oprecht en grofgebekt. Geen smoesjes.

Hugo Camps is journalist, columnist en schrijver.